Barbara| barbaraschrijft.nl, auteur op barbarasevenstern.nl - Pagina 5 van 13

Auteur: Barbara| barbaraschrijft.nl

  • De kracht van spannend schrijven

    De kracht van spannend schrijven

    Wie mij volgt, weet dat ik niet meer in de race zit voor de publiekswedstrijd van De Pennen zijn Geslepen. Dat betekent niet dat ik het programma en de wedstrijd niet meer volg. Het blijft immers leuk en vooral ook leerzaam om de complete verhalen van de tien finalisten te lezen.

    Ga ik ook stemmen? Natuurlijk. Al vind ik dat nog best lastig. Niet omdat ik er zelf niet tussen zit. Hoe spijtig ook, die teleurstelling heb ik inmiddels achter mij gelaten.

    Onbevredigd gevoel

    Wat ik lastig vind, is dat er niet één inzending direct tussenuit springt. In ieder geval niet voor mij. Ik lees alle verhalen, waarin vrouwen veelal de hoofdrol spelen en moeders en geliefden een belangrijke bijrol hebben. Ik lees ze nog een keer en kom tot de conclusie dat een groot deel mij onbevredigd achterlaat. Dat zegt waarschijnlijk veel meer over mij, dan over de kwaliteit van het schrijfwerk, maar als schrijver is het toch interessant te analyseren waarom dit zo is.

    Het brengt mij tot een aantal punten:

    • Ik kan mij niet identificeren met de hoofdpersoon. Vaak omdat de intrinsieke motivatie achter haar handelen onduidelijk is: waarom doet ze wat ze doet? Een enkele keer omdat ik te weinig achtergrond heb: waarom overkomt haar dit?
    • Aan het eind lijkt alles voor niets geweest. Omdat ik na 750 woorden het gevoel heb terug bij af te zijn of omdat er iets is gebeurd waar niemand wat mee is opgeschoten. En dit wordt alleen maar versterkt, wanneer de sfeer in het verhaal goed is neergezet en ik enorm meeleefde met de hoofdpersoon.
    • In dit verlengde heb ik ook een hekel aan een slechte afloop, ofschoon dat in het geval van De Vrijheid dermate origineel is, dat ik het wel weer kan waarderen. En hier geldt: het verhaal is verder gegaan, zij het in de voor de hoofdpersoon onprettige richting.
    • Een ander voor de hand liggend punt is de leesbaarheid van het verhaal. Vooral gevechten om uit te breken of juist iemand te doden zijn voor mij niet altijd even helder. Ik moet direct kunnen zien wat er gebeurd en dat moet geloofwaardig zijn.

    Persoonlijke ontwikkeling

    Uiteindelijk blijven er drie verhalen over, waartussen ik moet kiezen. Drones vind ik erg goed geschreven, maar geen thriller en valt dus als eerste af. De keuze is dan tussen Losgelaten en Moeder, vast ook omdat ik zelf kinderen heb. Ik lees beide verhalen nog een keer kritisch door en kies voor Moeder. Niet alleen omdat ik het in zijn geheel beter geschreven vind, maar ook omdat de hoofdpersoon een duidelijke ontwikkeling doormaakt, wat belangrijk is voor een goed verhaal.

    Ik heb mijn stem uitgebracht en ben zeer benieuwd welk verhaal de jury zal kiezen.

    Met de eigen billen bloot

    Na bovenstaande kritische beschouwing ben je wellicht nieuwsgierig naar het eind van de eerste alinea die ik zelf had ingezonden. Mijn complete verhaal vind je hier: De Afspraak. Constructieve feedback is uiteraard van harte welkom.


    Ook stemmen?
    Dat kan nog tot en met woensdag 7 december middernacht op de website van De Pennen zijn Geslepen.

  • De afspraak (inzending schrijfwedstrijd)

    De afspraak (inzending schrijfwedstrijd)

    De pijn is terug, heviger deze keer. Sam knijpt zijn ogen stijf dicht, zijn handen tot vuisten gebald. Het liefst zou hij die vuisten recht in het gezicht van de man achter hem slaan, maar hij weet dat dit geen optie is. De man heeft foto’s van hem gemaakt, foto´s die Sam niet op internet wil terugzien.
    Harde vingers boren zich in zijn heupen en hij moet op zijn lippen bijten om het niet uit te schreeuwen. God, wat haat hij deze man. Deze man, waarvan hij dacht dat hij hem kon vertrouwen.
    De zware ademhaling achter hem versnelt en Sam weet wat er gaat komen.
    Dit moet stoppen, denkt hij, en er is maar één manier waarop dat kan.

    De voordeur valt met een harde klap in het slot, gevolgd door het gestommel van voetstappen in de gang. Over tafel kijken Roos en Tom elkaar veelbetekenend aan. Er was een tijd dat ze niet konden wachten tot Sam thuiskwam, maar sinds enkele maanden brengt zijn aanwezigheid een onaangename spanning met zich mee.
    ‘Laat hem maar aan mij over. ‘ Roos doet haar best neutraal te klinken, onpartijdig. Haar vriend haalt zijn schouders op met de gelatenheid van iemand die al te vaak op de proef is gesteld.

    Achter hen gaat de kamerdeur open. Roos draait zich om. ´Sam..’ de rest van de woorden blijft in haar keel steken. Naast Sam staat een man die ze uit duizenden zou herkennen, al was het maar omdat ze hem elke dag in het gezicht van haar zoon terugziet. In haar maag vormt zich een harde knoop; wat heeft die twee bij elkaar gebracht?

    ‘Victor Sanders.’ De man steekt zijn hand uit naar Tom, die hem aarzelend aanneemt. Roos ziet hoe een spiertje bij zijn mond ongecontroleerd is gaan trillen. Ze kan het hem niet kwalijk nemen, niemand zit te wachten op een bezoek van één van Nederland’s topcriminelen.
    Een onverwacht gevoel van verontwaardiging overvalt haar. Hoe durft Victor zo haar huis binnen te vallen?
    ‘De afspraak is dat jij je hier niet laat zien.´
    Victor’s ogen staan koud als hij haar aankijkt en de knoop in haar maag wordt harder aangetrokken.
    ‘De afspraak is dat hij hier veilig opgroeit.’
    ‘Wat hij ook doet.’
    De stilte die valt, is hoorbaar en Roos’ blik glijdt naar Sam, die nog steeds naast zijn vader staat.
    ‘Sam,’ zeg ze zachtjes, ‘wat is er aan de hand?’
    Sam schudt zijn hoofd en tot haar schrik ziet ze dat er een traan over zijn wang naar beneden rolt. De laatste keer dat ze hem zag huilen was drie jaar geleden. Hij was toen acht.
    ‘Misschien kan je vriend daarop antwoord geven.’
    Verbaasd draait Roos zich om naar Tom, die zwijgt. Het spiertje bij zijn mond is harder gaan trillen.

    De beweging komt onverwacht. Tom´s blouse schuurt kort haar blote arm als hij de kamer uitrent, Victor op zijn hielen. Enkele seconden later klinkt vanuit de keuken het geluid van brekend glas.
    ‘Blijf hier,’ roept Roos tegen Sam, die nog altijd roerloos in de kamer staat.

    Wanneer ze de keuken binnenkomt, heeft Victor Tom tegen het aanrecht gedrukt.
    ´Victor, laat hem los.´
    In plaats van te luisteren, trekt hij Tom’s hoofd hard naar achteren. Tot haar ontsteltenis ziet Roos hoe hij een stuk glas zachtjes langs de keel van haar vriend laat glijden.
    ´Victor, je gaat hem geen pijn doen.´
    ´Niet zoveel pijn als hij Sam heeft gedaan.´
    ´Wat bedoel je?’
    Ondanks dat Victor zijn mond bij Tom´s oor heeft, kan ze hem duidelijk verstaan. ´Wat was het? Lust, macht of beiden?’
    Roos kijkt naar het gezicht van haar vriend, vertrokken van angst. ‘Tom, waar heeft hij het over?’
    ‘Tom houdt van kleine jongens, Roos. Alleen niet op de manier die jij en ik graag zien.’
    Om haar heen lijkt de wereld stil te staan.
    ‘Nee,’ zegt ze zachtjes, ‘dat kan niet.’
    ‘Waarom niet? Omdat hij braaf elke dag naar kantoor gaat?’
    Een geluid bij de keukendeur doet haar omdraaien. ‘Sam, jij zou in de zitkamer blijven.’
    Sam negeert haar en kijkt naar Victor. ‘Wat ga je met hem doen?’ vraagt hij op vlakke toon.
    ‘Wat we hebben afgesproken.‘
    Haar blik glijdt van de één naar de ander, vader en zoon. Dan kijkt ze naar Tom, die met grote, angstige ogen terugkijkt. Ze voelt niets meer.
    ‘Ik ben moe, mamma,’ zegt Sam naast haar.
    Roos slaat haar arm om zijn tengere schouders. ‘We gaan slapen,’ antwoordt ze geruststellend. ‘Je vader ruimt het hier wel op.’


    Bovenstaand is het complete verhaal (750 woorden) dat ik heb geschreven voor de publiekswedstrijd van De Pennen zijn Geslepen en waarvan de eerste alinea hier op hun website is te vinden. Mijn alinea heeft het helaas niet gehaald tot de beste tien inzendingen. Mijn teleurstelling was inspiratie voor de blog Zelfvertrouwen.

    Nieuwsgierig naar wat ik vind van de juryselectie van de wedstrijd? Ik schreef er de blog De kracht van spannend schrijven over.

  • Hoe een simpel ‘dag’ zo schrijnend kan zijn

    Hoe een simpel ‘dag’ zo schrijnend kan zijn

    Afgelopen dinsdagavond was de documentaire Emma wil leven op de televisie, het verhaal van een 18 jarig meisje en haar strijd tegen anorexia. Documentaire maakster Jessica Villerius maakte hem postuum, in april dit jaar overleed Emma aan de gevolgen van haar ziekte.

    Het is zo’n programma dat ik aan de éne kant heel graag wil zien en aan de andere kant heel ver van weg wil blijven. Emma is een doodnormaal meisje en toch heeft ze een eetstoornis. Ik wil haar strijd begrijpen en tegelijkertijd vind ik de machteloosheid die er omheen hangt enorm confronterend. Uiteindelijk kijk ik, want Emma’s strijd kan over een paar jaar die van mijn dochter of zoon zijn.

    Een gezicht aan de cijfers

    Waarom? Omdat er wekelijks één meisje per dag sterft aan anorexia en er jaarlijks zo’n 1000 patiënten bijkomen, dat zijn er dus twintig per week. En dan heb ik het nog niet over andere eetstoornissen, zoals boulimia en binge eating. Emma wil leven geeft een gezicht aan deze cijfers en het laat zien dat een eetstoornis iedereen kan overkomen.

    De documentaire was Emma’s eigen wens en bestaat uit materiaal dat door haarzelf, haar familie en haar behandelaars is geschoten, aangevuld met interviews met de nauw betrokkenen. De focus ligt op Emma en haar dappere, maar moeizame strijd tegen de anorexia. Tegelijkertijd zien we ook de kracht van haar ouders en de toewijding van de behandelaars, voor hen is mijn respect navenant groot.

    Zelf de kans pakken te leven

    Het verhaal focust zich op de laatste periode van Emma’s leven, wanneer na zes jaar van ziekenhuizen, klinieken en (gedwongen) behandelingen niemand in Nederland nog iets voor haar kan doen. Met gevaar voor eigen leven vliegt ze onder begeleiding naar Portugal om zelf de kans te pakken, beter te worden. In een onbekende omgeving, zonder haar ouders, maar met de liefdevolle verzorging van ervaringsprofessionals en behandelaars, probeert ze weer te eten om te kunnen leven.

    Controle behouden

    De beelden van een uitgemergeld meisje, dat niet in staat is zelfstandig te lopen en moeizaam praat, zijn schrijnend, maar het meest confronterend vind ik het contrast met de frisse, levenslustige Emma op de fiets van nog geen jaar daarvoor. Niemand kiest voor een dergelijk verval en de documentaire laat dit duidelijk zien.

    De eetstoornis gaat niet om gewicht, maar om controle. Het is dan ook geen kwestie van niet willen eten, maar van niet kunnen eten. Ook de angst genoeg aan te komen om weer terug bij haar emoties te komen, speelt een belangrijke rol. We zien Emma tot op het einde toe de regie in handen willen houden en uiteindelijk strijdend ten onder gaan.

    Betekenis geven

    Jessica Villerius heeft een integere en indringende documentaire gemaakt. Het overlijden van Emma maakt het helaas niet de inspiratie waarop Emma zelf had gehoopt: geef niet op, je kan misschien beter worden. In plaats daarvan is het de waarschuwing, waarvan ze zich ook terdege bewust was: dit kan echt gebeuren.

    De boodschap van de documentaire wordt nog eens extra duidelijk gemaakt in de voor- en nabesprekingen. Wees alert op symptomen van een eetstoornis, ook bij ogenschijnlijk vrolijke kinderen. Betrokken instellingen dienen meer samen te werken en bovenal dient de benadering van de patiënt te vermenselijken en diens persoonlijke behoefte centraal gesteld te worden.

    Met Emma wil leven geeft Emma nog steeds betekenis aan haar leven, haar ziekte en haar dood. Laten we haar boodschap ter harte nemen.


    De documentaire Emma wil leven is nu nog te bekijken op Uitzending gemist

    Gespecialiseerde instellingen (klinieken):
    Top GGZ Rintveld (ook voor heel jonge kinderen)
    GGZ Rivierduinen Eetstoornissen Ursula
    Amarum, Expertisecentrum Eetstoornissen

    Ervaringsdeskundige behandelingen:
    Stichting Human Concern – Centrum voor eetstoornissen

    Online (mee)praten en informatie: proud2bme.nl

    Deze blog is ook gepubliceerd bij De Mama Company

  • Zelfvertrouwen

    Zelfvertrouwen

    Degenen die mij al langer volgen, weten dat ik een hekel heb aan schrijfwedstrijden. Dat ik mij soms toch laat verleiden tot deelname, ligt geheel aan het feit dat ik wat mijn schrijven betreft blaak van zelfvertrouwen.

    Ja, je leest het goed: ik vind dat ik goed schrijf. En dat niet alleen, ik vind ook dat ik goede verhalen bedenk. Nu schijnt in literair schrijversland het woord ‘goed’ uit den boze te zijn, net zoals de opmerking ‘het leest als een trein’, maar omdat ik niet de ambitie heb een literair schrijver te worden, trekt Zelfvertrouwen zich daar niets van aan.

    Vlotte pen

    Mijn manuscript valt in de categorie commerciële fictie voor (30+) vrouwen en mijn blogs zijn bedoeld als herkenbare non-fictie voor diezelfde doelgroep. Gemene deler: het moet vlot lezen én inhoud hebben. Dan komt je toch al snel terug op die trein.

    Zelfvertrouwen tikt dan ook onverstoorbaar verder.

    Nu al een uitgever?

    ‘Heb je al een uitgever?’ wordt mij dikwijls gevraagd. ‘Nee,’ antwoord ik dan naar waarheid, ‘laat ik eerst maar dat boek afschrijven.’ Vervolgens lees je dan in allerlei schrijfhulpboeken dat het geen kwaad kan alvast je eerste hoofdstukken naar een uitgever of literair agent te sturen. Als die het namelijk niets vinden, bespaar je jezelf een hoop werk en met name teleurstelling. Tenzij je natuurlijk van plan bent je verhaal in eigen beheer uit te geven, maar daar hebben diezelfde schrijfhulpboeken het vaak niet zo mee op, zeker als het om fictie gaat.

    Gelukkig is Zelfvertrouwen er van het begin af aan van overtuigd dat mijn manuscript een uitgever vindt. Niet omdat mijn verhaal zo uniek is, wel omdat het typisch zo’n boek is dat je als dertig plus vrouw meeneemt op vakantie. Of thuis op de bank leest. Jij en je boek. Even Helemaal Niets. Zelfvertrouwen begrijpt heel goed dat er dagelijks heel veel van dergelijke manuscripten op de zogenoemde slush pile van de uitgevers en agentschappen belanden en toch twijfelt ze er niet aan, dat mijn manuscript naar boven komt drijven.

    Zelfvertrouwen is wat je noemt, de beste vriendin van mijn schrijversambitie.

    Een platform voor schrijverstalent

    Er is helaas één ding dat Zelfvertrouwen heel snel onder de schrijftafel doet verdwijnen en dat is deelname aan schrijfwedstrijden. Niet in het begin, dan is ze nog groot voorstander. Zo’n wedstrijd is immers een mooi platform om mijn schrijverstalent te etaleren en wat Zelfvertrouwen betreft, kan ik daar niet vroeg genoeg mee beginnen. Zelfvertrouwen blaakt van positieve energie en geeft zich honderd, nee honderdvijftig procent. En ze is tevreden met het resultaat. Ze begrijpt dat bij een wedstrijd met nog 1350 andere deelnemers het best lastig is om tot de laatste tien door te dringen, maar aangezien haar geloof in mijn schrijverskunnen rotsvast is, en ze ook weet wat ik ervoor heb gedaan, blijft dit in haar ogen een onvermijdelijk, maar niet onoverkomelijk gegeven.

    Tot het moment van oordeel van de jury en het blijkt dat ik zelfs niet eens door de eerste ronde ben gekomen. Dan verschrompelt Zelfvertrouwen gelijk Voldemort in boek zeven van Harry Potter al snel tot een jankend hoopje niets. In eerste instantie doet ze nog een poging tot relativering. Ze had het leuk gevonden om aan de wedstrijd mee te doen en ze had er ook weer veel van geleerd. Manmoedig leest ze de verhalen van degenen die door de jury wél goed genoeg bevonden zijn. Ze doet echt haar best neutraal te blijven, maar de oude bravoure is weg.

    Twijfel

    Dit is het moment dat Twijfel zijn kans ziet. Ik schreef al eerder over Twijfel en hij is genadeloos. Het feit dat ik ook maar één moment serieus heb kunnen denken met mijn verhaal die wedstrijd te winnen! Hoe naïef en vooral ook zo zelfoverschattend. Ja, mijn blogs mogen dan goed ontvangen worden en de proeflezers van mijn manuscript zijn blij verrast met mijn schrijfresultaat. Maar als we eerlijk zijn (en dat zijn we tegen elkaar), dan is dat natuurlijk niet te vergelijken met de redactie van een agentschap, uitgeverij of lezersplatform. Daar zitten de echte critici. Daar zitten de mensen die weten wat schrijven werkelijk inhoudt. Want goed is niet goed genoeg, en met beter kom je er ook niet. Het gaat om best, en Twijfel weet zeker dat Zelfvertrouwen aan Hoogmoed leidt.

    Ervaring leert dat Twijfel bij gebrek aan aandacht de kamer zal verlaten. Tot die tijd zitten Zelfvertrouwen en ik stilletjes onder de tafel en likken onze wonden.

  • Amerika heeft gekozen, nu wij nog

    Amerika heeft gekozen, nu wij nog

    Het is woensdag 9 november 2016, de dag dat Amerika een Brexit doet, de immigratie website van Canada plat gaat, maar de voorspelde daling op de beurs uitblijft.

    Tot het moment dat ik ‘s ochtends mijn mobiel pak om te checken wat Amerika de afgelopen nacht heeft gedaan, leef ik nog in de illusie dat Clinton zal hebben gewonnen. Niet omdat ze zo’n aansprekend persoon is, maar met Trump als alternatief, leek het mij toch een schoolvoorbeeld van het beste van een slechte situatie maken.

    Ware gezicht

    Ik zit er naast. Amerika heeft die nacht haar ware gezicht laten zien. Ik ben in shock en kan mijn blog van deze week dan ook over niets anders laten gaan dan deze uitslag.

    De meerderheid van de Amerikanen mag dan gestemd hebben op Clinton, door het systeem van kiesmannen gaat de uiteindelijke zege naar Trump, een narcist, wiens grootste kracht zelfpromotie is. En laten we eerlijk zijn, kiesmannen of niet, Amerika heeft laten zien dat een overgroot deel van het land klaar is met het door Clinton vertegenwoordigde establishment. Wie naar de cijfers kijkt, ziet dat Amerika een sociaal-economisch woestijnlandschap is en wie dat wil veranderen, zoekt verandering en dus een andere politiek wind. Dat deze wind ook gepaard gaat met een tsunami van extreem controversiële uitspraken neemt men blijkbaar op de koop toe.

    Stemmingmakerij

    ‘Hij spreekt de taal van de gewone mens’, ‘het is entertainment’ of ´hij zal zijn toon wel matigen´. Het zijn uitspraken die zowel voor als direct na de verkiezingsuitslag te horen waren. Onzin, zeg ik. Dit is geen gewone taal of entertainment, dit is pure stemmingmakerij. Het is inhaken op angst, frustratie en de behoefte aan vingerwijzing, want de geschiedenis heeft reeds aangetoond dat niets de massa meer verenigt als een zondebok. En dat alles op een inconsequente en haatdragende manier.

    Dat is wat mij (en heel veel anderen) zo shockt.

    Impact

    Ongeacht de kiezersmotivatie, vanaf 20 januari 2017 heeft Amerika een sexistische en xenofobe populist als president en de vraag is wat daarvan de impact op het land zelf en de wereld gaat zijn. Zijn de presidentiële plannen van Trump te groot om in de praktijk uit te voeren? En zo ja, wat zal een dealmaker als hij daar dan tegenoverstellen? Met een Congres dat hem vriendelijk gezind is, blijft er nog genoeg over wat hij wel in beweging kan zetten.

    Een toepasselijk woord overigens, want Trump spreekt zelf ook van een beweging (movement) en niet van een campagne. Het doet mij, ietwat verontrust, denken aan The Wave, een waargebeurd verhaal waarbij een Amerikaanse geschiedenis leraar een project begint om duidelijk te maken hoe het kan dat heel Duitsland Hitler steunde in de aanloop naar de Tweede Wereldoorlog.

    Wat is waar?

    De eerste speech na de overwinning is inmiddels achter de rug. ‘…I say it’s time to come together as one united people.´ Het lijkt een meer gematigde toon, maar Trump staat bekend om zijn tegenstrijdige uitspraken. ‘I pledge to every citizen of this land that I will be president for all Americans.´ Every citizen en all Americans; waarom moet ik direct denken aan George Orwell´s Animal Farm, ´All animals are equal, but some animals are more equal than others´?

    Ondertussen wrijft in ons land Geert Wilders zich in zijn handen. ‘Ook wij zullen ons land teruggeven aan de Nederlanders’, twitterde hij direct na de uitslag. De grote vraag is of wij dat laten gebeuren?

    Public opinion

    Want ook hier is Orwell van toepassing. Zoals hij schreef in zijn essay Freedom of the Park, ‘The point is that the relative freedom which we enjoy depends of public opinion. The law is no protection. Governments make laws, but whether they are carried out, and how the police behave, depends on the general temper in the country. ‘

    Amerika heeft afgelopen dinsdag laten zien in welke stemming zij is en dat is er duidelijk één van opstand. Over slechts vier maanden gaan ook wij in Nederland naar de stembus. Welk vakje ik daar in zal kleuren, weet ik oprecht nog niet. Wat ik wel weet, is dat mijn stem er één zal zijn vanuit inhoud, respect en realiteitsbesef. En zeker niet vanuit rancune.

    Deze blog is ook gepubliceerd bij de Mama Company

     

  • Help, mama blogt!

    Help, mama blogt!

    Twee weken geleden schreef collega-blogger Jeske een leuke blog over zichzelf. Daarin raakte ze een belangrijk onderwerp aan: wat zet je wel en niet over je kinderen online?

    Jeske kiest ervoor niet over de ontwikkeling van haar dochters te bloggen, met foto´s van haar meiden heeft ze geen moeite. Haar opmerking zette mij aan het denken; ik schrijf namelijk heel veel over mijn kinderen. Niet alleen hier bij de Mama Company, maar ook voor J/M voor Ouders en af en toe op mijn eigen blog barbaraschrijft.nl. Allemaal openbare websites, die door iedereen gelezen kunnen worden.

    Wat vinden de kinderen?

    Ik kan mij heel goed voorstellen dat er mensen zijn die dit belachelijk vinden. Zij zullen zich afvragen waarom ik te koop loop met de soms zeer persoonlijke verhalen over het wel en wee binnen mijn gezin. En of ik er over nagedacht heb wat mijn kinderen daar nu – of later – van zullen vinden?

    Het antwoord is een volmondig ja. Niet alleen weten zij dat ik over hen schrijf, bij elke blog vraag ik mij af of ik hen deze ook zou laten lezen. Misschien niet nu, gezien hun leeftijd, maar over een paar jaar. Het is de gewetensvraag die mij scherp houdt, zodat ik niets schrijf wat later tot ruzie en verwijten kan leiden. Voor zover ik dat nu kan overzien en überhaupt in de hand heb.

    Waar blog ik over?

    Dat is niet altijd eenvoudig. Voor De Mama Company hou ik de blogs over de kinderen luchtig en algemeen. Ik ga er vanuit dat ze me het later niet kwalijk zullen nemen dat ik hun voorliefde voor Enzo Knol en indoor speeltuinen op internet heb besproken. En als ze dat wel doen, soit!

    Voor J/M voor Ouders is het een heel ander verhaal. Daar schrijf ik over de impact van een kind met ADHD en ODD op ons gezin. Heel persoonlijk, zowel voor mijzelf als alle betrokkenen. Ook niet altijd even makkelijk om over te schrijven en toch heb ik ervoor gekozen dat wel te doen.

    Waarom überhaupt bloggen?

    Waarom? Omdat ik een verhaal te vertellen heb. Het verhaal van mij als ouder en mijn zoon als kind met een dubbele gedragsstoornis. En ofschoon mijn gezin en mijn kind uniek zijn, is het verhaal dat niet. Heel veel ouders en kinderen worstelen met eenzelfde situatie en komen er niet uit. Of komen er wel uit, maar kunnen een hart onder de riem nog steeds goed gebruiken. Als ik ook maar een klein deel van hen kan bereiken en verder kan helpen door te bloggen over mijn ervaring, dan is het voor mij de moeite waard geweest.

    Moet dat dan ten kosten van mijn eigen kinderen? Uiteraard niet

    Bespreekbaar maken

    Ik schrijf geen sensatieverhalen, maar wil lastige situaties bespreekbaar maken, zodat een ander daar wat aan heeft. Dat betekent dat ik mij in mijn blogs richt op feitelijke gebeurtenissen en vooral mijn eigen rol in het verhaal. Ik (ver)oordeel mijn kinderen niet, maar probeer ze te begrijpen. En dan gaat het er niet zozeer om wat ze doen, als wel waarom ze iets doen. En hoe ik daar als ouder mee omga.

    En dat brengt mij bij mijn laatste en tevens allerbelangrijkste punt: de invalshoek van waaruit je dingen over je kinderen online deelt. Zoals de liefde van Jeske voor haar dochters doorstraalt in de foto´s die ze van hen plaatst, zo geldt hetzelfde voor mijn blogs over mijn kinderen. Ik kan deze artikelen schrijven, omdat ik trots op hen ben en mijn vertrouwen in hen rotsvast is. En dat is wat ik elke ouder gun.

    Deze blog is ook gepubliceerd bij De Mama Company | uitgelichte afbeelding Shutterstock.

     

  • Ik ♥ van wonen (inzending blogwedstrijd)

    Ik ♥ van wonen (inzending blogwedstrijd)

    Mijn ideale huis staat in een jaren dertig woonwijk achter de duinen. Het is gelegen op een hoek en heeft een grote tuin op het zuidwesten. Achterin deze tuin, verscholen tussen hoge hortensia’s, staat een boomhut. Het is de favoriete speelplek van mijn kinderen.

    De natuur in huis

    Ikzelf ben het liefst in onze serre, een grote glazen uitbouw midden in het groen. Als je goed luistert, hoor je in de verte het ruisen van de zee. Overdag zit ik hier achter het houten bureau, dat we tijdens een vakantie op een lokale markt in Zuid-Frankrijk op de kop hebben getikt. Ik werk dan in alle rust aan mijn roman en blogs. De zon schijnt door het glazen dak naar beneden en verwarmt mijn rug, de geur van vers gezette koffie houdt mij scherp.

    Centrale ontmoetingsplek

    ´s Avonds schuift iedereen aan de hoge, witte bar, die onze open keuken van het woongedeelte scheidt. Deze bar is de centrale ontmoetingsplek van ons huis; vele mooie gesprekken zijn hier al begonnen en geëindigd.

    Na het eten lig ik languit gestrekt op de rode bank voor de open haard. Of ik kijk met echtgenoot een filmpje in televisiehoek, terwijl de kinderen in de achterkamer hun eigen ding doen. Dat is het fijne van mijn ideale huis, er is ruimte genoeg om bij elkaar te zitten, zonder dat je elkaar in de weg zit.

    Tot zoverre de fantasie.

    Hoe het echt zit

    Mijn werkelijke huis staat in een niet zo hippe, maar wel gezellige buitenwijk van Den Haag. De eerste keer dat mijn echtgenoot de wijk bij mij onder de aandacht bracht, dacht ik dat hij gek geworden was. Ik kwam uit Amsterdam, wat moest ik in de Vinex? Nog niet dood wilde ik er gevonden worden.

    Inmiddels zijn we tien jaar verder en ben ik steeds meer gehecht geraakt aan de omgeving. Mijn huis mag dan wel geen visgraat parket hebben en ook de plafonds zijn angstvallig laag vergeleken met een authentiek dertiger jaren woning, de buurt is extreem kindvriendelijk en mijn stookkosten zijn betaalbaar. Het enige punt is de ruimte of eigenlijk het gebrek eraan.

    Relatieve ruimte

    Ruimte is een relatief begrip, er zijn genoeg mensen die met veel minder vierkante meters dan ik prima uitkomen. Zelfs met drie drukke kinderen die er ook niet kleiner op worden. En ik ken ook mensen die in veel grotere huizen wonen en nog steeds ruimtegebrek ervaren, ook zonder die kinderen. Toch zit ik dagelijks te broeden op een plan om mijn huis op z’n minst groter te doen lijken.

    Onlangs dacht ik de oplossing gevonden te hebben: een glazen schuifpui aan de achterkant, zodat de zitkamer en tuin meer één geheel worden. ‘Ik dacht dat je met een goedkope oplossing zou komen,’ was de reactie van mijn echtgenoot hierop. Hij is van mening dat opruimen al een heleboel zou schelen. ‘De boekenkast eruit?’ was de hoopvolle suggestie van de oudste van elf, die onze inrichting hopeloos ouderwets vindt. Maar ik hou van mijn boeken en ik kan niet alle knutselwerkjes van de kinderen zomaar weggooien.

    Nee, ik broed op iets anders. Iets met veel glas en een hoge, witte bar en heel misschien zelfs een open haard.


    Deze blog is geschreven naar aanleiding van een oproep door VT Wonen voor nieuw blog talent. Het thema was ‘ik ♥ van wonen’. Ofschoon ik zeker niet een pur sang wonen blogger ben, vond ik het toch leuk om mee te doen.

  • Zwemsportdag

    Zwemsportdag

    Wat? Zwembroek? Waarom heb jij nu een zwembroek nodig?
    Zwemsportdag? Van wie dan?
    O, van school.

    Van school? Waarom weet ik dat niet?
    Briefje. Welk briefje?
    Dat jij vorige maand hebt meegekregen.
    Nou, daar heb ik dan niets van gezien.

    In je tas? Kind, je wilt niet weten wat ik allemaal uit die tas van jou haal.
    Of pappa het briefje misschien heeft ingeleverd? Wat denk je zelf?

    Nou ja, dan maar zonder briefje.
    Je denkt dat je dan niet mee mag? Ben je gek, wat maakt eentje meer of minder uit?
    Aantal kaartjes? Zo’n zwembad wordt echt wel in z’n geheel afgehuurd.

    Toestemming om te zwemmen? Nou bij deze.
    Hoezo niet genoeg? Wat verwachten ze dan? Dat ik je je zwemdiploma’s meegeef?
    Waarom is dat flauw? Ik word flauw van al die extra sportactiviteiten. Wat is er mis met ouderwetse gymnastiek?

    Leuk?! Een zwemsportdag leuk?
    Ik moet er niet aan denken en ik ben vast niet de enige.

    Wat zeg je? Begeleiding door ouders?
    Duiken die straks met jullie het water in?
    Wat? Echt? Het was maar een grapje. Wie wil er nou in bikini badpak tussen honderd kinderen in het zwembad liggen? Nooit van mijn leven.

    Kom, pak je spullen en dan gaan we.
    Nee, maak je nou maar niet druk. Jij mag best wel mee, ook zonder briefje.

    Naar school bellen? Is dat niet een beetje overdreven?
    Oké, oké, maar daarna hou je echt op.

    Goedemorgen, ik bel vanwege de zwemsportdag, we zijn vergeten het briefje in te leveren.
    Ja, precies. Geen probleem, toch?
    Wat? Niet genoeg begeleiding? Wat maakt eentje meer of minder uit?
    Risico?
    Wat een onzin, hij heeft drie zwemdiploma’s. Die jongen zwemt beter dan die hele ouderbegeleiding bij elkaar.
    Hectiek met de andere kinderen? Hij is de hele zomer zelfstandig naar het zwembad gegaan. En daar zwom hij echt niet in z’n eentje.
    Eigen verantwoordelijkheid?
    Ja, ik begrijp dat school geen onnodig risico wil nemen.
    Mee als begeleiding, wat denkt u zelf?
    Niet?
    Teleurstelling, dat kunt u wel zeggen ja. Niet alleen voor hem.

    Nou, wat sta je daar nou te staan?
    Trek je jas aan, we gaan zwemmen.


    Deze blog is ook gepubliceerd bij De Mama Company
    ; uitgelichte afbeelding van Shutterstock

  • vt wonen&design beurs

    vt wonen&design beurs

    De vt wonen&design beurs, you either love it or you hate it. Ik behoor tot de eerste categorie en toch was het alweer een paar jaar geleden dat ik dit groots opgezette woonevenement bezocht. Dit jaar lukte het met een strakke planning wel en zo bevond ik mij op de eerste beursdag om kwart voor tien voor de deuren van de RAI in Amsterdam.

    Die vijftien minuten voor opening boden mij de tijd om de bezoekers van de beurs eens goed te bestuderen. Een diversiteit aan voornamelijk moeders met dochters of vriendinnen, waarbij de jongere dames in clubjes komen en de dertigplus vooral met z’n tweeën. Een enkeling is met man, waarschijnlijk de partner en met het oog op verhuizen of verbouwen.

    vtwonen vrouw

    Ondanks de verschillen kom ik tot de conclusie dat er een vtwonen vrouw bestaat (net zoals er een Libelle of Margriet vrouw is). Als je haar zou willen personifiëren is ze midden dertig, heeft ze halflang blond haar en is hip-sportief gekleed in seizoenstinten, laagjes en gymschoenen. Ze heeft een goede relatie met haar moeder, een gezin en een vaste groep vriendinnen. Ze komt voor inspiratie en de aanschaf van enkele woonaccessoires.

    Stress en houtgeuren

    Iets voor tienen gaan de deuren van het beursgebouw open en direct hangt er een sfeer van stress. Iedereen wil zo snel mogelijk naar binnen; wellicht ben ik niet de enige die om drie uur weer bij een schoolplein moet staan.

    In de ontvangsthal hangt de geur van vers gezaagd hout. De hostesses, gekleed in een trendy variant van de zwart-witte blouse met rok, lijken nog niet helemaal te weten wat van hen verwacht wordt. Ze kijken wat onwennig naar de zee van dames die hen tegemoet stroomt, maar ik heb slechts één focus: koffie. Dat kan gelukkig direct na de kaartcontrole in de centrale hal bovenaan de roltrap. Ik maak de fout ook een flesje water aan te schaffen, wat het totaal direct op €8,50 brengt.

    XXL vtwonen huis

    Met slechts drie uur ter beschikking is efficiency het motto en dus start ik bij het XXL vtwonen huis, 672m2 inspiratie en in de woorden van vtwonen zelf ‘het bruisende hart op de beurs’.  Of dit werkelijk zo is, valt over te twisten; de beurs biedt nog veel meer inspiratievolle stands, maar hij is zeker de grootste en dat hij ook dit jaar weer heel fijn is, staat buiten kijf. Ik word direct mega hebberig van de hoge stalen deuren (niet geschikt voor mijn eigen lage nieuwbouw woning) en jaloers op de nostalgisch ingerichte kinderkamer (een groot contrast met mijn eigen overvolle ruimtes).

    vt wonen&design beurs
    Het XXL vtwonen huis met uitzicht op de keuken en eettafel.

    Droomkeuken

    Het hoogtepunt voor mij dit jaar is wel de keuken, een kolossaal u-vormige bar, waarop een overdaad aan broden, olies, pannen, potjes en ander kookgerei staat uitgestald. Aan de buitenkant zwart betegeld, wie de moeite neemt om te lopen (en dat doe je, meerdere malen), vindt houten laden en nisjes met nog meer kook-hebbedingen. Styling ten top, maar dat is vtwonen voor je.

    vt wonen&design beurs
    Ook de binnenkant van de keuken uit het vtwonen huis is fijn.

    Hergebruik

    Naast het huis is de tuinfeestproductie uit nr 9 van het blad nog eens dunnetjes over gedaan. Ik herken de uitnodigende feesttafel van Combitex en de bar van Marcus, beiden helaas zonder de happen uit de rapportage. Weerzien van producten doet mij evenwel altijd deugd, dus laat ik hier vooral ook de prachtige pauwenstoel uit hetzelfde nummer noemen; zou het een teken zijn?

    vt wonen&design beurs
    De uitnodigende tuintafel van Combitex uit vtwonen nr 9.

    Verkoop

    Want als er één ding is waar de bezoekers voor komen, is het de aanschaf van woonaccessoires; iets waar de beurs in mijn ogen steeds meer op inspeelt. Er mogen dan goede gesprekken worden gevoerd over nieuwe keukens, lichtplannen gemaakt en zelfs kunstadvies gegeven, het blijft een beurs en dat betekent verkoop. En wat gaat makkelijker over de toonbank dan vaasjes, kussens en fotolijstjes, zeker in een omgeving waar van alle kanten getoond wordt wat voor leuks je met een cactusvaasje en drie koperen bakjes kunt doen.

    vt wonen&design beurs
    Hebbedingetjes bij de stand van leef.com

    Styling

    Styling als uitgangspunt en niet alleen door de woontitels, ook bouwmarkten als Karwei tonen zich van hun meest creatieve kant (hun boutique hotel werd verkozen tot beste stand 2016). Ik zelf ga evenzeer voor de bijl met de aanschaf van zes placemats van het Israëlisch merk Beija Flor bij de fijne stand van Mulhouse en jawel, een cactusvaasje.

    vt wonen&design beurs
    Het boutique hotel van Karwei won de prijs voor beste stand 2016.

    Groen en vintage

    Die cactus is typerend voor het huidige woonbeeld, want o wat is er weer veel groen en vintage-look. Vooral ook erg aan de prijs, maar wie geen tijd of zin heeft om Marktplaats of Frankrijk af te struinen kan zijn hart op bij de stands van Basic Label en New Routz. Mijn eigen voorkeur gaat uit naar de eerder genoemde Combitex (stoer) en By Zenz (scandinavisch) en om de enorme vtwonen collectie kan niemand heen.

    Kooplustig

    Om één uur wandel ik het RAI gebouw weer uit, precies op tijd, want inmiddels lijkt half woon-minnend Nederland gearriveerd. En een woonbeurs mag voor sommige mensen sowieso als een nachtmerrie klinken, een woonbeurs met een overvloed aan kooplustige dames is zelfs mij te veel.

    vt wonen&design beurs
    Persoonlijk word ik altijd heel blij van de stoere uitstraling van Combitex.
    vt wonen&design beurs
    Ook de stand van Ariadne at home was in het teken van groen en industrieel vintage.
    vt wonen&design beurs
    Fijne ingelijste plankjes van Eijerkamp (en ja hoor, ook daar meerdere cactussen ;-)).
    vt wonen&design beurs
    Styling is everything in het XXL vtwonen huis.
    vt wonen&design beurs
    De stand van Basic Label deed niet onder aan vintage industriële huiselijkheid.
    vt wonen&design beurs
    Als schrijver kan ik deze leestafel aan het begin van het vtwonen huis natuurlijk zeer waarderen.
    vt wonen&design beurs
    Eigen Huis & Interieur kwam met een stijlvolle, klassiek aandoende inrichting; wel spijtig dat de bovenverdieping nog niet toegankelijk was vanwege een fotoshoot.
    vt wonen&design beurs
    Hoe simpel kan het zijn, de styling gaat door in de slaapkamer van het XXL vtwonen huis.
    vt wonen&design beurs
    Sfeervolle keuken van Casa Vivante.
    vt wonen&design beurs
    Ook aan de inwendige mens is gedacht, vroege vogels hadden geen probleem een plekje te bemachtigen.

    Ook een keer naar de vt wonen&design beurs?
    In 2017 vindt dit woonevenement plaats van 3 t/m 8 oktober in de RAI Amsterdam.
    Op de website van vtwonen kun je uitgebreid terugblikken op de editie van 2016, inclusief waar je de materialen en producten koopt uit het vtwonen huis. En je kunt er donder op zeggen dat er in de komende edities van het magazine uitgebreid teruggeblikt gaat worden, want ook dat doen ze uitermate slim bij vtwonen.

  • Hoe overleef ik de binnenspeeltuin?

    Hoe overleef ik de binnenspeeltuin?

    Als ik ergens niet dood gevonden wil worden is het in de binnenspeeltuin. Een kans die, eenmaal binnen, overigens meer dan gering is. Want wat voor kinderen een hemel van vrijheid is, is voor de meeste ouders een hel van gegil en hysterie.

    Grote loodsen met klim-, klauter-, glij-, spring- en valplezier en in sommige gevallen ook nog de mogelijkheid tot voetballen, autorijden (tegen extra betaling) en legobouwen. Om onduidelijke redenen ook altijd luisterend naar Engelse namen als Monkey Town’s en Kids Playground.

    Ongevoelig

    Ik ken ouders die weigeren ook maar één stap in een dergelijke hol te zetten en daar heb ik alle begrip voor. Toch behoor ik niet tot die groep, simpelweg vanwege mijn kinderen. Hun neusjes zijn ongevoelig voor de frituur-, zweet- en babypoep luchten.  Tosti’s liggen half opgegeten koud te worden op de wit papieren kantineservetten, want klimmen en springen is zo veel leuker dan eten. Liters mierzoete limonade (rood, oranje of groen) worden gulzig naar binnen geklokt en weg zijn ze. Dat er niet regelmatig gespuugd wordt mag een wonder heten.

    Overleven

    De overlevingsstrategie is zitten en alles over je heen laten komen. Doe als Elsa en laat het gaan. Vraag je niet bij elke gil af of er iemand dood gaat of ruzie maakt. Draai je vooral om als je vierjarige kleuter een ogenschijnlijke doodsprong maakt in de elastieken toren. Je mist dan ook direct de vijf jongetjes die zich met een gevaarlijk verhoogd testerongehalte in diezelfde toren werpen. Met je kleuter er nog in. Ik zeg je, het scheelt een hoop stress.

    Lotgenoten

    Zelf kan ik mij uitermate goed vermaken met het gadeslaan van mijn lotgenoten. Zo zitten de meer hippe ouders zo ver mogelijk van hun spelend kroost af op een iPad of notebook te turen, terwijl grootouders juist vaak de kleinkinderen vanaf de eerste rij tafels verwonderd gadeslaan. Vriendinnen-moeder vinden elkaar rond één centrale tafel, omringd door kinderzooi. Vrienden-vaders heb ik er nooit kunnen ontdekken.

    De mooiste groep vind ik de ouders die, al dan niet uit noodzaak, met hun kinderen de ballenbak induiken. Met name de categorie vader-met-kater, die in de hoek van zo’n bak ligt te overleven. Zijn hoofd bonkt en hij is duidelijk niet gekleed op actief speelplezier. Stiekeme pogingen om op de mobiele telefoon te kijken, worden onmiddellijk afgestraft door een bal tegen het hoofd. Zelf laat ik mij nooit verleiden tot een klim- en klauter-activiteiten. Mijn rol is de limonade en tosti´s regelen, begeleiding van toiletgangen en tranen drogen waar nodig. Met andere woorden: ik ben de zen in de chaos.

    A-sociaal

    Er is echter één ding wat mij direct uit mijn zen haalt. Dat niet opweegt tegen de blij verhitte gezichten van mijn kinderen, maar mij onmiddellijk besluit te vertrekken. En dat is het a-sociale publiek dat helaas ook regelmatig een binnenspeeltuin bezoekt. Kinderen die denken alleenrecht te hebben op de ballenbak. Te oude kinderen die van de klim- en klauterbanen een ren- en valparcours maken, daarmee alles onder zeven jaar ruw uit de weg ruimend. Geen ouder die corrigeert. Blijkbaar zijn die nog wel zen. Of (en dit vermoed ik) vinden ze het al lang best dat hun kroost hen niet lastig valt. Ik heb één keer meegemaakt dat de ouders gingen meedoen, de hele LEGO-hoek namen ze over. Ik heb er wat van gezegd tegen de organisatie, er zijn types die je liever niet zelf op hun gedrag aanspreekt.

    Volgend jaar

    Zen in de chaos is dus mijn devies voor een bezoek aan de binnenspeeltuin. ‘Wat als ik mijn kind nog moet begeleiden bij zijn spring- en klauteractiviteiten?’ hoor ik je denken. Dan is zen inderdaad een stuk lastiger en moet je je sterk afvragen of Monkey Town en Kids Playground niet best een paar jaar kunnen wachten?!

    Deze blog is ook gepubliceerd bij De Mama Company