inspiratie Archieven - Pagina 3 van 5 - barbarasevenstern.nl

Categorie: inspiratie

  • Proeflezers, wat is het nut ervan?

    Proeflezers, wat is het nut ervan?

    Het moest er een keer van komen, mijn schrijverskind uit handen geven, dus dat is wat ik enkele weken geleden deed. Drie proeflezers lazen gedurende de zomervakantie het manuscript van Familiegeluk.  Inmiddels heb ik hun feedback ontvangen, de vraag is of ik er ook iets mee kan?

    Laat ik direct beginnen met te stellen dat het leuke van proeflezers is dat je direct bewondering oogst.

    ‘Je hebt gewoon een boek geschreven!’

    ‘Nou ja, boek, boek, het is een manuscript,’ antwoord ik dan snel.

    ‘Het heeft een begin, midden en eind,’ is het antwoord, ‘hoe super is dat!’

    En ze hebben gelijk, hoe super is dat? De afgelopen periode ben ik vooral bezig geweest met het comprimeren van mijn 550 pagina´s naar de 475 die het momenteel zijn. Het is makkelijk te vergeten dat het traject om zover te komen ook een hele prestatie is.

    ‘Het leest als een trein!’

    ‘Het is een echte pageturner!’

    Ik neem de complimenten in ontvangst. Het is goed ze te horen, maar nu wil ik weten wat er beter kan.

    Eigenaardigheden

    Want dat dit het geval is, weet ik zeker. Zoals ik eerder schreef ben je als schrijver op een gegeven moment blind voor de lacunes in je verhaal. Daarnaast heb je ook je eigenaardigheden. Zo blijk ik een onverwachte voorliefde voor eikenhouten tafels te hebben. En alle meelezers zijn het er over eens dat er te veel cappuccino’s en wijn gedronken wordt. Terwijl het op z´n minst opvallend is dat niemand rookt, zelfs niet begin jaren zestig, waarin een deel van mijn verhaal zich afspeelt.

    Taalgebruik

    Frappant is ook mijn soms archaïsch taalgebruik, waarschijnlijk een overblijfsel uit de tijd dat ik diep in de oudere meisjesboeken zat. Mensen zetten zich neer en deuren openen zich. Terwijl de uitdrukking dat iets je niet boeit weer ongepast is in 1963.

    Tijdens mijn eigen redactie betrapte ik mijzelf op een te veelvuldig gebruik van bijwoorden en hoewel ik daar sindsdien meer alert op ben, zijn mensen alsnog vertwijfeld of wanhopig als ze het even niet meer weten. Datzelfde geldt voor woorden en uitdrukkingen die ongemerkt in mijn hoofd zijn blijven hangen; zo opent de hoofdrolspeelster op één pagina twee keer haar mond om iets te zeggen en zijn staalblauwe ogen een te groot cliché.

    Taal Tikfouten

    Proeflezers kijken naar je verhaal. Loopt het lekker? Is het geloofwaardig? Grammatica en taalfouten (of zoals één van hen troostend zei ’tikfouten’) zijn in principe van latere zorg. Toch is het prettig als iemand ze al voor je aanstreept, want ondanks alle eigen checks blijkt ‘die versus dat’ of  ‘ij versus ei’ niet altijd even makkelijk. En zelfs de beginnersfout ‘ik wordt’ komt ook in mijn manuscript meerdere keren terug. Ik troost mij met de gedachte dat dictee nooit mijn sterkste punt is geweest en dat je simpelweg over je eigen fouten heen leest. Ik weet natuurlijk ook wel dat een bardame niet haar glazen met haar geblondeerde haren poetst.

    Meningen

    Kun je over taal nog het Groene Boekje erbij halen of de heerlijke Schrijfwijzer van Jan Renkema, voor de inhoud geldt: zoveel monniken, zoveel kappen. Ook mijn proeflezers hadden totaal verschillende meningen over een aantal gebeurtenissen in mijn verhaal. Wat de één niet meer dan een logisch gevolg vond, ging voor de ander veel te snel. Van geen van hen heb ik overigens gehoord dat de seks-scenes eruit moesten.

    Overeenkomsten waren vooral te vinden in de motivatie van personages. Zo vindt mijn hoofdpersonage Lisette een kistje met documentatie van haar overleden moeder. Een moeder met wie ze geen goede band had. Waarom wil ze dan toch de betekenis van de documentatie achterhalen? En waarom neemt de ‘slechterik’ zoveel risico?

    De feedback van de meelezers bevestigt ook dat door het verwijderen en samenvoegen van personages en scènes, relevante informatie is weggevallen. Dit zijn o zo belangrijke punten, die je als schrijver vaak niet meer opmerkt, omdat je teveel in het verhaal zit.

    Hoe nu verder?

    Het mag duidelijk zijn: er is weer werk aan de winkel. Met alle feedback in mijn achterhoofd ga ik nu zelf mijn manuscript in boekvorm doorlezen. Ik verwacht dat ik op deze manier vanzelf merk wat ik wel en wat ik niet aan moet passen. Het zou nog wel eens tot een verrassende wending kunnen leiden.

  • Niet storen, ik lees!

    Niet storen, ik lees!

    Het zal je niet verbazen dat ik vind dat iedereen zou moeten lezen. Lezen is verrijking en ontwikkeling, maar ook ontspanning en ontsnapping. Lezen kan je dichter bij jezelf brengen, maar ook dichter bij anderen.

    Dat wil niet zeggen dat ikzelf dagelijks lees, die tijden zijn helaas voorbij. Met drie kinderen op de basisschool en mijn eigen schrijven heb ik vaak niet de rust om met een boek op de bank te gaan zitten. Zelfs in de vakantie grijp ik sneller naar een tijdschrift of (bekentenis!) social media. Het vluchtige lezen, vaak zonder inhoud en veel plaatjes.

    Lezen is stom

    Mijn kinderen zijn wonderbaarlijk genoeg geen lezers. ´Lezen is leuk!´ roep ik regelmatig door het huis. ´Lezen is stom,´ roepen mijn twee oudsten dan in koor. Want zij vinden lezen moeilijk en dus niet leuk. ´Lezen is moeilijk, omdat je het nog niet goed kan,´ is mijn redenering dan, want voorlezen vinden ze allemaal prachtig. ´Je hebt gewoon nog niet jouw boek gevonden,´ is mijn andere motto, want ik geloof oprecht dat er voor iedereen een boek is dat van een niet-lezer een leesliefhebber maakt.

    De kracht van voorlezen

    Ik ben groot geworden met lezen. Toen ik vroeger thuis kwam van school om te lunchen, las mijn moeder altijd voor. Gezeten op een hoge, rode kruk in de keuken werden mijn zus en ik meegenomen naar de chocoladefabriek van Willy Wonka, huilden we bittere tranen om de eenzaamheid van Remi (en de dood van het aapje) en wilden we net als Minoes ook kunnen praten met poezen.

    Kruistochten, mannen en moordenaars

    Toen ik eenmaal zelf kon lezen, beleefde ik woeste avonturen met Tiuri uit de boeken van Tonke Dragt, wist ik alles van de honderd jarige oorlog en kruistochten dankzij Thea Beckman en wilde ik door Enid Blyton ook op kostschool. Ik huilde wederom bij Schoolidyllen en Onder moeder vleugels en las op mijn twaalfde stiekem alle boeken van Leni Saris. Om nog maar te zwijgen over de Bouquetreeks. Dit werd ietwat rechtgetrokken door de fantastische regency boeken van Georgette Heyer en de betere chicklits van schrijvers als Marian Keyes.

    Later ontdekte ik het detective genre en verslond ik alle boeken van Agatha Christie, Ellery Queen en Patrick Quentin en werd ik verliefd op Lord Peter Wimsey. Ook ik bleef tot diep in de nacht op voor de avonturen van Harry Potter, kon niet wachten op de meer praktische pocket uitgave van een nieuwe Nicci French of Robert Galbraith en over ´De waarheid achter de zaak Harry Quebert‘ schreef ik onlangs nog een blog.

    Pareltjes

    Tegenwoordig probeer ik ook buiten mijn favoriete genres te lezen, want als schrijver is dat heel leerzaam. In mijn geval betekent dat meer Nederlandse boeken en meer literatuur. Soms zitten daar onverwachte pareltjes tussen, zoals het aangrijpende Niets weerstaat de nacht van Delphine de Vigan, het bizarre, maar toch pakkende De consequenties van Niña Weijers en het geestige As in tas van Jelle Brandt Corstius .

    #NSPP2016

    Gisteren werd mijn aandacht getrokken door de volgende oproep:

    MELD JE AAN VOOR DE NS PUBLIEKSPRIJS KERNJURY!

    275 leden, die een afspiegeling vormen van het Nederlandse lezerspubliek. Lezers die niet bang zijn om hun mening te geven en die ook bereid zijn om actief stemmen te werven. Zes boeken in diverse genres.

    Je begrijpt, ik heb mijzelf opgegeven!


    Ook kans maken tot de kernjury van de NS Publieksprijs te behoren?
    Iedere Nederlander van 18 jaar en ouder kan lid worden. Aanmelden kan nog t/m 25 september a.s.

  • Welke rol heb jij?

    Welke rol heb jij?

    De naam ‘De Mama Company’ verwijst naar de verschillende rollen die je naast die van moeder hebt. Dat kan een relatie tot iemand zijn of het beroep dat je uitoefent.

    De kans is groot dat we in dit rijtje van rollen niet iets zullen noemen waar anderen voor betaald worden en wij niet. En als we dat wel doen, zullen we er waarschijnlijk luchtig over spreken; je bent amateur fotograaf of houdt erg van schilderen of zeilen.

    Dat is natuurlijk helemaal niet erg, tenzij het een rol betreft waarvan we eigenlijk vinden dat we het ook zijn. Sterker nog, als we er over nadenken, zouden we morgen nog onze huidige baan opzeggen om deze rol fulltime invulling te gaan geven. Als dat eens zou kunnen!

    Vrouwelijke bescheidenheid

    Eén van mijn rollen is schrijver, maar het heeft lang geduurd voordat ik mijzelf ook zo durfde te noemen. Ik was communicatiespecialist, daar had ik tenslotte de afgelopen vijftien jaar mijn brood mee verdiend. Zelfs toen ik een dag minder ging werken om eindelijk ´dat boek te schrijven´, bleef het een hobby. Immers, zolang dat boek niet gepubliceerd is, val ik in de groep die officieel geen schrijver is.

    De vraag is of dit terecht is. Of is het typische vrouwelijke bescheidenheid? Onzekerheid? Als ik als schrijver serieus genomen of op z´n minst gezien wil worden, zal ik mijzelf toch ook als zodanig moeten profileren. Zeker toen ik besloot mij volledig op het schrijverschap te richten.

    Het roer om

    Die beslissing ging uiteraard niet over één nacht ijs. Jarenlang dacht ik thuis te horen in de snelle, liefst internationale wereld van commerciële bedrijven. Een wereld waarin snelheid zich in de praktijk richtte op de ontwikkelingstijd van een marketingcampagne (graag gisteren af) en de mate van mijn eigen profilering binnen het management team (te laag). Zelfs toen ik mijn droombaan in de culturele sector leek te hebben gevonden, bleek deze na enige tijd een nachtmerrie in combinatie met drie kleine kinderen en (laten we eerlijk zijn) mijn eigen karakter.

    Wanneer je te lang te veel ballen in de lucht houdt, zijn er twee dingen die er kunnen gebeuren. Je kunt ze allemaal laten vallen, jezelf incluis of je kunt er een aantal teruggeven aan degenen van wie je ze ooit hebt gekregen of (onbewust) van over hebt genomen. Ik deed dat laatste en had twee maanden lang last van wat de dokter noemde ontstressings-hoofdpijn. Het riep bij mij de vraag op of dat wat we doen in verhouding staat met dat wat we er voor terugkrijgen?

    Gelukkig

    Het antwoord op die vraag is voor iedereen anders en zal afhankelijk zijn van de fase waarin je je bevindt. Waar het om gaat, is dat je achterhaalt wat voor jou de beste balans is en voor mij begint dat met de vraag wat je gelukkig maakt. Vervolgens inventariseer je wat je moet doen en laten om dit te bereiken. En dan komt de meest belangrijke vraag: heb je dit ervoor over? Het antwoord zal in heel veel gevallen ‘nee’ zijn. Vaak verstopt in allerlei excuses als ‘wie zit hier nou op te wachten’, ‘het is nu niet het moment’, ‘mijn partner/omgeving ziet mij aankomen’, ‘het lukt toch niet’ of ‘ik heb hier niet de juiste opleiding voor’. Ik moet eerlijk zeggen dat als je nog in deze fase zit, het waarschijnlijk ook niet het moment is om het roer om te gooien. Want dromen realiseren, is niet hetzelfde als alleen maar doen wat je leuk vindt.

    Keuzes

    Toen ik besloot mij volledig op het schrijverschap te richten, vielen niet alleen mijn collega´s, maar ook een heel salaris weg. Dat betekent dat er andere dingen ook het veld moesten ruimen. Onze kinderen gaan niet meer naar de opvang, dus heb ik nooit een volledige schrijfdag (lees: werkdag) en zijn de vakanties verdomd lang. Ik ben mijn financiële onafhankelijkheid kwijt, doe de meeste boodschappen en zorg dat het eten op tafel staat. Als je mij dat tien jaar geleden zou hebben verteld, had ik je voor gek verklaard. Daar staat tegenover dat er veel minder stress in ons huishouden is, juist vanwege het feit dat ik thuis werk. En zolang ik de discipline opbreng om van negen tot half drie achter mijn computer aan mijn boek en blogs te werken, haal ik genoeg voldoening uit dat wat ik doe.

    Dat van die discipline is belangrijk. Als je aan je eigen droom werkt, zullen weinig mensen je achter je broek aan zitten. En na een paar weken is het nieuwtje er echt wel af en komt de fase van doorzetten. Ik geef direct toe, ook ik heb mij in de afgelopen drie jaar wel eens laten verleiden tot een detour, puur omdat het nieuwe project zoveel leuker leek dan het schrijfproject wat ik inmiddels wel kende. Uiteindelijk kwam ik, sneller dan gedacht, weer terug bij dat waar mijn hart echt ligt, het schrijven.

    Schrijver

    Het manuscript van mijn debuut roman Familiegeluk ligt momenteel bij de proeflezers, ik heb een eigen website (bs) barbaraschrijft.nl en mijn blogs worden gepubliceerd op meerdere online platforms. Naast moeder vind ik inmiddels dat ik ook schrijver ben. En dat alles omdat ik een paar jaar geleden mij afvroeg of dat wat ik deed, het ook waard was.


    Deze blog werd ook gepubliceerd bij De Mama Company

     

  • Me-time in het tuincentrum

    Me-time in het tuincentrum

    Het is woensdag en de kinderen zijn onder de hoede van echtgenoot. Wat betekent dat ik een vrije vrouw ben.

    Hoe heerlijk, zeker in de vakantie. Een dag lang tijd voor mijzelf. Even geen politieagent zijn, vieze snoeten en handen poetsen of anderszins. Deze dag is helemaal voor mij.

    ‘Wat ga jij vandaag doen?’ vraagt echtgenoot, met een jaloerse ondertoon in zijn stem. Om ons heen rennen de kinderen elkaar gillend achterna met nerf-pistolen.
    ‘Ik denk dat ik naar het tuincentrum ga.’
    De stilte die volgt is met recht oorverdovend te noemen.

    Kleinburgerlijkheid

    Natuurlijk weet ik ook hoe vreselijk zo’n centrum is. De net iets te glimmende spiegels, de houten borden met mindfull-achtige teksten en de accessoires die je precies vertellen waar je je sleutels, servetten of zeep moet laten, om onverklaarbare redenen vaak in het Engels of Frans.

    En toch. Ik hou van de kleinburgerlijkheid in een bouw- of tuincentrum. Wie goed kijkt, vindt nog eens een betaalbaar styling-object (net zoals zwangerschapswinkels vaak hele leuke sieraden en tassen verkopen, maar dat terzijde). Daarnaast heeft het betere centrum een horeca gelegenheid en gratis toilet en WiFi, ideaal om tussendoor een blog te schrijven.

    Het Tuinhuis

    En zo komt het dat ik mij op mijn vrije woensdag bij de Praxis in Zoetermeer bevind, bekend om zijn uitgebreide tuincentrum. Ik heb mijzelf van te voren goed voorbereid op internet en weet wat ik zoek. Het is rustig en ik doe een inventarisatie rondje alvorens mij naar cafetaria Het Tuinhuis te begeven, gelegen midden in, jawel, het tuingedeelte. Het aanbod is verrassend breed en op het eerste gezicht vers. Mijn verwachting wordt evenwel direct bijgesteld door de jongeman achter de toonbank, die elke vraag van z’n collega weinig overtuigend beantwoordt met ‘volgens mij wel, ja.’

    Naast Het Tuinhuis zit een heus klim- en ballenbak, waar een klein aantal kinderen in en uitrent. Nog zo’n voordeel van hier kinderloos zijn, is dat ik in dit speelgedeelte nu geen orde hoef te handhaven, wat zeker nodig zou zijn geweest. Om nog maar te zwijgen over de onvermijdelijke ‘gaan we al?’ (oudste), ´het is hier saaaai´ (middelste) en ‘nog een keer!’ (jongste) discussies. Als dat geen vrijheid is!

    Grote mensen tuin

    Na een broodje (toch niet zo) hete kip en verse muntthee is het tijd voor een serieuze speurtocht naar afgeprijsde tuinartikelen, uiteindelijk de hoofdreden om juist nu naar het tuincentrum te gaan. Ik droom al maanden van een grote-mensen-tuin, waarin de loungehoek een vaste vuurschaal en stijlvolle overkapping heeft (voor de koudere avonden), de eettafel onmiddellijk doet denken aan Italiaanse huwelijksfeesten en de BBQ op subtiele wijze verwerkt is in de steigerhouten buitenkeuken. Dit alles opgeleukt met vrolijke kussens, weelderig bloeiende bloemen en sfeerverhogende verlichting in de pergola. Als ik helemaal gek doe, voeg ik er ook nog een buitenmat aan toe.

    Een half uur later bevinden zich in mijn mandje zes kaktussen, een stenen uiltje, dito vaasje en een plant waar ik de naam niet van kan onthouden. En oja, een rieten tissuedoos. Brengt dit mijn grote-mensen-tuin dichterbij? Helaas niet. Het beschikbare aanbod van kunststof stoelen en eettafels sloot niet aan bij de door mij gezochte Italiaanse beleving, net zoals de laatste afgeprijsde kussens niet het juiste bohemien gevoel opriepen. Echtgenoot kan weer gerust ademhalen.

    En ik? Ik kruip thuis achter de computer. Want ik weet nu dat het virtuele buitenleven van het tuincentrum oneindig veel groter is dan de werkelijkheid.

     

    Deze blog is ook gepubliceerd bij De Mama Company.

  • Vooral een relaxte zomervakantie

    Vooral een relaxte zomervakantie

    Zomervakantie. Zes weken lang geen school of (sport)activiteiten die om een strakke planning vragen. De rapporten zijn binnen, evenals een onwaarschijnlijk grote hoeveelheid aan werkjes, schoolschriften en dit jaar zelfs afgedankte schoolboeken (die onmiddellijk ritueel verbrand dienden te worden).

    Terwijl om mij heen grote reizen naar verre landen op de planning staan, blijven wij deze zomer in Nederland. Lekker dicht bij huis en sinds onze zon-vakantie in Spanje afgelopen mei in de regen viel, maken we ons stukke minder druk om het weer. Daarnaast heeft Walcheren (onze plek van bestemming) de meeste zonuren van Nederland, dus komen we in ieder geval gebronsder terug dan uit Spanje.

    Actie

    Zijn wij bij buitenlandse zomervakanties sinds de komst van de kinderen gefocust op zon, zee en zwembad met af en toe een bezoek aan een lokale markt, vakantie in eigen land roept op tot actie. Echtgenoot heeft enkele jaren in Middelburg gewoond en al snel ligt er een lijst met dingen die wij deze twee weken willen ondernemen. Kaasboerderij Schellach voor het buitengevoel, een lokaal mosselrestaurant voor de Zeeuwse cuisine, Neeltje Jans vanwege de Deltawerken en het waterpretpark, Het Arsenaal in Vlissingen voor de piratenbeleving en zeehondjes spotten op de zeebanken in de Westerschelde. En dat is nog maar een selectie uit de mogelijkheden.

    Relaxen

    ‘Zullen we vandaag hier relaxen?’ vroeg de oudste vanochtend.

    Relaxen betekent voor onze kinderen vooral lekker veel achter een schermpje en bij goed weer en geen kwallen, de zee in. Als ouder sta ik daar duaal tegenover. Die zee is prima, maar dat gehang achter schermpjes werkt na enige tijd op m’n zenuwen. Het is zo immens passief. Voor mij. Voor de kinderen betekent het enorme interactie. In hun eigen code-taal houden ze elkaar op de hoogte van hun status in het spel-van-het-moment, voeren ze overleg over de te voeren strategie en worden er vergelijkingen getrokken met de Grote Voorbeelden. Kan ik dochterlief van vijf na enige tijd nog verleiden met een knustelvoorstel, haar oudere broers kijken me aan alsof ik gek ben geworden. En laten we eerlijk zijn, ik heb ook niet altijd zin in knutselen.

    In-en-om het huis

    Toch kan ik mij vinden in het voorstel van de oudste. Mijn buik heeft even genoeg van al het horeca-eten en tot op heden zijn we elke dag op pad geweest. Het idee van in-en-om ons vakantiehuis rondhangen, spreekt mij eigenlijk wel aan. Het betekent minder gezeur ‘zijn we er al?’, minder discussie ‘waarom hebben ze geen hamburger?’ en minder ondankbaar gedrag ‘ik vind dit saai’.

    De weersvoorspelling geeft aan dat vanmiddag de zon gaat schijnen en met het strand op vijf minuten loopafstand is ‘hier’ meer dan de ruimte van het vakantiehuis zelf. Ons uitje van vandaag wordt een bezoek aan de lokale Spar voor pannenkoeken (kinderen) en salade (echtgenoot en ik).

    Tenslotte heb ik ook zomervakantie!

     

    Deze blog is ook gepubliceerd bij De Mama Company

  • Het fenomeen Oerol

    Het fenomeen Oerol

    Oerol? Is dat niet dat theaterfestival waar heleboel Nederlanders ineens zeer kunstzinnig gaan doen tussen de duinen?

    Lange tijd wist ik het niet zo.
    Of dat Oerol iets voor mij was.
    Eigenlijk niet, dacht ik, te veel mensen op een eiland.
    No. Way. Out.

    ‘Nee,’ verzekerde een ervaren Oerol-vriendin mij. ‘Terschelling is zo groot, dat spreidt zich uit.’

    The proof of the pudding

    Aangezien de enige manier om er echt achter te komen wat ik van Oerol vond, er naartoe gaan was, besloot ik de overtocht het afgelopen weekend te wagen. Dat klinkt een stuk eenvoudiger dan het in de praktijk was.

    Vroege vogels

    Allereerst is daar de accommodatie. Wie niet wil kamperen (het eiland mag dan de droogste plek van Nederland zijn, ook dat is relatief in juni), dient vroeg in de actie te schieten. En als ik zeg vroeg, dan bedoel ik niet januari of februari, maar het liefst direct nadat het festival is geëindigd. In ieder geval als je met z’n tweeën of drieën komt en geen €300 per nacht wenst te betalen.

    Enige tijd later volgt daarop het regelen van de festivaltickets, bootovergang en onmisbare fietsen.

    Virtueel slagveld

    De online kaartverkoop begint pas enkele weken voor de start van het festival. Een waar virtueel slagveld, in ieder geval als niet-Oerol vriend, dat mij uitgeput achterliet:

    Er zijn nog 1125 wachtenden voor u. (WTF!)
    ……
    Sluit deze browser niet, verversen mag wel.
    ….
    Er zijn nog 855 wachtenden voor u.
    ….
    Er zijn nog 65 wachtenden voor u. (Dat gaat ineens snel!)
    ….
    Deze voorstelling is uitverkocht.

    En dat op vier van de vijf tabbladen die ik open had staan.

    Maar er was ook winst. Door de voorstellingen apart te benaderen en te betalen, had ik drie tickets weten te bemachtigen voor drie verschillende voorstellingen. En tijdens het festival zijn er altijd nog de eilandkaarten.

    Totaal concept

    Afgelopen weekend was het zover. Mijn allereerste Oerol ervaring, voor het eiland de 35ste. En die ervaring zou het gehele weekend merkbaar zijn. Zelden heb ik een beter georganiseerd evenement meegemaakt dan dit theaterfestival op Terschelling. Plattegronden, inclusief de fietstijd van locatie naar locatie. Bordjes over het hele eiland, gemarkeerde fietsenstallingen op het immense weiland van de boer (we stonden bij de zangeres zonder naam), kerstverlichting naar de tribunes in het bos, dekentjes voor de kou in de duinen, et cetera, et cetera.

    Accommodatie

    Ik logeerde in West-Terschelling (inderdaad het westen van het eiland, maar ook de naam van het dorp), wat mij betreft de meest ideale ligging door de nabijheid van de haven en vele winkeltjes en cafeetjes. Ook De Betonning, in mijn ogen van de twee festivalterreinen het meest gezellige, is hier gelegen. Wie het echte festivalgevoel zoekt, is waarschijnlijk beter af op de vele campings, waar het avondprogramma tot laat doorgaat en het gebrek aan comfort tot grote saamhorigheid leidt.

    Oerol
    De Betonning, het meer knusse festivalterrein bij Terschelling-West

    Ingetogen

    Hoe anders was dat op het hoofd festivalterrein in het midden van het eiland. De sfeer was ingetogen, optredens volgden elkaar niet direct op, waardoor horeca de boventoon voerde. Deze horeca was dan wel weer vers en biologisch verantwoord en drank werd geserveerd in echte glazen. Verwacht hier geen festival biertjes, maar speciaal bieren, Sangria en een wijnbar. Toch nog een beetje Parade gevoel.

    Genoeg te doen

    Uiteindelijk kwam ik naar Oerol voor theater. Ik was met één voorstelling per dag uit de virtuele strijd gekomen en dat bleek ruim voldoende. Zo bleef er genoeg tijd over voor het bezoeken van de vele eettentjes, cafeetjes en typische lifestyle winkels die toeristische dorpjes zo kenmerken. Toch ook een beetje Woonbeurs gevoel.

    Daarnaast had de Oerol-vriendin gelijk wat betreft de uitgestrektheid van het eiland. Met speellocaties in het bos, de duinen en een manege was ik elke keer toch zo’n 30 tot 60 minuten aan het fietsen voor een voorstelling. En voor wie zoekt, is er genoeg beeldende kunst, muziek en straattheater onderweg te ervaren.

    Nadenken

    De voorstelling in de manege was waarschijnlijk evenzeer tot z’n recht gekomen in het theater. Het verhaal van Hester is een zeer intense voorstelling, waar het gezelschap waarin ik verkeerde nog lang over nasprak, mede door onze verschillende interpretaties van het stuk.

    Oerol
    Het verhaal van Hester in Manege Hoorn

    Groots

    Wie buiten speelt, heeft dit buiten tot zijn decor. Dat kan je ruimtelijk houden (Figaro op Parkeerplaats Paal 8 – West) of innemen en tot spektakel maken (Crashtest Ibsen in het bos bij Dobe Formerum). In beide gevallen is het resultaat groots. En als het dan ook nog eens droog blijft, er prachtig gespeeld wordt en overheerlijk paella wordt geserveerd tussen twee hilarische voorstellingen in (Figaro), dan tel je simpelweg je zegeningen. Toch ook een beetje Amsterdamse Bos theater.

    Oerol
    Crashtest Ibsen in Dobe Formerum
    Oerol
    Twee keer Figaro op Parkeerplaats Paal 8 – west

    Publiek

    Bijzonder aandacht verdient het publiek, dat, los van wat verdwaalde twintigers en dertigers, tijdens mijn verblijf kon worden opgedeeld in oudere jongeren en jongere ouderen.
    Elk van deze categorieën viel weer uiteen in een (a) hippe, (b) fasionably sensible en (c) naturel groep, met als gemene deler het uitgangspunt bestand tegen regen en kou te zijn.

    Oudere jongeren

    Bij de oudere jongeren vertaalde zich dat voor (a) in King Louis jurkjes met aan de in felgekleurde panty gestoken benen hoge, gebloemde kaplaarzen. (b) betekende spijkerbroek, gympen, hoodies, vesten en shawls en (c) hield een regenpak met wandelschoenen in.

    Jongere ouderen

    De jongere ouderen, te herkennen aan het grijze haar, slaan de King Louis jurkjes gelukkig over en leggen de nadruk op de regenpakken en wandelschoenen in diverse prijsklassen, die de eerder genoemde (a), (b) en(c) bepalen.

    Geen geschreeuw, gehos of dronkenmansgelach van dit Oerol publiek. Gesnurk tijdens de voorstelling wordt gedoogd, onderling gegiegel en gekraak van chipszakken niet. Wat er tijdens de incrowd after-parties in de duinen gebeurd, is waarschijnlijk een heel ander verhaal.

    De grote vraag dan: was de ervaring voor herhaling vatbaar?

    Quality-time

    Het antwoord is een volmondig ja!

    Oké, de weergoden waren ons met een enkele regenbui goedgezind. Maar dan nog. Een paar dagen lang, mooie voorstellingen kijken op bijzondere locaties, lekker eten en drinken, in alle rust fietsen over een prachtig eiland of wandelen over het strand. Desgewenst een beetje shoppen tussen de bedrijven door.

    Daar zegt een mens toch geen nee tegen?


    Ook zin om naar Oerol te gaan?

    Het theaterfestival vindt jaarlijks plaats in juni op Terschelling. Boek je accommodatie ruim van te voren en zorg voor fietsen met fietstassen (zodat je niet hoeft te sjouwen), die je herkenbaar uitdost, want je bent niet de enige met zo’n tweewieler. Een extra fietslamp kan handig zijn, Terschelling is heel donker in de nacht.

    Wie met de auto naar Harlingen komt, parkeert bij de boer en neemt het taxibusje naar de snelboot.

    Zoals gezegd blijft het weer een onvoorspelbaar onderdeel. Twee dingen zijn zeker: het eiland is een stuk kouder dan het vaste land en ´s avonds koelt het flink af. Draag dus laagjes en neem een shawl en handschoenen mee, evenals een regencape en/of paraplu.

    Ook handig: een kussentje of opvouwbaar plastic plankje om op te zitten.

    post_banner_710_270_oerol_05

  • Alle tijd van de wereld…of toch niet?

    Alle tijd van de wereld…of toch niet?

    ‘Zullen we nog met z’n allen afspreken voor de zomervakantie?’ Vriendin kijkt mij vragend aan.  Het lijkt mij een goed idee.  ‘Ergens in de komende vijf weken,’ zegt vriendin nu, ‘wij gaan die laatste schooldag al weg.’

    Vijf weken? Begint de zomervakantie werkelijk al over een dikke maand?
    Los van het weer, dat de afgelopen weken meer de associatie met herfst dan zomer oproept, heb ik het gevoel dat het schooljaar pas net gestart is. Zelfs mijn oudste verzucht ´s avonds in zijn bed dat ´dit jaar echt heel snel voorbij is gegaan.´

    Zorg

    Wat is hier mijn punt? Niet dat de tijd voorbij lijkt te vliegen. Ik maak me geen zorgen dat ik te weinig nieuwe dingen op zou pakken, waardoor mijn dagen te veel op elkaar gaan lijken (en mijn tijdsbesef minder wordt). Nee, mijn zorg ligt in het feit dat ik denk nog wel tijd te hebben.

    Zin en tunnelvisie

    Ik heb het over de stap voorafgaand aan het uitstelgedrag waar Jeske bij De Mama Company vorige week zo herkenbaar over schreef. Waarom stellen we dingen uit? Niet alleen omdat we er geen zin in hebben of omdat het even niet uitkomt. Ook het argument dat het blijkbaar niet belangrijk genoeg is, vind ik te makkelijk. In een leven van werk en gezin is één van de grootste valkuilen een zekere tunnelvisie op de hectiek van de dag. Dat zegt niets over de waarde die wij hechten aan de dingen daarbuiten.

    We stellen dingen ook uit omdat we denken dat we nog wel tijd hebben.
    Maar wat als die er niet blijkt te zijn?

    Te overzien

    In het geval van het opruimen van een kast of het schrijven van een blog is dit nog wel te overzien. De consequentie is hooguit een geïrriteerde omgeving en wat extra stress. En laten we wel zijn, als je zelf morgen het loodje legt, heb je daarna persoonlijk nergens last vast.

    Onmogelijk

    Anders is het, als dat wat je hebt uitgesteld niet meer mogelijk is. De inhoud van de kast is door een zwaarbeproefde huisgenoot met het grofvuil meegegeven. Je blogonderwerp blijkt door een collega-blogger opgepakt. Of degene met wie je af zou spreken, is niet meer in staat dit te doen.

    Opluchting versus verdriet

    In het meest positieve geval leidt dit tot opluchting. De hoofdreden van het uitstellen van de klus bleek dat je hem niet aankon. Ik durf te stellen dat dit maar een enkele keer zo is. In de meeste gevallen zul je op z’n minst balen van de gemiste kans en je eigen uitstelgedrag dat daar de oorzaak van is. En in het geval van de afspraak ben je ook nog eens verdrietig. Spullen, opdrachten en ideeën zijn vervangbaar. Mensen zijn dat niet.

    Tijd

    Mijn boodschap in deze? Weet wat je uitstelt.
    Jij hebt misschien wel de tijd, maar je omgeving heeft dat wellicht niet.

    Deze blog is ook gepubliceerd bij De Mama Company.

  • Wandelen langs de Belgische kust

    Wandelen langs de Belgische kust

    De meningen over de Belgische kust lopen nogal uiteen. Zo las ik een deprimerend stuk waarin gesteld werd dat het ongetwijfeld één van de meest onaantrekkelijke kusten van heel Europa is, met name vanwege de foeilelijke appartementencomplexen en promenades. De hoofdredacteur van een Belgische lifestyle magazine spreekt echter vol enthousiasme over ruime zandstranden en duinen met levendige kuststeden.

    Ook is men niet eenduidig over de lengte. Als ik een kustwandeling uitstippel als verrassingsweekend voor echtgenoot, ga ik uit van 60 kilometer en niet de 72 die het in de praktijk blijkt te zijn.

    Ambitie
    Hoewel 30 kilometer per dag zeer ambitieus (en volgens vriendinnen volkomen irrealistisch) is voor mijn ongetrainde lijf, lijkt het mij haalbaar. Echtgenoot heeft vaker deze afstand langs de Nederlandse kust gelopen en ik wil België graag in één weekend aftikken. Daarnaast heb ik net professionele hardloopschoenen gekocht en in geval van nood is er ook altijd nog de kustlijn, de tram die in tweeëneenhalf uur het gehele tracé van Knokke naar De Panne aflegt.

    post_banner_710_270_bk_wandelen_15

    Aandachtspunten
    Wij zullen dat dus te voet in twee dagen doen, met een overnachting in Oostende, halverwege de route. Aandachtspunten zijn de havens van Blankenbergen, Oostende en Nieuwpoort, waarbij de afwezigheid van een veerpont een flink stuk extra wandelen betekent. Over het getij maak ik mij op voorhand niet druk, ook bij vloed zal er toch wel een stuk begaanbaar strand overblijven?

    Strak programma
    Lijkt mij half tien een prima start voor ons wandelprogramma (we zijn tenslotte dit weekend kinderloos), echtgenoot is als ervaren en vooral enthousiaste kustwandelaar van mening dat de uurtjes in de vroege ochtend goud zijn. Dus starten wij zaterdagochtend klokslag acht uur onze tocht. Te beginnen over de Zeedijk (het is bijna altijd de Zeedijk in België), waar we al snel één van de vele bordjes van de Kust Fietsroute tegenkomen. Deze genummerde knooppunten zullen ons de rest van de tijd richting blijven geven, afgewisseld met die van de Kust Wandelroute.

    Asfalt en standkarren
    De eerste kilometers leiden ons via een weinig inspirerende weg om de grote haven van Zeebrugge heen, om uit te komen op een boulevard waar de stilte hoorbaar is. Op het strand zijn verweerde witte strandhuisjes op ogenschijnlijk willekeurige wijze neergezet. We zullen ze de gehele weg tegenkomen, soms in oude stijl, met fris geschilderde strepen, vaak in nogal vervallen staat.

    post_banner_710_270_bk_wandelen_12Hoogbouw en villa’s
    De boulevard zelf is dus verlaten, op een enkele hondenuitlater en hardloper na. De meeste toeristenshops in de plint van de inderdaad foeilelijke appartementencomplexen aan onze linkerzijde zijn dicht, evenals de meeste eetgelegenheden. We laten de boulevard al snel achter ons en lopen tegen wellicht wel de grootste verrassing van het weekend aan. Grote villa´s in oude stijl staan op een rijtje langs een wandelpad dat parallel loopt aan het strand. Ondanks de graafwerkzaaheden die zich daar in de verte afspelen, is de ligging prachtig; hier zou ik zo kunnen wonen.

    Croissants en de veerboot
    Het eind van het wandelpad leidt ons via de duinen, het strand op tot Blankeberge, ooit een klein vissersdorp, inmiddels één van de meest populaire badplaatsen aan de Belgische kust. We hebben inmiddels ruim 2 uur gelopen en dus is het de hoogste tijd voor koffie en iets lekkers bij één van die typische Belgische bakkers waar wij Nederlanders nog wat van kunnen leren. Met een met room gevulde croissant in onze hand gaan wij vol goede moed opzoek naar een veerboot, zodat wij niet genoodzaakt zijn om de haven heen te lopen. We hebben geluk, voor 1 euro per persoon brengt een weinig spraakzame heen- en weerman ons in minder dan vijf minuten naar de overkant.

    post_banner_710_270_bk_wandelen_05

    Explosief
    We vervolgen onze weg via Wenduine, waar een groot bord aan de rand van het strand ons bericht over het ruimen van conventionele en toxische explosieven langs de stranden van de Vlaamse kust. Even later wordt deze toch wat zorgwekkende activiteit bevestigd door een ander bord waarop duidelijk een bom staat afgebeeld. Weer eens wat anders dan de ‘verboden voor honden bordjes.’

    We lunchen in De Haan, de enige badplaats met een boulevard zonder sombere hoogbouw en daarmee direct een stuk aantrekkelijker.

    Mul zand en blote piemels
    Met de buik weer gevuld, lopen we via het strand naar Oostende, het eindpunt van de eerste dag. De vloed jaagt ons dicht tegen de lage duinen aan, waar het zand mul is en het wandelen zwaar. Het is een opvallend lang stukje onbebouwd strand voor Belgische begrippen, waarbij we ter hoogte van Bredene tot onze verrassing een stuk naaktstrand aantreffen (het enige in België, lees ik achteraf). Het biedt weer afwisseling van uitzicht (en daarmee afleiding van mijn inmiddels pijnlijke heupen), maar toch ben ik blij wanneer we de haven bereiken. En helemaal als ook hier een veerboot ons naar de overkant brengt.

    post_banner_710_270_bk_wandelen_11Koningin der Badsteden
    Oostende is de enige stad aan de Belgische kust en kreeg in de vorige eeuw dan ook niet voor niets de naam Koningin der Badsteden. De boulevard is een stuk groter dan die van Scheveningen, maar het toeristische sfeertje is vergelijkbaar.

    Aandachtspunt voor degenen die gezellig op het strand willen eten: in een Belgische strandtent dineert men niet. Wie honger heeft, gaat naar één van de tentjes op de boulevard of zoekt een betere kwaliteit op in de achterliggende straten. Wij eten die avond in het populaire Den Artiest, waar vlees en vis vers van de grill worden bereid.

    Vervlogen tijden
    De volgende ochtend staan we alweer om kwart over acht buiten de hoteldeur, stram in de benen en heupen, maar vol goede moed. We lopen langs de Koninklijke Gaanderijen, gebouwd aan het begin van de vorige eeuw in opdracht van koning Leopold II. Deze wandelgalerij diende als beschutte passage naar de renbaan voor de koning en zijn hoge gasten en is nog steeds de moeite van een bezoek waard.

    Kusttram en bunkers
    Dat geldt niet voor de kustroute naar Middelkerke, waarbij de kusttram ons om het kwartier vrolijk passeert. De oude bunkers en observatieposten in de duinen links van ons zijn een welkome afleiding op de deprimerende asfaltweg die wij volgen. Ze horen bij één van de best bewaarde delen van de Duitse verdedigingslinie ‘Atlantikwall’ uit de Tweede Wereldoorlog, tegenwoordig een openluchtmuseum.

    post_banner_710_270_bk_wandelen_13

    Aan onze rechterkant ligt het brede strand laag onder ons. De zwarte streep van wier vlak bij de dijk waarop wij lopen, geeft een duidelijk idee hoe dicht de zee bij vloed het land bereikt. Ik vind het typerend voor een groot deel van de Belgische kust, waarbij het strand niet meer is dan een klein stuk land dat door de zee twee keer per dag wordt ingenomen.

    Verboden te zwemmen
    Het verklaart ook het in eerste instantie verbazingwekkende feit dat er bijna nergens gezwommen mag worden. Leg dat je Nederlandse kind maar eens uit! Ter compensatie hiervan bieden de meeste badplaatsen skeltervertier aan op de boulevard en zijn er tussen de strandtenten goed verzorgde outdoor klim- en klauteropstellingen geplaatst, tot en met luchtkussens en trampolines aan toe.

    Schietoefeningen
    Na Middelkerke volgen we de weg over het strand richting Nieuwpoort. Wederom valt ons oog op een waarschuwingsbord, deze keer met de boodschap dat bij een rode vlag niet verder gewandeld kan worden wegens schietoefeningen. De rode vlag is nergens te bekennen, dus lopen wij gestaag door. Ook bij Nieuwpoort zijn de goden ons goedgezind en kunnen wij mee met de veerboot.

    Koninginnenhap en zuur vlees
    We hebben inmiddels ruim vier uur gelopen en dus is het de hoogste tijd voor de lunch. Niet op de toeristische boulevard, maar een eindje verderop ter hoogte van Oostduinkerke, bij een typisch Vlaams de-tijd-heeft-hier-stil-gestaan restaurant.

    post_banner_710_270_bk_wandelen_14De laatste loodjes
    De laatste dertien kilometer zijn uiteraard het zwaarst, zeker als al snel blijkt dat we het grootste gedeelte over het strand dienen af te leggen, willen we het kustgevoel behouden. Het is wederom vloed en dus lopen we over een smalle strook mul zand met links van ons de inmiddels bekende lage en vooral ook zeer smalle Belgische duinen.

    Om vier uur strompel ik de boulevard van De Panne op, opzoek naar mijn welverdiende biertje. Moe, maar voldaan, want we hebben het gehaald. Een kwartier later begint het te regenen.


    Ook zin om een wandeling langs de Belgische kust te maken?
    Dan kan je deze informatie goed gebruiken:

    Route
    Volg de kunstwandelroute. Eenvoudiger kan het niet, zeker als je van te voren de app download of een kaartbrochure aanschaft (wat ik natuurlijk niet had gedaan).

    Als je de gehele route zo dicht mogelijk langs de kust wilt lopen, leg je zo´n 72 km af. Wij liepen dit in twee dagen met zeven uur effectieve wandeltijd (gemiddeld 5 km per uur). Dat is best pittig als je niet regelmatig loopt en vraagt om vroeg opstaan.

    Terug neem je voor 3 euro per persoon de De Kustlijn, die je in tweeëneenhalf uur van De Panne weer naar Knokke brengt.

    Veerboten
    De oversteek bij Blankenberge is aan de kop van de haven, ter hoogte van de vuurtoren. Het is een kleine boot, die je in het hoogseizoen elke dag van de week overzet, maar in het laagseizoen alleen in het weekend. Kosten 1 euro per persoon. Bij Oostende en Nieuwpoort loop je het havengebied op en volg je de bordjes. De boot is groot en in beide gevallen een gratis service van de stad.

    Slapen
    Wij logeerden in Hotel Léopold, een prima hotel, met helaas wel een te lage waterdruk op de vijfde etage. De Starbucks koffie maakt wel wat goed.

    Een alternatief dat ik tijdens de wandeltocht ontdekte, is Thermae Palace Hotel, ter hoogte van De Koninklijke Gaanderijen. Het hotel is gevestigd in het voormalig badenpaleis (kuuroord) uit de glorietijd van Oostende en heeft heden ten dage nog steeds sauna faciliteiten. Best lekker na een lange wandeldag.

    post_banner_710_270_bk_wandelen_02

  • Uitstelgedrag

    Uitstelgedrag

    Ik moet wat bekennen.
    Ik heb al twee weken niets gedaan aan Het Boek.
    Helemaal niets.
    Nada.

    Ik heb blogs geschreven voor barbaraschrijft en De Mama Company over mijn trip naar Parijs.
    Ook heb ik mijn stuk over ADHD naar J/M voor Ouders gestuurd en mezelf in de kijker proberen te werken bij een kunstblad, maar Het Boek heb ik genegeerd.

    Ding
    En dan wordt het een ding, hè.
    Dan MOET ik echt HOOGNODIG aan de slag.
    Met als gevolg dat ik mijn omslagfoto’s op FB wijzig, mijn administratie bijwerk, een nieuw voortuinplan bedenk en mijn bureau opruim.

    Uitstelgedrag!

    Over 1,5 week is het meivakantie.
    Daar tussenin zit nog een margemiddag en Koningsdag.
    En ik moet ook nog naar de kapper en mijn moeder.
    Kortom, heeft het nog wel zin om te gaan schrijven?
    Kan ik niet beter wachten tot na genoemde vakantie, om dan met vereende krachten Het Boek weer op te pakken?

    Natuurlijk niet.

    Want na de vakantie is er nog steeds die social media, administratie, voortuin en dat bureau.
    Om nog maar te zwijgen over de nieuwe vakantiefoto’s.
    En een boek schrijft zich nou eenmaal niet vanzelf.

    Flow
    Tenzij je achter je toetsenbord of schrift gaat zitten en focust. Dan, als je geluk hebt, komt er op een gegeven moment die flow. Dat heerlijke gevoel dat je alleen maar met je personages mee hoeft te lopen en opschrijft wat zij zeggen en doen (eerlijkheid gebied mij hier aan te geven dat dit in de herschrijffase waarin ik mij bevind, niet echt een goed idee is; het gaat er nu om het verhaal bondiger te maken, een flow leidt veelal tot het tegenovergestelde).

    Van uitstel naar focus
    Die focus is echter wel waar het om gaat. En eenmaal terug bij mijn personages, terug in mijn verhaal, is het veel makkelijker de discipline van het schrijven vast te houden. Uiteindelijk is het net als met hardlopen, het stuk van de bank naar buiten is het moeilijkst.

    Ik heb nog vijftien uur schrijftijd tot de meivakantie.
    Er zijn er velen die het met minder per maand moeten doen.

  • Uit mijn comfortzone in Parijs

    Uit mijn comfortzone in Parijs

    Eigenlijk ben ik helemaal niet van moderne kunst. Ik vind het vaak ingewikkeld en bedreigend, waarschijnlijk omdat ik het te weinig begrijp. Het feit dat ik mij tijdens een lang weekend Parijs voor Fondation Louis Vuitton bevond, had dan ook alles te maken met de misleidende naam en het must-see gehalte van het gebouw.

    Een ijsberg met zeilen
    Fondation Louis Vuitton is een gigantisch gebouw dat als een abusievelijk geland ruimteschip oprijst uit het groen van Bois de Boulogne ten Westen van Parijs. Het is de creatie van architect Frank Gehry, bekend van het Guggenhiem Museum in Bilbao. Hij liet zich inspireren door het oude Grand Palais, gebouwd voor de wereldtentoonstelling in Parijs in 1900. Gehry´s ontwerp is opgebouwd uit witte bouwblokken (ijsbergen volgens hemzelf) omringd door twaalf glazen zeilen. Deze zeilen bestaan uit ruim 3600 glazen panelen op houten spanten, elk met een andere vorm. Foto´s tonen het gebouw met alleen doorschijnend glas, wie het nu bezoekt ziet een combinatie van oranje, blauw en groen.

    Fondation Louis Vuitton

    Filantropisch of eigenbelang?
    Volgens LVMH* is deze op 27 oktober 2014 geopende Fondation Louis Vuitton een nieuwe fase in de filantropische activiteiten van de groep en haar huizen en een belichaming van hun steun aan kunst, cultuur en erfgoed van de afgelopen vijfentwintig jaar. Dat klinkt nogal narcistisch, zeker in het licht van de grootsheid van het gebouw en critici beklagen zich er over dat het museum alleen ruimte biedt aan gevestigde kunstenaars en niet het jonge talent.  In de reisgids lezen wij ook dat Bernard Arnault (President van de Fondation Louis Vuitton) een plek zocht voor zijn kunstcollectie en die van LVMH.

    Persoonlijk verdenk ik zo iemand dan onmiddellijk van belastingontduiking.

    De account die op een goede dag zegt dat meneer Arnault nu toch echt iets met zijn geld moet doen, voordat het wegvloeit. Arnault heeft sinds zijn ontmoeting met Gehry in 2001 al een natte droom en er is nog wel een stukje grond ten westen van Parijs beschikbaar. Met het juiste netwerk staat er binnen enkele jaren een museum voor kunst uit de 20ste en 21ste eeuw.

    Een gecompliceerd gebouw
    Hoe dan ook, het gebouw is de moeite waard om naar binnen te gaan, zeker op een mooie dag. Een glazen lift brengt je naar de vierde en hoogste etage, wat evenals de derde, een dakterras is om over heen te wandelen en je te vergapen aan de constructie en het uitzicht over Parijs.  Een leuk nationalistisch weetje: de dakterrassen zijn van Nederlandse maak.

    Fondation Louis Vuitton Fondation Louis Vuitton

    Wie hier loopt, kan zich goed voorstellen dat meer dan 400 mensen met behulp van robots serieus gepuzzeld hebben aan de realisatie van dit gecompliceerde gebouw. Een timelaps filmpje op de website van Fondation Louis Vutton geeft dit proces in een behapbare anderhalve minuut weer.

    Het onbekende
    De tentoonstelling ten tijde van mijn bezoek toont het werk van elf Chinese artiesten uit de collectie van Fondation Louis Vuitton. Had ik al niets met moderne kunst, Chinese kunst zegt mij al helemaal niets. Wel even kijken, want we zijn er nu toch. Daarnaast is het ook leuk iets te bezoeken wat je uit jezelf niet zou hebben uitgekozen. Wie weet wordt ik nog positief verrast.

    Chinees vakmanschap
    En dat word ik. Zeker niet door alles (ik heb niets met opengesneden herten en dode bomen), maar de schilderijen van Zhang Huan vind ik prachtig. Hij maakt ze met as dat hij met behulp van honderd assistenten uit tempels haalt. Blijkbaar is dat toegestaan, het lijkt mij nogal heilig. De kunstenaar ziet het als spiritueel, want het is dit aspect in combinatie met Maoïstisch iconografie, waarmee hij een eerbetoon brengt aan de gemeenschappelijke ziel van zowel de levende als de doden. Ik zie vooral twee hele grote schilderijen en verwonder mij over de precisie en realiteit van het werk. Zowel van veraf als dichtbij blijven de schilderijen van Huan indrukwekkend vakmanschap.

    Fondation Louis Vuitton
    Zhang Huan, National Day, 2009 | ash on linen
    Fondation Louis Vuitton
    Zhang Huan, detail van Great Leap Forward, 2007 | ash on linen

    Een tweede verrassing zijn de filminstallatie. Virtual reality en de werkelijke wereld lopen door elkaar heen en enkelen zijn misselijkmakend, zoals een rollercoaster dat ook kan zijn. Niet allemaal even aansprekend en toch blijf je kijken.

    Verplaatsing en immigratie
    Dat laatste geldt zeker voor de installatie Ten Thousand Waves door Isaac Julien, een Engelse kunstenaar van Caribische afkomst. Stel je voor: een grote donkere zaal met meerdere projectieschermen. Ga zitten op de grond en laat jezelf opgaan in de filmdialoog van de schermen om je heen. De hogere thema’s zijn verplaatsing en immigratie. Het verhaal die van de 23 illegale Chinese vissers die in 2004 in Morecambe Bay (Engeland) door het opkomende tij werden weggevaagd naast de zestiende eeuwse Chinese legende waarin Mazu, godin van de zee, de zeilers juist redt. Oude beelden wisselen zich af met met nieuwe, verschillende camerastandpunten verschijnen op verschillende schermen en dat alles met op de achtergrond een fluisterende vrouwenstem, waarvan ik mij niet eens meer kan herinneren of het Chinees of Engelstalig was. Eén grote beleving.

    Fondation Louis Vuitton
    Regenwater en LED-verlichting

    Wie het museum verlaat, doet dit niet voordat hij langs het waterbasin aan de voet van het gebouw is gelopen. Opgevangen regenwater stort zich uit over een brede trap en verdwijnt in een gracht langs het museum. Prismavormige gele glazen kolommen vormen een moderne zuilenrij, waarom is mij niet duidelijk, maar mooi is het wel (naslag leert mij dat het hier gaat om werk van de Deense kunstenaar Olafur Eliasson, genaamd Inside the Horizon; het is een LED-licht systeem met gekleurd glas, spiegels en geluid)

    Al bij al is Fondation Louis Vuitton bij mooi weer zeker een bezoek waard. Is het niet helemaal om de collectie, dan toch zeker om de constructie en het uitzicht over Parijs.


    Fondation Louis Vuitton
    8 Avenue du Mahatma Gandhi, 75116 Paris, France
    Telefoon: +33 (0)1 40 69 96 00

    A selection of works by Chinese artists from the Collection (27 januari – 29 augustus 2016)

    * LVMH: Louis Vuitton Moët Hennessy of Moët Hennessy Louis Vuitton is het grootste conglomeraat ter wereld van luxeproducten

    Informatie over de bouw van het project komt mede van de website van De Architect.