boek schrijven Archieven - barbarasevenstern.nl

Tag: boek schrijven

  • Schrijfweek, ofwel écht vrij schrijven

    Schrijfweek, ofwel écht vrij schrijven

    Eindelijk is het zover, mijn schrijfweek op de Utrechtse Heuvelrug gaat beginnen. Zeven dagen van vrijheid, waarin ik me volledig kan richten op mijn schrijven. Geen werk, huisgenoot of ander persoon om mijn aandacht op te eisen. Alleen ik en mijn fantasie.

    Of in ieder geval ik en mijn laptop. En een lijstje van alles wat ik de komende dagen wil doen. Nee, gá doen. Het is een ambitieuze opsomming van activiteiten, maar een hele week voor mezelf voelt dan ook als een eeuwigheid. Nu is het moment om meters te maken.

    Vliegende start

    De prioriteit ligt bij Boek 2, want ja, die gaat er echt komen. Het schrijven van Familiegeluk was voor mij niet een bucketlist-ding, die nu afgevinkt is, maar mijn opleiding tot schrijver. Nu ik die heb afgerond, is het tijd om alles wat ik de afgelopen zes jaar heb geleerd, aan het begin van mijn schrijfproces toe te passen en niet halverwege of tegen het eind. Als dat geen winst oplevert!

    Dat is tenminste het idee.

    Vastgelopen

    De praktijk is weerbarstiger. Want als ik me afvraag wat ik dan zo anders ga doen, loop ik direct vast. Het meest impactvolle leermoment tijdens het schrijven van Familiegeluk was namelijk mijn keus om mijn verhaal als thriller te benaderen in plaats van als spannende roman. Een spannende roman zou immers niet bestaan in boekwinkelland; ik moest kleur bekennen.

    Indekken

    Ik koos voor het thriller genre, wat me handvatten gaf om mijn verhaal krachtiger neer te zetten. Maakte het van Familiegeluk een bloedstollend verhaal? Nee, zeker niet. En dus noemde ik het een feelgood thriller. Ter waarschuwing voor de lezer, ‘let op, dit boek is niet nagelbijtend spannend’.

    Waarom voelde ik me zo geroepen om mezelf in te dekken?

    Een roman die extra spannend is, kan in recensies lovend worden vergeleken met een thriller, terwijl een thriller met een gedoseerde hoeveelheid spanning toch al snel als minder wordt ervaren. Een literaire thriller is dan weer wel positief.

    Schizofreen

    De meeste lezers snappen mijn toevoeging niet; feelgood en thriller zijn dan ook geen zaken die van nature bij elkaar horen. Familiegeluk wordt een lichte thriller genoemd, een familieroman met een vleugje spanning of een toegankelijke vrouwenthriller. En in sommige gevallen een psychologische thriller; niet altijd even spannend, maar wel meeslepend en boeiend. Gelukkig wel een boek dat prima thuishoort in het rijtje thrillers van mijn uitgever de Crime Compagnie.

    Mens, ga schrijven!

    En ineens vraag ik me af waar ik me druk om maak. Ik sta aan het begin van mijn schrijfweek en in plaats van mijn vrij te voelen, hou ik mezelf gevangen met de gedachte in een hokje te moeten passen. Ik ga, net als bij Familiegeluk, gewoon een boek schrijven. Mijn boek, dat dan weer wel.

  • De echte schrijver

    De echte schrijver

    ‘Een echte schrijver kenmerkt zich door een grote mate van egoïsme,’ zei iemand tegen me. ‘Het schrijven gaat immers voor alles.’ Ik liet de woorden bij me binnenkomen en realiseerde me dat ik nooit een echte schrijver zou worden.

    Ik ben namelijk een pleaser en pleasers zetten hun eigen behoeften zelden op de eerste plaats. In mijn schrijven leidt dat tot een innerlijke strijd tussen Schuldgevoel en Frustratie.

    Schuldgevoel

    Schuldgevoel vindt namelijk dat ik een slechte moeder ben als ik de kinderen een paar uur alleen beneden laat, zeker als het betekent dat ze achter een schermpje kruipen. En aangezien mijn echtgenoot nog altijd meer verdient dan ik met mijn schrijven, is Schuldgevoel van mening dat de zorgtaak in onze huis navenant verdeeld moet worden. Hoezo een week in schrijfretraite?

    Frustratie

    Tegelijkertijd komt Frustratie om de hoek kijken. Frustratie wil met haar vuist op tafel slaan en de kinderen vertellen dat het thuis geen hotel is en dat ze prima zichzelf een paar uur kunnen vermaken, terwijl mama boven aan het werk is. Frustratie wil dapper genoeg zijn om echtgenoot te vertellen dat hij twee keer per jaar een week op de kinderen moet passen, omdat deze schrijver op schrijfretraite is. Maar Frustratie is niet opgewassen tegen Schuldgevoel en zwijgt in alle talen.

    Wilskracht

    En toch ligt er 13 december een boek in de winkel. Mijn boek. Want terwijl de innerlijke strijd tussen Schuldgevoel en Frustratie in volle gang is, dient Wilskracht zich aan. Wilskracht heeft geen boodschap aan Schuldgevoel of Frustratie. Wilskracht oordeelt niet, maar is vastbesloten van mijn schrijversambitie een succes te maken. Met ongekend doorzettingsvermogen en veerkracht houdt ze me op het schrijverspad. Wilskracht geeft nooit op. Met een boek als resultaat.

    En dat maakt van mij toch mooi een echte schrijver.

    Deze blog werd eerder gepubliceerd als zomercolumn bij Perfecte Buren.

  • Proeflezers, wat is het nut ervan?

    Proeflezers, wat is het nut ervan?

    Het moest er een keer van komen, mijn schrijverskind uit handen geven, dus dat is wat ik enkele weken geleden deed. Drie proeflezers lazen gedurende de zomervakantie het manuscript van Familiegeluk.  Inmiddels heb ik hun feedback ontvangen, de vraag is of ik er ook iets mee kan?

    Laat ik direct beginnen met te stellen dat het leuke van proeflezers is dat je direct bewondering oogst.

    ‘Je hebt gewoon een boek geschreven!’

    ‘Nou ja, boek, boek, het is een manuscript,’ antwoord ik dan snel.

    ‘Het heeft een begin, midden en eind,’ is het antwoord, ‘hoe super is dat!’

    En ze hebben gelijk, hoe super is dat? De afgelopen periode ben ik vooral bezig geweest met het comprimeren van mijn 550 pagina´s naar de 475 die het momenteel zijn. Het is makkelijk te vergeten dat het traject om zover te komen ook een hele prestatie is.

    ‘Het leest als een trein!’

    ‘Het is een echte pageturner!’

    Ik neem de complimenten in ontvangst. Het is goed ze te horen, maar nu wil ik weten wat er beter kan.

    Eigenaardigheden

    Want dat dit het geval is, weet ik zeker. Zoals ik eerder schreef ben je als schrijver op een gegeven moment blind voor de lacunes in je verhaal. Daarnaast heb je ook je eigenaardigheden. Zo blijk ik een onverwachte voorliefde voor eikenhouten tafels te hebben. En alle meelezers zijn het er over eens dat er te veel cappuccino’s en wijn gedronken wordt. Terwijl het op z´n minst opvallend is dat niemand rookt, zelfs niet begin jaren zestig, waarin een deel van mijn verhaal zich afspeelt.

    Taalgebruik

    Frappant is ook mijn soms archaïsch taalgebruik, waarschijnlijk een overblijfsel uit de tijd dat ik diep in de oudere meisjesboeken zat. Mensen zetten zich neer en deuren openen zich. Terwijl de uitdrukking dat iets je niet boeit weer ongepast is in 1963.

    Tijdens mijn eigen redactie betrapte ik mijzelf op een te veelvuldig gebruik van bijwoorden en hoewel ik daar sindsdien meer alert op ben, zijn mensen alsnog vertwijfeld of wanhopig als ze het even niet meer weten. Datzelfde geldt voor woorden en uitdrukkingen die ongemerkt in mijn hoofd zijn blijven hangen; zo opent de hoofdrolspeelster op één pagina twee keer haar mond om iets te zeggen en zijn staalblauwe ogen een te groot cliché.

    Taal Tikfouten

    Proeflezers kijken naar je verhaal. Loopt het lekker? Is het geloofwaardig? Grammatica en taalfouten (of zoals één van hen troostend zei ’tikfouten’) zijn in principe van latere zorg. Toch is het prettig als iemand ze al voor je aanstreept, want ondanks alle eigen checks blijkt ‘die versus dat’ of  ‘ij versus ei’ niet altijd even makkelijk. En zelfs de beginnersfout ‘ik wordt’ komt ook in mijn manuscript meerdere keren terug. Ik troost mij met de gedachte dat dictee nooit mijn sterkste punt is geweest en dat je simpelweg over je eigen fouten heen leest. Ik weet natuurlijk ook wel dat een bardame niet haar glazen met haar geblondeerde haren poetst.

    Meningen

    Kun je over taal nog het Groene Boekje erbij halen of de heerlijke Schrijfwijzer van Jan Renkema, voor de inhoud geldt: zoveel monniken, zoveel kappen. Ook mijn proeflezers hadden totaal verschillende meningen over een aantal gebeurtenissen in mijn verhaal. Wat de één niet meer dan een logisch gevolg vond, ging voor de ander veel te snel. Van geen van hen heb ik overigens gehoord dat de seks-scenes eruit moesten.

    Overeenkomsten waren vooral te vinden in de motivatie van personages. Zo vindt mijn hoofdpersonage Lisette een kistje met documentatie van haar overleden moeder. Een moeder met wie ze geen goede band had. Waarom wil ze dan toch de betekenis van de documentatie achterhalen? En waarom neemt de ‘slechterik’ zoveel risico?

    De feedback van de meelezers bevestigt ook dat door het verwijderen en samenvoegen van personages en scènes, relevante informatie is weggevallen. Dit zijn o zo belangrijke punten, die je als schrijver vaak niet meer opmerkt, omdat je teveel in het verhaal zit.

    Hoe nu verder?

    Het mag duidelijk zijn: er is weer werk aan de winkel. Met alle feedback in mijn achterhoofd ga ik nu zelf mijn manuscript in boekvorm doorlezen. Ik verwacht dat ik op deze manier vanzelf merk wat ik wel en wat ik niet aan moet passen. Het zou nog wel eens tot een verrassende wending kunnen leiden.

  • Roman of thriller: de waarheid over de zaak Harry Quebert

    Roman of thriller: de waarheid over de zaak Harry Quebert

    Vanuit het terugkerende vraagstuk ‘wat is het genre van mijn boek?’ werd mijn aandacht getrokken door een interview in het NRC met de jonge Zwitserse schrijver Joël Dicker, wiens nieuwe roman tot zijn eigen verbazing als thriller gezien wordt.

    Ja, er is sprake van een moord en een waarheid, maar maakt dat De waarheid achter de zaak Harry Quebert nou direct een thriller in plaats van een roman?

    Naar mijn idee is de misdaad een laag in het verhaal, niet de kern.

    Aldus de auteur in het interview.

    Ik las het boek en snap zijn punt. Ik snap ook waarom de buitenwacht het classificeert als thriller.

    Vaart en verhaallijnen
    Het boek leest als een trein, je wilt weten wat er werkelijk gebeurd is en telkens als je denkt de waarheid boven tafel te hebben, neemt het verhaal een nieuwe wending. Hierbij worden verschillende verhaallijnen knap door elkaar verweven, waarbij er diverse sprongen in de tijd worden genomen.

    Zo leren we niet alleen het verhaal achter de jonge schrijver Marcus Goldman kennen (succesvol gedebuteerd en met een writersblock voor boek twee) of dat van zijn mentor Harry Quebert (sterauteur en al snel hoofdverdachte van de moord in het boek), maar van nog een groot aantal andere inwoners uit het kleine Amerikaanse dorp Aurora waar het verhaal zich voornamelijk afspeelt. We lezen over schrijverschap, onzekerheid, ambitie, vriendschap en liefde.

    De waarheid
    Dit alles zou kunnen leiden tot een complex en warrig verhaal, ware het niet dat alle verhalen gelinkt zijn aan de hoofdactiviteit in het boek: het achterhalen van de waarheid over de zaak Harry Quebert. Ofwel, de zoektocht naar het antwoord op de vraag wie Nola Kellergan ruim dertig jaar geleden heeft vermoord en waarom? Wellicht niet de kern van het verhaal, maar in mijn ogen wel zeker het anker.

    Focus
    Iedereen die schrijft weet (of zou moeten weten) hoe belangrijk focus is. Het laatste wat je wilt, is dat de lezer door de bomen het bos niet meer ziet in je verhaal en daarom afhaakt. Ik stel mij bij het redigeren van mijn eigen boek dan ook voortdurend de vraag: draagt dit bij aan de kern van het verhaal of is het een leuke anekdote? In dat laatste geval wordt het rücksichlos geschrapt (en ja, dat doet soms pijn).

    Roman of thriller
    De diverse verhaallijnen (lagen, zo je wilt) maken De waarheid over de zaak Harry Quebert volgens de auteur tot een roman.
    Voor mij als lezer is het simpelweg een toegankelijk en spannend verhaal. En dat klinkt weer net als een thriller.


    De waarheid over de zaak Harry Quebert is uit het Frans vertaald door Manik Sarkar.
    De foto bovenin toont een deel van de voorkant van het boek, de foto van de auteur is afkomstig van nrc.next/ Jérémy Spierer.

  • Van blog tot boek

    Van blog tot boek

    24 mei 2015 │ De eerste keer dat ik haar zie is op het vliegveld. We staan in dezelfde rij om in te checken. Ik alleen, zij met haar man en twee kinderen. Het meisje houdt haar moeder´s arm stevig vast, de jongen zit stoer op de trolley.

    De tweede keer is een half uur later, bij de gate van het vliegtuig dat mij naar Mallorca brengt voor een week ongestoord schrijven aan mijn boek-in-wording.
    ‘Ben jij…?’ vraagt ze.
    ‘Ja, ik ben…’ is mijn antwoord.
    Meer hebben we niet nodig om te weten dat, mochten de andere deelnemers van de Schrijfweek uitblinken in rariteiten, Anne en ik ons in ieder geval aan elkaar kunnen vastklampen.

    Schrijfweek
    Mijn Schrijfweek is een verjaardagscadeau van echtgenoot, omdat hij weet hoe geïnspireerd en opgeladen ik van dergelijke trips terugkom. En ook omdat hij resultaatgericht is, een Schrijfweek is dan een tastbare activiteit die concreet bijdraagt aan mijn eerste-boek-project.

    Anne heeft de week ook cadeau gekregen, van haar moeder, die meer dan zij zelf een schrijfster in haar ziet.
    ‘Nee, ik weet niet of er ooit echt een boek komt,’ zegt ze als we de eerste avond met alle deelnemers en begeleiders bij elkaar zitten.
    ‘Kunnen we al wat van je lezen?’ vraag ik.
    Anne blijkt te bloggen over haar gezin, haar man Jeroen en hun kinderen Lotte en Pepijn. En ja, daar heeft ze wel wat stukjes van meegenomen. Wellicht dat deze ooit de basis van een boek worden.

    Schrijver
    2 nov 2015 │ Daar staat ze dan,  op haar eigen boekpresentatie in deVloer in Almere. Is het werkelijk nog geen half jaar geleden dat we in de Spaanse zon notities met elkaar uitwisselden?

    ´Jij bent de volgende,´ bezweert ze mij bij binnenkomst.
    Ik hoop het van harte, maar vandaag is het haar dag. De dag waarop Anne, zoals dochter Lotte aangeeft , ook schrijver is geworden. De blogs zijn uitgebreid en omgevormd tot een fysiek boek, met een kaft, achterflap, inleiding, nawoord en ISBN nummer.

    Levensinstelling
    Op de Schrijfweek ontmoette Anne uitgever Jan-Willem Gerth. Hij was er om ons beginnend schrijvers bij te praten over de ins en outs van het uitgeven. Hij was er dus niet om ons een contract aan te bieden. Toch ging Anne naar huis met een afspraak en een paar weken later waren de papieren getekend.

    De blogs van Anne gaan namelijk over veel meer dan haar gezin. Ze gaan over haar levensinstelling, de noodzaak van het aanpassen, bijstellen, herstructureren en genieten wanneer het leven anders loopt dan anders.
    Anne weet als geen ander wat dat inhoudt. Haar zoon Pepijn heeft een beperking. Een congenitale CMV-infectie tijdens haar zwangerschap heeft de aanleg van zijn linkerhersenhelft verstoord, met alle gevolgen van dien.

    ´Een CMV-wat? ´ vraag ik onwetend.
    ´Een soort herpesvirus’, legt Anne mij geduldig uit. ‘Je kunt het oplopen door contact met lichaamsvloeistoffen.’
    ‘Lichaamsvloeistoffen?’ vraag ik, het woord klinkt toch altijd wat smerig.
    ‘Zoals urine, speeksel en bloed. En dus ook door lieve kusjes en vieze handen.´
    Ik kijk haar verbaasd aan, daar heeft iedereen toch wel eens mee te maken?
    Ze knikt bevestigend. ‘De kans is groot dat je het hebt, want 75% van de bevolking is drager.’
    ‘En jij raakte geïnfecteerd toen je zwanger was van Pepijn?’
    Anne knikt weer. ‘Je wordt er niet per definitie ziek van en als je zwanger bent, is het helemaal niet zeker dat je je kindje besmet. Die kans is zelfs vrij klein.’
    ‘Maar dat is wel wat er bij jou gebeurde.´
    ´Ja, domme pech.´

    Handvatten
    1,5 jaar duurde het voordat Anne en Jeroen een diagnose kregen voor de problemen met Pepijn.  Dat is heel lang als je ziet dat je kind achterblijft in zijn ontwikkeling. Een diagnose voorkomt niet, maar biedt wel handvatten hoe nu verder te gaan.
    ‘Door de diagnose konden we bepaalde ontwikkelingen verklaren en juist andere zaken gaan monitoren,’ geeft Anne aan.

    En nu is er dan ook een boek: Zonder meer, zonder maar, door Anne Kien. Een boek over het dagelijkse en soms hectische leven van Anne´s gezin. Het zijn humorvol geschreven stukjes, die lekker weglezen, ondanks de soms pittige inhoud.

    Een boek over een gezin dat heeft geleerd om te gaan met een kind en broertje met een beperking, en waar dit als vanzelf als een mogelijkheid wordt beschouwd. In de woorden van Lotte: ‘mijn broertje is vooral Pepijn, leuk, lief en soms onaardig.’


    En nu wil je natuurlijk het boek kopen? Dat kan in de boekwinkel en online.

    Meer weten over CMV?


    Deze blog werd ook gepubliceerd bij demamacompany

  • Deadline

    Deadline

    Eigenlijk wilde ik deze post ‘de week van het schrijven’ noemen; een terugblik op mijn activiteiten voor mijn eerste boek Familiegeluk. Dat klonk echter een stuk productiever dan de werkelijkheid.

    Zoals John Lennon ooit al zei:

    life is what happens to you while you’re busy making other plans

    Hoe gaat het met je boek?
    Dus loopt mijn schrijfplanning van Familiegeluk alweer een week achter. In plaats van dat mijn personage Eline een zeer heftige periode in haar leven meemaakte, zat ik namelijk heerlijk te dineren in een exclusief pop-up restaurant op Ibiza. Tja, een mens moet prioriteiten stellen. Ik schreef er een blog over, dat dan weer wel.

    De deadline die ik mijzelf gesteld heb voor mijn manuscript komt akelig snel dichtbij. Eén scène per dag schrijven, zijn er inmiddels twee geworden. Waarom die deadline niet verschuiven, zou je kunnen denken. Het moet toch ook leuk blijven? En haalbaar?
    Dat is waar, maar is dat ook iets wat je tegen een baas of opdrachtgever zegt?
    ‘Sorry, er kwam onverwacht iets tussen, dus dat rapport, evenement of die campagne komt een weekje later.’
    Ik denk het niet.

    Behapbare stukjes
    Een deadline is een stok achter de deur om iets af te maken. In ieder geval voor mij. Om het schrijven van Familiegeluk even serieus uit te voeren als een betaalde baan. Want er is altijd wel een reden om er niet aan te werken, terwijl het geheim van de creatieve flow er ook in zit te blijven schrijven. Elke dag.

    Geen reeële deadline zonder planning natuurlijk. Bij Familiegeluk zijn het scènes per dag, maar je kunt ook aantal woorden of pagina’s of wat dan ook nemen. Als het maar voor jou werkt. Waar het uiteindelijk om gaat is dat je je grotere ambitie opbreekt in kleinere, behapbare stukjes. Het geeft ook voldoening, want de output van mijn schrijven wordt er tastbaar door. Ik heb niet zo maar aan mijn boek gewerkt, nee, ik heb een scène geschreven. En ik weet ook hoeveel ik er nog te gaan heb.

    Benoem het. Concreet.
    Wat ik ook heb geleerd is duidelijk te maken wat ik op die deadline oplever. Niet mijn boek, maar het manuscript van mijn boek. Dat betekent dat er nog alles kan en ook zal wijzigen aan het verhaal, maar het verhaal zelf is er. In z’n totaliteit. Op papier. Het is niet meer een verhaallijn of een synopsis. Het is een eerste versie van mijn boek.

    En dat, kan ik je vertellen, voelt als een serieuze overwinning.
    Als het zover is.