quality-time Archieven - Pagina 6 van 6 - barbarasevenstern.nl

Categorie: quality-time

zaken die het leven aangenaam maken

  • Glasvezel

    Glasvezel

    We gingen over op glasvezel. Niet vanwege de prijs, maar omdat het zo’n drie keer sneller is dan ons kabelnetwerk. Volgens de website van de glasvezel aanbieder tenminste. Met drie kinderen in de leeftijd tien, zeven en vijf jaar is snelle Wi-Fi een eerste levensbehoefte, geloof me. Daarnaast schrijf ik mijn boek vanaf huis. Internet mag dan afleider nummer één zijn, voor onderzoek is het onontbeerlijk.

    Een dapper plan
    Echtgenoot is van de praktische zaken, dus hij zette het hele gebeuren in gang.
    De aansluiting zou in twee stappen plaatsvinden en we kregen er een gratis monteur bij.  Dat laatste leek ons een goed idee, want zo iemand doet niet anders. We mochten hem alleen niet houden.

    Er kwamen twee grote dozen via de post.
    Een paar dagen later kwam monteur één langs die het nieuwe modem op de daarvoor bestemde plek bevestigde. Monteur twee die de daadwerkelijke aansluiting zou realiseren stond een week later gepland.

    En toen werden we gebeld.

    Een curieus gesprek
    ‘Goedenavond, met die-en-die van zussemezo. Ik bel u om een afspraak te maken voor uw nieuwe glasvezelaansluiting. ‘
    ‘Goedenavond. ‘
    ‘Zaterdag 12 december komen wij bij u langs.’
    ‘Zaterdag 12 december?’
    ‘Ja, dat is de eerste mogelijkheid.’
    ‘Maar ik heb al een afspraak staan voor a.s. maandag.’
    ‘Nee, dat is niet mogelijk. Maandag is volgeboekt.’
    ‘Ik heb de afspraak bij het afsluiten van het contract met Caiway zelf gemaakt.’
    ‘Dat hebben zij niet aan ons doorgegeven; en wij doen alle installaties.’

    Stilte

    ‘En nu?’
    ‘Wat ik zei, zaterdag 12 december is de eerst mogelijke optie.’
    ‘Onze huidige internet verbinding stopt per maandag 7 december.’
    ‘Ja, dat is heel vervelend voor u, maar het wordt toch zaterdag.’

    Code rood
    Daar zit je dan. Vijf hele dagen zonder werkend internet. Met spreekbeurten die moeten worden voorbereid, een boek dat geschreven dient te worden, vanaf zes december een nieuwe XBox en bovenal geen Netflix en YouTube. Ik wou dat het anders was, maar in mijn gezin betekent dat code rood. En niet van het KNMI-type ‘dat viel achteraf bezien gelukkig wel mee’.  Nee, ik heb het hier over een Katerina of een Mitch. Zo één uit de categorie 5: verwoestend en met windsnelheden van 249 kilometer per uur. Geen internet op het voetbalveld of vakantie is één ding, maar geen internet thuis is van een heel andere orde.

    ‘Caiway heeft met mij afgesproken dat er maandag 7 december een monteur langs komt.’
    ‘Dan adviseer ik u nog eens met Caiway te bellen. Wij weten hier van niets en wij gaan over de planning.’
    ‘Dus Caiway en uw organisatie creëren een probleem en vervolgens mag ik het oplossen?’
    ´Ik vind het heel vervelend voor u.´
    ´Nee, u gaat zelf Caiway bellen. En u zorgt ervoor dat er maandag een monteur langs komt.´

    Een klantgerichte monteur
    De aanhouder wint.
    Hij was er.
    Weliswaar pas om half tien ´s avonds, maar dat was eerder vervelend voor hem, dan voor ons.
    Hij was allervriendelijkst, deze Marlon, ondanks het late tijdstip.
    ´Soms zit het mee, soms zit het tegen,´zei hij opgewekt.
    Ons zat het met zijn komst even mee en daarna al snel weer tegen, want Marlon wierp één kundige blik op de router en zei: ‘Deze werkt niet.’
    ‘En nu?’
    ‘U zult een nieuwe router aan moeten vragen .’
    Code rood kwam alweer aardig in zicht, maar Marlon bleek niet voor één gat te vangen.
    ´U kunt die van mij wel zolang lenen,´ zei hij.

    Marlon for President. De daarop volgende dagen surften wij dankbaar via de privé verbinding van onze klantgerichte monteur. Het werkte nog niet optimaal en mijn WiFi extender voor internet op zolder (schrijfkamer) snapte er al helemaal niets van, maar we zaten gelukkig in code oranje.

    Er kwam weer een nieuwe doos en Marlon bracht ons wederom een bezoekje.
    Hij hoefde geen koffie, maar wist binnen vijf minuten de nieuwe router te installeren en de eerder genoemde Wifi extender werkend te krijgen. Zoals gezegd, zo iemand doet niet anders. Vanaf nu konden wij met snelheden van 75 mbits per seconden down- en uploaden. Volgens de website van de glasvezel aanbieder. In de praktijk liepen iPads vast en op zolder kreeg ik regelmatig de melding dat internet de pagina helaas niet kon vinden.

    Op scherp
    Zo’n nieuwe aansluiting zet ook de verhoudingen in het gezin op scherp. Kinderen en ik klaagden luid over de tegenvallende prestaties en echtgenoot, die de hele boel in gang had gezet om juist van dit gezeur af te zijn, verkondigde geërgerd dat wij in oplossingen moesten denken.

    ´Die mensen hebben ons bedrogen,´ verklaarde de oudste vol afkeer in zijn stem.
    ‘Nee’, antwoordde ik opvoedkundig, ‘dat is altijd als je overgaat op een andere provider.’
    Dat is altijd? Had ik dat werkelijk geantwoord?

    Gisteravond belde echtgenoot nog één keer met de glasvezel helpdesk.
    ‘Een nieuwe router? En het werkt niet goed? Dan heeft u nog niet de laatste software update doorgevoerd. De routers worden standaard geleverd met versie één en we zijn inmiddels toe aan versie drie.’

    Die helpdesk gaat het nog druk krijgen de komende tijd.

     

    Deze blog is ook gepubliceerd bij De Mama Company

  • Van blog tot boek

    Van blog tot boek

    24 mei 2015 │ De eerste keer dat ik haar zie is op het vliegveld. We staan in dezelfde rij om in te checken. Ik alleen, zij met haar man en twee kinderen. Het meisje houdt haar moeder´s arm stevig vast, de jongen zit stoer op de trolley.

    De tweede keer is een half uur later, bij de gate van het vliegtuig dat mij naar Mallorca brengt voor een week ongestoord schrijven aan mijn boek-in-wording.
    ‘Ben jij…?’ vraagt ze.
    ‘Ja, ik ben…’ is mijn antwoord.
    Meer hebben we niet nodig om te weten dat, mochten de andere deelnemers van de Schrijfweek uitblinken in rariteiten, Anne en ik ons in ieder geval aan elkaar kunnen vastklampen.

    Schrijfweek
    Mijn Schrijfweek is een verjaardagscadeau van echtgenoot, omdat hij weet hoe geïnspireerd en opgeladen ik van dergelijke trips terugkom. En ook omdat hij resultaatgericht is, een Schrijfweek is dan een tastbare activiteit die concreet bijdraagt aan mijn eerste-boek-project.

    Anne heeft de week ook cadeau gekregen, van haar moeder, die meer dan zij zelf een schrijfster in haar ziet.
    ‘Nee, ik weet niet of er ooit echt een boek komt,’ zegt ze als we de eerste avond met alle deelnemers en begeleiders bij elkaar zitten.
    ‘Kunnen we al wat van je lezen?’ vraag ik.
    Anne blijkt te bloggen over haar gezin, haar man Jeroen en hun kinderen Lotte en Pepijn. En ja, daar heeft ze wel wat stukjes van meegenomen. Wellicht dat deze ooit de basis van een boek worden.

    Schrijver
    2 nov 2015 │ Daar staat ze dan,  op haar eigen boekpresentatie in deVloer in Almere. Is het werkelijk nog geen half jaar geleden dat we in de Spaanse zon notities met elkaar uitwisselden?

    ´Jij bent de volgende,´ bezweert ze mij bij binnenkomst.
    Ik hoop het van harte, maar vandaag is het haar dag. De dag waarop Anne, zoals dochter Lotte aangeeft , ook schrijver is geworden. De blogs zijn uitgebreid en omgevormd tot een fysiek boek, met een kaft, achterflap, inleiding, nawoord en ISBN nummer.

    Levensinstelling
    Op de Schrijfweek ontmoette Anne uitgever Jan-Willem Gerth. Hij was er om ons beginnend schrijvers bij te praten over de ins en outs van het uitgeven. Hij was er dus niet om ons een contract aan te bieden. Toch ging Anne naar huis met een afspraak en een paar weken later waren de papieren getekend.

    De blogs van Anne gaan namelijk over veel meer dan haar gezin. Ze gaan over haar levensinstelling, de noodzaak van het aanpassen, bijstellen, herstructureren en genieten wanneer het leven anders loopt dan anders.
    Anne weet als geen ander wat dat inhoudt. Haar zoon Pepijn heeft een beperking. Een congenitale CMV-infectie tijdens haar zwangerschap heeft de aanleg van zijn linkerhersenhelft verstoord, met alle gevolgen van dien.

    ´Een CMV-wat? ´ vraag ik onwetend.
    ´Een soort herpesvirus’, legt Anne mij geduldig uit. ‘Je kunt het oplopen door contact met lichaamsvloeistoffen.’
    ‘Lichaamsvloeistoffen?’ vraag ik, het woord klinkt toch altijd wat smerig.
    ‘Zoals urine, speeksel en bloed. En dus ook door lieve kusjes en vieze handen.´
    Ik kijk haar verbaasd aan, daar heeft iedereen toch wel eens mee te maken?
    Ze knikt bevestigend. ‘De kans is groot dat je het hebt, want 75% van de bevolking is drager.’
    ‘En jij raakte geïnfecteerd toen je zwanger was van Pepijn?’
    Anne knikt weer. ‘Je wordt er niet per definitie ziek van en als je zwanger bent, is het helemaal niet zeker dat je je kindje besmet. Die kans is zelfs vrij klein.’
    ‘Maar dat is wel wat er bij jou gebeurde.´
    ´Ja, domme pech.´

    Handvatten
    1,5 jaar duurde het voordat Anne en Jeroen een diagnose kregen voor de problemen met Pepijn.  Dat is heel lang als je ziet dat je kind achterblijft in zijn ontwikkeling. Een diagnose voorkomt niet, maar biedt wel handvatten hoe nu verder te gaan.
    ‘Door de diagnose konden we bepaalde ontwikkelingen verklaren en juist andere zaken gaan monitoren,’ geeft Anne aan.

    En nu is er dan ook een boek: Zonder meer, zonder maar, door Anne Kien. Een boek over het dagelijkse en soms hectische leven van Anne´s gezin. Het zijn humorvol geschreven stukjes, die lekker weglezen, ondanks de soms pittige inhoud.

    Een boek over een gezin dat heeft geleerd om te gaan met een kind en broertje met een beperking, en waar dit als vanzelf als een mogelijkheid wordt beschouwd. In de woorden van Lotte: ‘mijn broertje is vooral Pepijn, leuk, lief en soms onaardig.’


    En nu wil je natuurlijk het boek kopen? Dat kan in de boekwinkel en online.

    Meer weten over CMV?


    Deze blog werd ook gepubliceerd bij demamacompany

  • 48 uur stil

    48 uur stil

    Een stilteretraite stond al enige tijd op mijn verlanglijst en toen de gelegenheid zich voordeed greep ik de kans dan ook met beide handen aan. Het laatste weekend van oktober dompelde ik mij onder in de rust en stilte van de St Bonifatiuskerk te Horssen (Gelderland).

    ’48 uur stil zijn, dat is toch niets voor jou?’ riep mijn omgeving van te voren geshockeerd uit.
    Dat, beste mensen, was nou precies het punt.

    Altijd gezellig
    Als gezelligheidsmens wil ik sfeer scheppen. Gezellige sfeer en dat betekent aandacht geven aan anderen. Een tevreden stilte is daarbij zeker niet uitgesloten, maar als deze te lang duurt, wordt hij voor mij toch wat ongemakkelijk.

    Ze hebben het toch wel naar hun zin? Het is toch wel gezellig?!

    Een stilteweekend haalt mij dan ook enorm uit mijn comfortzone. Ik bevind mij tussen de mensen, maar ik mag ze geen aandacht geven. Hoe gezellig is dat? En nog meer, hoe moeilijk?

    Onthaasting en zelfreflectie
    Een retraite is een eeuwenoude traditie, waarin vele kloosterlingen en boeddhistische monniken mij voorgingen, in hun geval voor het leven. Weg van de dagelijkse beslommeringen kozen zij voor geestelijke verdieping en een sterke verbinding met god. De afgelopen jaren zijn retraites weer meer in opkomst zonder gebonden te zijn aan een religie, maar gericht op onthaasting en zelfreflectie. Vaak aangeboden in combinatie met yoga, meditatie en mindfulness trainingen.

    Zweverig? Al lang niet meer. In onze huidige Westerse samenleving waarin we altijd bereikbaar (willen) zijn en niets willen missen zijn we druk-druk-druk, met als gevolg stress en in het ergste geval een burn-out of depressie. De tegenbeweging om weer tot ons zelf te komen en rust (terug) te vinden in ons dagelijks leven is een logische reactie hierop.

    Ging ik met deze behoefte het weekend in? Nee. Ik was simpelweg nieuwsgierig wat 48 uur stilte in een groep met mij zou doen.

    Zwijgen in plaats van socializing
    Op vrijdagmiddag worden we hartelijk ontvangen door Anne-Marie, die het Stilteweekend begeleidt. Ik ontvang een informatiemap en de sleutel van mijn kamer, genoemd naar de heilige Franciscus, we bevinden ons tenslotte in de pastorie.

    Van te voren is ons verzocht niet te praten met de andere deelnemers; begroeten is prima, maar geen persoonlijke informatie uitwisselen. Het idee hierachter, zo leren wij later, is om zo dicht mogelijk bij onszelf te blijven. Informatie over anderen betekent weer nieuwe input en het weekend is er juist op gericht om wat leger naar huis te gaan.

    Binnen in de St BonifatiuskerkOm kwart over vijf zitten we met de 13 deelnemers op zitzakken in het midden van de St Bonifatiuskerk, een werkelijk prachtige ruimte waar de meeste activiteiten plaatsvinden. De kerk is gebouwd in de 14de eeuw, in een tijd dat men nog rekening hield met de energiestromen van de aarde, ter versterking van de functie van de kerk: voeden, tot rust brengen en stil worden. Een mooie gedachte, ofschoon ik gedurende het weekend vooral de moderne vloerverwarming voel.

    De sfeer is afwachtend, we zijn stil en kijken vooral langs elkaar heen; blijkbaar maakt zwijgen oogcontact lastig. Anne-Marie compenseert ruimschoots ons gebrek aan geluid door haar energieke aanwezigheid en legt met heldere stem en op humoristische wijze uit wat we de komende twee dagen kunnen verwachten. Het doel van het weekend is onze innerlijke dialoog stop te zetten. Als ons dat lukt, creëren we meer innerlijke rust, waardoor we beter in balans komen te staan met de immer vragende en rumoerige buitenwereld.

    Een buitenwereld die wij zelf toelaten, omdat we, bewust en onbewust, willen zorgen, presteren en afgeleid zijn.

    Afgeleid van ons zelf, dat wat wij voelen, met als risico dat we op een gegeven moment overlopen, omdat we simpelweg niet genoeg rust hebben genomen. Niet genoeg voor onszelf hebben gezorgd.
    Om ons te helpen meer bij ons zelf te komen zijn er yoga- en meditatiesessies ingepland, ook is er een individuele stiltewandeling en een aantal creatieve workshops. Alle programma-onderdelen zijn vrijblijvend en met een open einde, je mag dus weggaan wanneer je dat wilt.

    Als niemand meer vragen heeft, luidt Anne-Marie de gong, ten teken dat het Stilteweekend officieel is begonnen. En het is opvallend, vond ik de groep daarvoor al zwijgzaam, na het gonggeluid is de stilte hoorbaar. Het voelt onwennig, alsof we ervoor enorm jolig waren.

    LummelenLummelen, in silte
    Elke dag heeft een vergelijkbare indeling, waarbij eten en activiteiten met elkaar worden afgewisseld. Daar tussen in blijft genoeg ruimte over om, zoals Anne-Marie het aanduidt ’te lummelen´.

    Lummelen brengt je thuis bij jezelf en betekent echt helemaal niets doen, gewoon maar wat zitten.

    Lezen wordt afgeraden, want ook dat is weer meer informatie en daarmee in feite vluchtgedrag van je innerlijke stilte. Daar gaat mijn kans om eindelijk One Day (David Nicholls) uit te lezen. Gelukkig is er nog de uitweg naar de tijdschriften in de huiskamer van de pastorie. Spiritueel voedend, staat er op onze hand-out, maar in de praktijk toegankelijker dan dit doet denken; ik kan mijn leesbehoefte stillen met een boekje met aansprekende Zen teksten.

    Onnatuurlijk en onaardig
    De vegetarische maaltijden worden verzorgd door Werner, de partner van Anne-Marie. Gedurende het weekend blijft hij een ietwat mystiek persoon die af en toe voorbij schiet in een keukenschort, en er voor zorgt dat de innerlijke mens op culinair vlak in ieder geval niets te kort komt.

    Eten in stilteAls je niet mag praten tijdens het eten, word je je van heel andere dingen bewust. Het gekletter van bestek tegen de borden, het krassen van een stoel over de vloer, je eigen kauwen, wat je daardoor zo zachtjes mogelijk probeert te doen. Ik probeer mijn aandacht volkomen mindful op de maaltijd te richten, maar mijn gedachten dwalen af. Het voelt heel onnatuurlijk en onaardig om in een groep stilzwijgend te eten, zonder rekening te houden met elkaar. En ik durf te beweren dat ik daar niet de enige in ben. Zo wachten we de eerste keer allemaal braaf tot iedereen is gaan zitten, alvorens met eten te beginnen. Als iemand opschept, kijkt hij toch nog even rond of er niet meer borden gevuld kunnen worden en van tafel vertrekken lijkt onbedoeld in groepjes te gaan.

    Lekker a-sociaal
    Terug in de kerk voelt het op mijzelf richten meer natuurlijk. Niet in de eerste plaats omdat alle andere aanwezigen dit ook doen. De één zit op een zitkussen, de ander ligt op een yogamatje, iedereen doet precies waar zij (en één hij, dit soort dingen worden altijd gekenmerkt door een groot gebrek aan mannen) zin in heeft. Niets hoeft, behalve stil zijn en elkaar met rust laten. En dat alleen al vind ik een rustgevende gedachte.

    Van denken naar voelen
    Elke doe-activiteit die we dit weekend ondernemen wordt voorafgegaan door een meditatie, met als doel onze blik naar binnen te richten en dichter bij ons gevoel te komen. Dat blijkt nog best lastig.

    Met een creatieve activiteit zoals tekenen of kleuren, lukt het mij nog prima, wat te danken is aan het feit dat mijn rechterhersenhelft hier wordt aangesproken. In deze helft zit ons creatief vermogen, onze gewaarwordingen en onze emotie en dat werkt automatisch meditatief. In het dagelijks leven spreken we vooral onze linkerhersenhelft aan, het gedeelte waar onze logica en verstandelijke functies schuilen; alles behalve rustig daar.

    De innerlijke dialoog en het Boerenpad

    post_banner_710_48_wandelen
    De individuele stiltewandeling is een ander verhaal. Ik ben vol goede moed, loop langzaam, ben mij bewust van mijn lichaam en geniet oprecht van de prachtige herfstkleuren in het boerenlandschap. Zonder oordeel laat ik mij door de paaltjes het verharde pad afleiden, ik knik vriendelijk, maar zwijgzaam naar een jonge visser die mij luidkeels begroet, en zak vervolgens met mijn gympen weg in de drassige rivierbedding.
    ‘Ik had beter mijn wandelschoenen aan kunnen doen,’ schiet het door mij heen. Maar ja, die heb ik niet bij me, dus laat ik de gedachte mindful gaan. Dat hou ik zo’n half uur vol, tot ik het modderpad bereik waar ik volgens de paaltjes overheen moet.
    ´Wat stom dat ik die schoenen niet bij me heb,´ zegt mijn linkerhersenhelft nu.
    ´Laat het gaan,´ antwoordt mijn rechterhersenhelft sussend.
    ´Had ik ze eindelijk een keer kunnen gebruiken, heb ik ze niet bij me!´ Linkerhersenhelft is inmiddels geïrriteerd.
    ´Kijk om je heen, geniet, je schoenen zijn nu toch al nat.´
    ´Ja, en ik heb geen ander paar bij me, ook dom.´
    ‘Laat het gáán.’

    Het moge duidelijk zijn, tijdens de wandeling wint mijn innerlijke dialoog het ruimschoots van mijn innerlijke stilte. Desondanks ben ik mij wel meer bewust, bewust van wat ik voel en van mijn omgeving. Er is geen afleidend gesprek te voeren of iemand of iets waar ik rekening mee moet houden. Dat is rustgevend.

    Aanpassen
    Als schrijver ben ik gewend lang alleen in stilte te zijn. Gedurende het weekend kom ik er achter dat dit mij in een stiltegroep ook prima afgaat. Het is net als de sauna: als iedereen naakt is, hou je ook niet je kleding aan. Dus als iedereen stil is, ga je ook niet praten. Zwijgen wordt dan iets heel natuurlijks.

    Waar ik wel moeite mee blijk te hebben, zijn de gesprekken aan het eind van het weekend, die alsnog ontstaan nadat Anne-Marie de stilte officieel heeft opgeheven. Ineens blijkt iemand drie kleine kinderen te hebben, waarop de helft in koor roept ‘O, wat druk voor je!’ en ik mij enorm moet beheersen om niet te roepen ‘Ja, maar die heb ik óók.’ Er blijken deelnemers te zijn die graag met dezelfde groep terugkomen, waarop ik mij onmiddellijk afvraag ´Waarom?’
    Van heel individualistisch ontstaat er ineens een groepsdynamiek, die ik daarvoor niet heb ervaren en waar ik ook totaal geen behoefte aan heb.

    Wat heb ik er uitgehaald?
    Ik had verwacht heel moe te zijn en veel te slapen, dat viel mee. Bij elke langere meditatie viel ik weliswaar in slaap, maar ik ben niet gebroken van het weekend teruggekomen. Echt opgeladen voel ik mij daarentegen ook niet.

    Ik ben blij met de ervaring, want het stond op mijn verlanglijst, maar ik zie mijzelf niet snel weer gaan. Samen stil zijn blijkt voor mij niet wezenlijk anders dan alleen stil zijn, en dat kan ik thuis op dit moment genoeg. Daarbij is schrijven mijn meditatie; als ik schrijf, ben ik gefocust, naar binnen gericht, en dat geeft mij een enorm gevoel van vrijheid en tevredenheid, oftewel, innerlijke rust.

    Boerenpad wandeling in stilte


    Overtuigd of nieuwsgierig naar een stilteweekend voor jezelf iemand anders?

    Wie Googled op Stilteweekend krijgt 7.550 resultaten; ik zat in de St Bonifatiuskerk in Horssen (Gelderland).

    Gebruikte bronnen:

  • De strijd van de minimalist in mij

    De strijd van de minimalist in mij

    ‘Jij ruimt niet op, jij verplaatst.’
    Dat is het structurele verwijt dat ik thuis krijg als ik weer eens een poging onderneem orde in de chaos te scheppen.
    Ik geef toe, ik ben heel goed in verplaatsen.
    Ook in stapelen, als we het er dan toch over hebben.

    Emotionele waarde
    Waar ik minder goed in ben, is dingen weggooien.
    Oude schoolagenda’s, brieven en krantenartikelen hebben voor mij een ongekende emotionele waarde. Dit gevoel projecteer ik ook op de werkjes van mijn kinderen, zodat er in de hoek van mijn werkkamer een enorme papierstapel ligt te wachten om ingeplakt te worden; immers zo leuk voor later.

    ‘Dan kun je in ieder geval je boekenkast leegruimen,’ zei iemand onlangs toen ik vertelde sinds kort de gelukkige eigenaar van een e-reader te zijn.
    Nee, natuurlijk niet.
    Daarin staan boeken die mijn opa nog heeft gekocht, die ik heb gekregen, achterovergedrukt of aangeschaft.

    Kortom, hier is geen sprake van een kast vol boeken, maar één vol herinneringen.

    ´In ieder geval komen er geen boeken meer bij,’ was de volgende opmerking.
    Helaas, weer mis.
    Sinds de aankoop van mijn e-reader heb ik alweer vijf fysieke boeken aangeschaft; papier geeft zo veel meer lees-beleving.

    En dan muziek en films. Met het grootste gemak schaf ik een nieuw album aan via iTunes. Heerlijk, alles direct binnen handbereik op één apparaat. Alleen de oude CD’s, om die nou meteen weg te gooien… En sinds de komst van Netflix in mijn huishouden liggen tientallen DVD’s te verstoffen in de kast. Ga ik ze ooit nog bekijken? Waarschijnlijk niet. Maar wat als Netflix uitvalt?

    Naast al het sentiment vind ik het ook gewoon zonde, zonde om iets wat nog goed is, weg te gooien. Ooit heb ik afstand gedaan van tientallen jaargangen modetijdschriften en dat knaagt nog steeds aan mij; ze zouden inmiddels collectors-waarde hebben.

    Less is more
    En toen las ik eind vorig jaar een artikel over minimalisten: mensen die hadden besloten om met minder bezittingen te leven waardoor ze zich vrijer voelden. Ze ruimden de rommel in hun huis en leven op met als resultaat dat ze er een rijker en voller bestaan voor terugkregen. In diezelfde periode ging ik naar de voorstelling Troep, waarbij de hoofdrolspeelster haar enorme verzameling aan spullen terugbracht tot 100 stuks, waardoor ze lichter door het leven ging. Ze heette nota bene Barbara en kwam ook uit Den Haag.

    Dat deed de deur dicht; dit ging over mij.

    En dit wilde ik ook: mij lichter en vooral vrijer voelen.

    Rendement in meerdere opzichten
    Ik besloot op te gaan ruimen en waar beter te beginnen dan bij mijn eigen kledingkast?!
    Ik was rücksichtslos en al snel had ik een ongekend overzichtelijke rij aan kledingstukken hangen. Zo één waar ik onbevreesd een jurkje uit kon pakken, zonder dat er tenminste drie kledingstukken meekwamen en er twee van hun hanger op de grond vielen. Zo één waar ik überhaupt kon overzien wat ik had.

    Een groot deel van de afgekeurde kleding ging naar het goede doel en enkele mooie stukken zette ik te koop op Marktplaats. En verkocht ze. Ik blij, iemand anders blij.
    Dat smaakte naar meer, en dus ging ik met dezelfde doelgerichtheid door de kasten van de kinderen. Ook hier verdween een hoop in vuilniszakken en werd een deel verkocht.

    En toen ging het mis.

    Mijn enthousiasme over de paar succesvolle Marktplaats-verkopen ging met mij aan de haal.

    In plaats van mij aan de regels van het minimaliseren te houden, ging ik uitbreiden.

    Een eigen winkel
    Er kwam kleding van familie en vrienden bij. Binnen enkele weken had ik een hele winkel aan tweedehands kleding, die ik via Marktplaats aanbood. En dat moest er natuurlijk wel professioneel uitzien, dus kwam er een Facebook pagina, een logo, twee aankleedpoppen voor de juiste fotografie, kreeg elk artikel zijn eigen wervende verhaal en als er iets verkocht was, dan werd dat uiteraard als cadeautje verstuurd, inclusief visitekaartje voor de branding.

    In plaats van vrijheid had ik er een hele baan bij. En ook nog eentje waarbij de ‘dubbeltje op de eerste rij’ discussie de boventoon voerde. Na vijf maanden was ik er klaar mee. Drie tassen met merkkleding verdwenen richting VintyWomen. Het moet gezegd, die organisatie ruimt echt op; er is van de dertig verstuurde items slechts één in verkoop genomen, de rest is alsnog door hen richting Goed Doel afgevoerd.

    Terug bij af
    Nu staan er vijf nieuwe dozen op zolder en naast de werkjes van de kinderen een selectie kleding die ik ooit op Marktplaats ga zetten als ik de moed weer heb. De minimalist in mij heeft de strijd voorlopig opgegeven, tot het moment dat er weer jurkjes van de kleerhangers afvallen, want die geordende kast, daar kan niets tegen op.

    Interesse in zwangerschaps-, kinder- of dameskleding? Laat het mij hieronder weten, het zou zomaar kunnen dat ik nog wat voor je heb.


    Is jouw innerlijke minimalist aangewakkerd en wil je jouw spullen kwijt? Hier wat tips:

    • Als je niets hoeft te verdienen aan jouw oude spullen, dan zijn er genoeg goede doelen die je er heel blij mee maakt. Zo ontvangt de Voedselbank ook graag speelgoed en andere materiële dingen, haalt de Kringloop Winkel de spullen zelfs thuis bij je op en zijn ze bij Dress for Success heel blij met representatieve kleding voor werkzoekenden met een minimum inkomen die zelf geen sollicitatiewaardige outfit kunnen kopen.
    • Kies je ook voor VintyWomen of VintyKids, check dan goed of je kleding van de toegestane merken is en aan de minimale verkoopwaarde voldoet. Wil je je afgekeurde kleding terug, dan betaal je €9,95 aan handling- en verzendkosten. Jouw percentage van de opbrengst wordt uitbetaald als shoptegoed bij VintyWomen en VintyKids zelf.
    • Ook tweedehands winkels ontvangen graag jouw nog mooie gedragen kleding; je houdt er een percentage van de opbrengst aan over dat je veelal vrij kan besteden.
    • Ga je voor Marktplaats, maak je lijst van aangeboden spullen niet te lang en voorkom onnodig heen-en-weer gemail door in je omschrijving naast confectiemaat ook lengte, materiaal en verzendkosten aan te geven.

    Deze blog is ook gepubliceerd op de website van De Mama Company

  • Het onverwachte risico van boodschappen

    Het onverwachte risico van boodschappen

    ‘Ik zie het al,’ zegt de dokter. ‘Het is duidelijk een slijmbeursontsteking.’
    Ze heeft mij zojuist een aantal zwaaibewegingen met mijn armen laten doen; met de rechter is dit geen probleem, de linker is een heel ander verhaal.

    Hypochonder
    Al enige tijd heb ik last van een zeurende pijn in mijn linkerarm. De pijn is dermate aanwezig, dat ik er ’s nachts wakker van word en dan moeizaam met mijn pijnloze rechterarm de gekwelde linker verplaats, in de hoop dat een andere houding verlichting brengt (bloedsomloop enzo). Op zulke momenten komen de doom-scenario’s in mijn hoofd op; gedachten over enge spierziektes en kwade cellen die zich ongezien vermenigvuldigen in mijn lijf. Ik kan vreselijk hypochondriën als het midden in de nacht is.

    ‘Je kunt beginnen met een week Ibuprofen of Diclofenac te slikken. Als dat niet helpt kunnen we overgaan op een injectie.’
    Uit eerdere ervaring weet ik dat het om ontstekingsremmers gaat, en dat die injectie een zeer pijnlijke aangelegenheid is.
    ‘Hoe kom ik aan een slijmbeursontsteking in mijn arm?’ vraag ik voorzichtig.
    ‘Dat kan van alles zijn,’ is het vage antwoord.

    Hollands panorama vanuit het bed
    De vorige keer dat ik een slijmbeurs ontsteking had was de oorzaak duidelijk aanwijsbaar. Een familieweekend had mij in een Friese boerderij doen belanden en echtgenoot en ik hadden de zolderkamer-met-uitzicht toebedeeld gekregen. ´Het bed staat op een podium,´ had mijn schoonzus enthousiast geroepen, ´zodat je bij het ontwaken direct over de akker kan uitkijken.´ Ze had gelijk, vanuit het bed was er een prachtig wijds Hollands panorama te bewonderen; mits je de gordijnen open hield natuurlijk. We hadden een toilet op de kamer, wat prettig is voor mensen zoals ik die er ’s nachts altijd minstens één keer uit moeten.  Ik weet nog goed dat ik mij voor het slapen inprentte dat de deur van het toilet links zat, en dat de deur rechts op de steile zoldertrap uitkwam. Toen ik gewoontegetrouw midden in de nacht wakker werd, liep ik dan ook feilloos naar de linkerkant van de kamer. Alleen het podium, dat was ik even vergeten. Drie treden hoog. Ik heb minstens een paar minuten nodig gehad om bij te komen, terwijl echtgenoot en oudste zoon ongestoord doorsliepen. Alleen mijn neef zei de volgende ochtend dat hij ´s nachts wat had horen omvallen.

    Voorkomen is beter dan genezen
    Ik weet dus hoe je aan een slijmbeursontsteking komt. Maar in dit geval ben ik niet onlangs gevallen of heb ik mij niet hard gestoten. Ik ben niet linkshandig en de tijd dat ik structureel een kind op de linkerarm droeg ligt ook al achter mij. Degenen die zich afvragen of ik wellicht te stevig heb gesport, laat ik zeggen dat het daar niet aan zal liggen.

    ‘Je loopt natuurlijk vaak met zware boodschappen,’ oppert echtgenoot, als hij hoort van de opspelende slijmbeurs.
    Boodschappen sjouwen? Dat kan toch niet de reden zijn van een ontsteking? Tegen beter weten in Google ik ‘slijmbeursontsteking schouder’ en wat blijkt, er is zelfs een heuse website over. Onder oorzaken lees ik overbelasting, werken boven het hoofd en uitvoeren van dezelfde beweging. Schilderen of ramen-lappen zit er de komende tijd dus niet in. Voorkomen is beter dan genezen, roept de website waarschuwend, en dus is ‘absolute rust geïndiceerd van tenminste twee weken’. Bij verder lezen blijkt dat absolute rust inhoudt ‘geen bovenhandse activiteiten en niet op de aangedane schouder liggen.’  Jammer.

    Ik heb inmiddels twee Ibuprofen pillen geslikt en voel mij vreselijk zielig. Wat natuurlijk zeer aanstellerig is, want er zijn zoveel mensen die ergens last van hebben, en ook nog eens veel chronischer en erger dan ik op dit moment.

    Als de klachten over een week niet over zijn, moet ik terug komen voor de injectie. Tot die tijd mag echtgenoot de boodschappen doen.

     

     

  • Een boek schrijven: hoe lang duurt dat?

    Een boek schrijven: hoe lang duurt dat?

    Ik schrijf een boek. Het is een roman met een thriller insteek en de (werk)titel is Familiegeluk. Naast de veelgestelde vraag ‘wanneer is het af?’ krijg ik ook vaak te horen ‘hoe lang ben je daar al mee bezig?’

    Mijn eerste reactie is ‘een kleine 1,5 jaar’, maar eigenlijk is dat te makkelijk. Ja, het idee van Familiegeluk ontstond ergens in juni 2014, toen ik gelegen in een hangmat in de prachtige Oostenrijke bergen de eerste verhaallijn op papier zette. Maar om daartoe te komen had ik al vijf jaar afgelegd.

    Dromen realiseren
    Toen eind 2008 het tweede kind van echtgenoot en mijzelf werd geboren, was ik tot de conclusie gekomen dat ik niet meer alleen wilde rennen voor de baas. Ik wilde mijn dromen achterna en één daarvan was het schrijven van een boek. Met de inzet van ouderschapsverlof ging ik 27 uur werken, waarbij vrijdag mijn schrijfdag werd. Eén dag in de week is niet veel, zeker niet toen de oudste na een half jaar naar de lagere school ging en ik om kwart voor drie al mijn plekje achter de computer moest verlaten, maar het was een begin. Ik had bedacht dat ik een chicklit ging schrijven, omdat mij dit als vrouw-van-ergens-in-de-dertig een laagdrempelig debuut-genre leek. Ik kon zo uit mijn eigen verleden en heden putten en mijn leeservaring met schrijfsters als Marian Keyes, Jill Mansell en Hellen Fielding was meer dan voldoende om een goed idee van de betere chicklit te hebben.

    Droombaan
    Ik schreef een verhaallijn, synopsis, diverse karakteromschrijvingen en toen kwam kind nummer drie. En dat niet alleen, er deed zich een mogelijkheid voor van wat op dat moment mijn droombaan leek. Ik moest er alleen wel weer full-time voor gaan werken. Wat ik deed. Het boek-in-wording ging in de kast en twee jaar gingen voorbij.

    En toen begon het weer te kriebelen. De droombaan bleek in combinatie met drie kleine kinderen toch meer een nachtmerrie en daarmee kwam de schrijfdroom weer terug. Ik las over een schrijfweek in de Oostenrijkse bergen en dacht maar één ding: daar moet ik naar toe.

    Gelijkgestemden
    Ik stofte de oude papieren van de chicklit af en dook letterlijk onder in de bijzondere wereld van De Berghut, een pension voor ontmoeten, inspiratie en bergbeleving. In de veilige omgeving van gelijkgestemden, kon ik mij weer helemaal richten op mijn verhaal. En ik realiseerde mij: dat hoofdpersonage uit mijn boek, dat ben ik. Hier was een meisje dat heel graag iets wilde bereiken, maar voor de veilige zijlijn koos. In plaats van haar nek uit te steken en het te doen.

    Niet lang daarna verliet ik mijn werkplek.

    Braindump
    Met nog geen nieuwe baan, had ik alle tijd om te schrijven, maar nee. De maanden van buffelen en over grenzen gaan, braken mij op. Ik kreeg ontstressingshoofdpijnen en het duurde zeker zes weken voordat ik weer een beetje normaal naar een beeldscherm kon kijken. De inspiratie bleef uit, maar ik wilde wel schrijven. Dus dat was wat ik deed; een braindump van alles wat er de afgelopen twee jaar had plaatsgevonden, met de kernvraag ‘is dat wat je doet, het ook waard? Want ik had gemerkt dat ik niet de enige was met te veel stress en hoofdpijn.

    Hoe beraak je de lezer?
    Met 120 pagina´s tekst trok ik voor de tweede keer de bergen in. Teksten die over mij gingen en gelezen zouden worden door schrijfcoaches. Best confronterend, vond ik. De schrijfcoaches waren unaniem in hun oordeel: het verhaal lag te veel aan de oppervlakte.

    Weg van de dagelijkse hectiek op het thuisfront en met de focus op het schrijven, begreep ik gelukkig precies wat ze bedoelden.

    Schrijven is het uitvergroten van emoties.

    Mijn pakket aan papier was weliswaar de resultante van heel veel persoonlijke emotie, maar op een afstandelijke manier gebracht. Waarom? Omdat het over mijzelf ging. Het was mijn verhaal.

    Welke vorm past bij mij?
    Daarmee had ik precies de vinger op de zere plek gekregen. Zolang het letterlijk mijn verhaal bleef, zou ik niet dieper tot de emotie kunnen doordringen. Het moest dus het verhaal van iemand anders worden, waarop ik mijn eigen emoties kon projecten.

    ‘Wat is het allerergste wat je zou kunnen overkomen?’ vroeg iemand mij. ‘Schrijf daar eens over.’
    Ik liet onmiddellijk een kind dood gaan.

    Tijdens diezelfde schrijfweek was er een schrijfoefening, waarbij je een stuk tekst vanuit verschillende genres moest benaderen. Afgezien de hilarische verhalen die het opleverde, gaf het mij het inzicht dat een thriller-insteek mij uitermate goed lag.

    Familiegeluk is nu voor zo’n 70% geschreven en de feedback tijdens mijn laatste Schrijfweek, deze keer op Mallorca, heeft mij gesterkt in het vertrouwen dat ik op de goede weg zit.

    Het belang van de lange adem
    En zo ontstond, 1,5 jaar geleden, het begin voor mijn eerste boek. De weg er naar toe duurde vijf jaar. Vijf jaar van beginnen, stoppen, oppakken, wegleggen, weggooien, weer opnieuw beginnen, feedback vragen, aanpassen. Een ontwikkeling die onlosmakelijk aan mijn eerste boek verbonden is, omdat ik zonder die zoektocht niet tot de insteek van Familiegeluk had kunnen komen.

    Dus, beginnend schrijver, mocht je je afvragen of je op de goede weg zit, schroom niet je werk met anderen te delen en sta open voor hun feedback. Doe eens mee aan een schrijfoefening, zodat je meer inzicht krijgt in de vorm die het best bij jou past. En durf opnieuw te beginnen, alles wat je hebt geschreven draagt uiteindelijk bij tot het eindresultaat: jouw boek.


    Volg de ontwikkeling van mijn eerste boek Familiegeluk via Facebook: https://www.facebook.com/familiegeluk

    Ook op schrijfweek of jezelf even terug trekken (klik op de tekst)?

     

    Een verkorte versie van deze blog is ook gepubliceerd op Schrijven Online

  • Vanuit het bord verbinden

    Vanuit het bord verbinden

    ‘Hoe was het? Waar zijn de foto’s van het eten?’ De vragen worden op mij afgevuurd, inclusief de meest voor de hand liggende: ‘was het het waard?’

    Ik ben net terug van een bliksembezoek aan Ibiza. Niet voor een mindful yoga retreat of exclusieve nachtclub sensatie, nee, ik ging er naar een restaurant. Of, zoals onze oudste treffend verwoordde, ‘pappa en mamma zijn effe op en neer naar Ibiza om een hapje te eten’.

    Je kunt heel makkelijk allerlei redenen bedenken om dit over-the-top te vinden. Dat is precies wat ik ook deed, enkele weken geleden bij het lezen van de vooraankondiging:

    vijf Nederlandse top chefs ruilen hun eigen keuken tijdelijk in voor een pop-up restaurant op Ibiza.

    Mijn oog viel op één van de namen van de chefs, Edwin Vinke van de Kromme Watergang in Hoofdplaat (Zeeuws-Vlaanderen).

    Dat kon niet waar zijn: mijn favoriete chef én mijn favoriete eiland!
    Hier moesten echtgenoot en ik naar toe.
    …..
    Of toch niet.
    Want ja, zoiets is niet gratis.
    En daar komt dan ook nog verblijf en oppas bij.
    En de timing in september is uitermate ongelukkig met het begin van het schooljaar.
    Los nog van de beschikbaarheid van de oppas.

    Ik was reëel en verstandig en liet het gaan.

    Gelukkig was echtgenoot dat niet. Want sommige dingen moet je gewoon hebben meegemaakt. En dit is voor ons één van die dingen.

    Société Anonyme
    Zo komt het dat ik afgelopen dinsdagavond samen met echtgenoot over een zeer kuilig zandpad rijd ten noorden van Ibiza. Buiten is het pikdonker en het enige zichtbare is de aangelichte houten poort van het luxe Hotel Rural Astarte. We stappen uit op de binnenplaats en worden opgevangen door een boomlange beveiliger, die ons verrassend toegankelijk welkom heet. Een met lampjes verlicht pad leidt ons naar een staantafel waar initatiefneemster Diana Pattiselanno ons staat op te wachten.

    Diana is een hartelijke dame, die het idee van Société Anonyme, zoals het pop-up restaurant heet, bedacht gedurende een sabbatical.

    Creativiteit samenbrengen, maar altijd vanuit het bord.

    De contacten met de restaurants had ze al vanuit haar voormalige functie bij RTL Productions en de chefs waren enthousiast. Een onbekende keuken in een ander land, dat betekent inspiratie en uitdaging.

    Foto: Remy Sapuletej
    Foto: Remy Sapuletej

    Het is de openingsavond en Diana praat aanstekelijk over haar nieuwe avontuur. ‘Ik zei tegen mijn man, als we het nu niet doen, doen we het nooit meer.’ Ook heeft ze grote ambities. ´Deze keer zijn het Nederlandse chefs, maar we willen zeker ook met buitenlandse topkoks samenwerken.’

    Achter Diana staat Mike Dooms, de sommelier van De Kromme Watergang en gedurende de avond ook in de rol van oplettende gastheer. We begroeten elkaar als oude bekenden, wat we na een huwelijksaanzoek en zeven keer eten bij hen in het restaurant ook wel een beetje zijn. Zeker op deze exotische locatie.

    Het gastvrije gevoel vinden we ook terug bij de bar, waar ons een glas Aix Rosé wordt ingeschonken als welkomst drank. Op de achtergrond draait een DJ sfeervolle muziek, hij zal dit de hele avond blijven doen, zonder opdringerig te worden.

    Come as you like
    De exclusieve omgeving vraagt om nadere inspectie en we lopen een rondje door de tuin, waar comfortabele zitjes her en der staan verspreid en we houten tafels op verschillende terrassen zien staan. Alles is sfeervol verlicht, tot en met het zwembad toe, waarin twee nepzwanen decoratief rond dobberen tussen drijvende theelichtjes. Later horen we dat de oorspronkelijke tafelopstelling rond dit zwembad was, maar de ongekende regenval van die ochtend heeft de organisatie doen besluiten het zekere voor het onzekere te nemen en dus wordt het diner geserveerd op het hoger gelegen, meer beschutte terras. Bijkomend voordeel: de aangrenzende keuken en de onvermijdelijke green-egg BBQ waarop een deel van de gerechten wordt bereid, creëert direct een sfeer van intimiteit.

    Foto: Société Anonyme
    Foto: Société Anonyme

    Ik kijk nieuwsgierig rond, op zoek naar het antwoord op de vraag ‘wat voor mensen komen nu naar zo’n exlusief pop-up restaurant?’ Het antwoord is al snel duidelijk: een zeer divers publiek. Jong, ouder en van spijkerbroek, t-shirt en gympen tot en met jurkje met sleehak, het is er allemaal. Mijn voor het gemak en we-zijn-tenslotte-op-Ibiza gekozen platte slippers vallen dan ook totaal niet uit de toon.

    ‘Een combinatie van vakantiegangers, bewoners van het eiland zelf, relaties en pers,’ krijgen we bij navraag te horen. ‘ Zeker op een openingsavond als deze, is het belangrijk dat we worden opgepikt door mensen met een hoog media bereik. Daarom is het ook reuze spannend dat Sunnery en Ryan er zijn.’ Pas bij thuiskomst begrijp ik over wie ze het hebben.

    Betekent dit dat je als betalende gast het gevoel hebt tussen de genodigden te zitten?
    Nee, gelukkig niet. Ook heb ik geen enkel moment het idee van een ongenaakbare in-crowd. Elk gezelschap heeft zijn eigen tafel en je zit ruim genoeg van elkaar af om elkander niet tot last te zijn. De akoestiek op het terras is minder goed dan in het eigen restaurant in Zeeuws-Vlaanderen, maar dat past wel bij de informele sfeer die er gedurende de gehele avond hangt.

    Zeeuwse nuchterheid meets Ibiza chique
    De chef komt persoonlijk elke tafel langs om de keus van het menu toe te lichten. Hij is oprecht vereerd (beschaamd haast) dat wij puur voor zijn kookkunsten naar Ibiza zijn gekomen. En dat vinden wij natuurlijk ook weer leuk.

    Naast eerder genoemde Mike is de voltallige keukenbrigade meegekomen. De internationale bediening is wel nieuw en duidelijk nog wat onwennig. Ik voel de spanning van een opening en besef mij dat we een bijzonder moment meemaken.

    En dan natuurlijk die andere vraag: wat hebben we gegeten en hoe was het?

    Het was vooral vis en heerlijk, wat je kan verwachten van een top chef met een twee Michelinsterren visrestaurant. Vijf gangen met koffie en bijpassende wijnen, die vrolijk door werden geschonken als het glas leeg dreigde te geraken.

    sa_compilatie_etenAls aperitief eten we fruits de mer met lokale zeevruchten en cocktails, waarbij de in moijto gemarineerde schelp een extra vermelding waard is. De bijgaande cava is opmerkelijk zacht van smaak.

    Het voorgerecht is er eentje zoals je ze ook op de kaart in Zeeland terugziet; een ceviche van zeebaars, inktvis en zeekomkommer. Zacht van smaak en uiteraard niets van het taaie wat een inktvis wel eens kan hebben. We drinken er een Albarino bij.

    Het hoofdgerecht vind ik persoonlijk het meest opvallend uit het rijtje en hoop ik zeker nog eens vaker te eten. Een bouillabaisse van heek, ansjovis, rode garnalen, aubergine en courgette. Ik heb zelf ook een sterke herinnering aan veel stukjes tomaat (echtgenoot eet geen tomaat), maar daarvan wordt op het menu geen melding gemaakt. De stevige heek vormt een heerlijke combinatie met de smaakvolle ‘soep’. In het glas zit een rosé uit de Languedoc.

    Het pre-desert (prachtig woord) is een gerookte mousse van foie gras met peer, vanille, schapen yoghurt, lavendel en amandelen. Eigenlijk ben ik helemaal niet van de eendelever, en de portie was wat ruim. Dat ik tegen beter weten in hem wel helemaal heb opgegeten, zegt genoeg. Voor het tegenwicht drinken we een volle Godello.

    Het echte desert is een combinatie van pure chocola, fennel, toffee crumble, groene appel en espresso. Met name de toffee is om je vingers bij af te likken. En omdat we op Ibiza zijn krijgen we hierbij een cocktail van Hierbas en groene appel.

    We sluiten af met een koffie, geserveerd met chocolade bonbons met gezouten caramel en liquor 43.

    Een mooi menu, waarbij de maag goed gevuld is zonder dat gevoel van ´net iets te veel´, wat in mijn geval ook nog wel eens kan gebeuren.

    Geen evenement, wel een beleving
    Mooi eten op een fijne locatie is niet uniek, een chef uit zijn goed geoliede restaurant halen en op een (vakantie)eiland neerzetten om een fantastisch diner te bereiden met de middelen die hij daar heeft, is wel bijzonder. Société Anonyme spreekt op haar website van een ‘experience´ en ik vind dat een treffende omschrijving. De dynamiek en het enthousiasme van alle betrokkenen is voelbaar en aanstekelijk; met elkaar iets nieuws ondernemen.

    Was het het waard?

    Ja, voor mij wel. De band die wij met De Kromme Watergang hebben speelt daarin vast een rol, maar als ik de mogelijkheid had, zou ik de komende paar weken bij elke chef aanschuiven.

    Foto: Remy Sapuletej
    Foto: Remy Sapuletej
    Foto: Remy Sapuletej
    Foto: Remy Sapuletej
    Foto: Remy Sapuletej
    Foto: Remy Sapuletej
    Foto: Société Anonyme
    Foto: Société Anonyme
    Foto: Remy Sapuletej
    Foto: Remy Sapuletej

    post_pic_sa_brigade

    Met Mike en Edwin.
    Die kan dan natuurlijk niet ontbreken; met Mike en Edwin.

    Ook zo´n unieke culinaire ervaring?
    Société Anonyme is nog tot en met zondag 27 september te bezoeken. Naast Edwin Vinke van De Kromme Watergang in Hoofdplaat (twee Michelinsterren) zullen ook Ron Blauw van onder andere Ron Gastrobar in Amsterdam (een Michelinster), Erik van Loo van Parkheuvel in Rotterdam (twee Michelinsterren), Soenil Bahadoer van De Lindehof in Nuenen (twee Michelinsterren) en Fred Mustert van Restaurant Fred in Rotterdam (twee Michelinsterren) hun culinaire best gaan doen op de prachtige locatie van Hotel Rural Astarte.

    Reserveren kan via de website van Société Anonyme: http://www.wearesociete.com/
    Mooie plaatjes kijken doe je op Facebook: https://www.facebook.com/wearesociete

  • Ik ga op vakantie en neem mee..

    Ik ga op vakantie en neem mee..

    Pogingen iets van het leven te maken; Hendrik Groen
    Ik had mijn eerste vakantieboek nog niet uit, of ik miste hem al: Hendrik Groen, de ik-persoon in ‘Pogingen iets van het leven te maken’. Hij is zo iemand van wie je hoopt dat, als je dan toch in een bejaardentehuis belandt, hij je buurman is.

    Hij mag mijn buurman nu al zijn.

    Een jaar lang geeft Hendrik Groen een kijkje in zijn leven in een verzorgingshuis in Amsterdam-Noord. Dat is niet altijd opbeurend, en zeker confronterend voor iedere 70-plusser. De gebeurtenissen zijn klein, en daarmee juist zo veelzeggend. De oprechte toon en humoristische wijze van schrijven, maakt dat het verhaal nergens over-sentimenteel of ongeloofwaardig wordt. Het is gewoon wat het is, en Hendrik weet er, samen met zijn sympathieke bejaarden vrienden, zeker wat van te maken.

    Lezen dus, met een lach en een traan. Voordat de verfilming komt.

    P.S. ook leuk vanuit de marketing: er is een grote stapel groot-letter exemplaren cadeau gedaan aan verzorgingstehuizen.

     

    Het Rosie Project; Graeme Simsion
    Waarschijnlijk was het niet eerlijk dat ik ´Het Rosie Project´ direct na Hendrik Groen ben gaan lezen. Ik was nog te vol van mijn bejaarde om hoofdpersoon Don werkelijk een kans te geven. Daarnaast waren mijn verwachtingen hoog gespannen door alle lovende reacties uit mijn omgeving.

    Het verhaal gaat over de autistische Don Tillman, een briljante docent genetica, die denkt dat hij met behulp van een zestien pagina’s tellende vragenlijst zijn perfecte partner kan vinden. Het moge duidelijk zijn dat als Rosie Jarman in zijn leven komt, zij niet hoog scoort op deze lijst.

    Ik vond het boek amusant, maar niet hilarisch en niemand kroop echt onder mijn huid. Don is te veel de ideale partner, ondanks en vooral vanwege zijn Asperger. Daarbij wordt hij erg voorspelbaar naarmate het boek vordert. Wat ook niet helpt, is dat hij de conflicten binnen het Rosie Project relatief eenvoudig weet op te lossen, waardoor de spanningsboog laag is. Love-interest Rosie zelf is sympathiek, maar meer ook niet. Evenals bij de andere personages blijft haar karakter op de oppervlakte, alles draait om het succesverhaal van Don. En dat is voor mij te eenzijdig, omdat iemand met een gedragsstoornis het zijn omgeving ook heel lastig kan maken. Echt lastig, niet leuk-en-uiteindelijk-toch-wel-handig lastig.  Dat is wellicht niet leuk voor het verhaal, maar wel beter voor de geloofwaardigheid.

    Geloofwaardigheid is zeker niet de insteek die de auteur voor ogen heeft gehad. En daar staat tegenover dat de recht-toe-recht-aan verhaallijn lekker makkelijk weg leest. Ook weet je direct al dat je niet teleurgesteld gaat worden aan het eind van het verhaal, wat niet geheel onbelangrijk is bij een feel-good boek.

    Lezen? Ja hoor. Op vakantie of juist na een te drukke (werk)week.
    Er is inmiddels ook een vervolg op de markt.


    Zout op mijn huid’
    ; Benoîte Groult
    ‘Zout op mijn huid’ van Benoîte Groult gaat over de onmogelijke, maar levenslange passie tussen een Parisienne en een Bretonse zeeman.

    Het boek werd onverwacht genoemd door één van de personages in mijn eigen boek-in-wording en dat leek me reden genoeg om het zelf ook te lezen. Het is immers al jaren een zeer beroemd liefdesverhaal en wat mij betreft verplichte kost voor iedereen die denkt met E.L. James weg te komen.

    Het is ook een bijzonder boek. De ik-schrijfstijl brengt je onder de huid van de hoofdpersoon, terwijl de meer afstandelijke hij/zij-vorm, die eveneens in het boek wordt gehanteerd, een beschouwend perspectief biedt. En de hele tijd voel je je als lezer de voyeur van de lust, liefde en wanhoop van hoofdrolspelers Lozerech en Gauvain.

    Prachtig intens geschreven, maar ook met humor en herkenning. En zinnen die ik nog een paar keer opnieuw zal moeten lezen om ze volledig te bevatten. Het eind is onontkoombaar, en toch hartverscheurend.

    Lezen dus!