Methylfenidaat Archieven - barbarasevenstern.nl

Tag: Methylfenidaat

  • Methylfenidaat: ADHD in balans

    Methylfenidaat: ADHD in balans

    Als mensen ergens een mening over hebben dan is het wel over medicatiegebruik bij ADHD. De bijwerkingen, de onbekende risico’s op lange termijn, het gemak waarmee het geadviseerd wordt, ook ik ken de tegenargumenten. En toch slikt onze oudste al ruim twee jaar methylfenidaat*. 

    ‘Voel je zelf nu dat je een pil hebt genomen?’ Ik kijk hem vragend aan. Hij haalt ongeïnteresseerd zijn schouders op, zijn blik gericht op de iPad voor hem. Zoveel rust als dat hij nu uitstraalt, zoveel aanwezigheid was er zojuist in het zwembad. Een schril contrast en niet voor de eerste keer verbaas ik mij over het effect van zijn medicatie op zijn gedrag.

    Ruimte voor zijn omgeving

    Want dat het dat is, daar twijfel ik geen seconde aan. Hoezeer ik ook zou willen dat het de ontspanning na de fysieke inspanningen in het water is, de moeheid vanwege het late tijdstip van de avond ervoor of een natuurlijk gevolg van het feit dat hij zich op z’n gemak voelt in het huis van mijn zus waar wij sinds gisteren logeren. Ik weet dat het de medicatie is die ervoor zorgt dat hij niet meer aan een stuk door loopt te gillen, het de hele tijd beter weet en alle aandacht opeist. Dat het de reden is dat hij weer ruimte heeft om te luisteren naar en rekening te houden met zijn omgeving.

    Dat ik dit zo zeker weet, is omdat we vanochtend de medicatie waren vergeten. Het is vakantie en alles loopt wat anders dan anders. Er zijn ouders die ervoor kiezen hun kind überhaupt alleen tijdens de schoolperiode medicatie te geven, wanneer je je niet kunt permitteren overprikkeld te zijn. Enerzijds omdat er les gegeven moet worden, anderzijds omdat je als kind ook in staat wilt zijn deze les te kunnen volgen.

    Van eng naar spannend en bespreekbaar

    Ik zie het nog niet zo snel gebeuren dat oudste geen medicatie meer slikt in de vakantie. Zeker niet wanneer we op vakantie gaan, want dat betekent dat alles nieuw is en alles wat nieuw is, is eng. Een pil brengt het enge naar spannend en bespreekbaar. Vooral dat laatste is essentieel: zolang ik mijn oudste op zijn gedrag kan aanspreken, blijft hij hanteerbaar. Als ik dit niet meer kan, is hij een ongeleid projectiel.

    Ongeleid projectiel

    Een ongeleid projectiel kan heel grappig en innemend zijn. Ik geniet van zijn onbevangenheid in het zwembad, hoe hij ongegeneerd gilt en vreemde geluiden slaat en met een simpele zwemband enorm veel lol kan hebben. Onbewust van z’n omgeving of wat anderen van hem denken. Zolang ik mijn aandacht op hem gericht heb, heerst er gecontroleerde chaos. Dit is ook een kant van hem en die mag er zijn. Die kan er alleen niet altijd zijn.

    Waarom? Omdat in datzelfde zwembad nog drie kinderen spelen. Kinderen die ook de ruimte willen hebben om hun ding te doen. Die ook eens met de zwemband en de duikbril willen spelen en hun nieuwe truc laten zien. Die niet de hele tijd door de oudste afgeblaft willen worden. En omdat ik niet de hele tijd mijn blik op mijn oudste gericht kan hebben. Al was het maar voor iets praktisch als een toiletgang of een maaltijd, die niet vanzelf op tafel verschijnt.

    Interactie en redelijkheid

    Doe ik mijn oudste hiermee tekort? Hij zei net zelf dat hij geen verschil merkt van z’n pil. Deze keer niet. Net zoals het effect van zijn gedrag op z’n omgeving deze keer aan hem voorbij gaat. Op school merkt hij het wel degelijk. Hij weet hoe het voelt als de medicatie is uitgewerkt, hoe hard alle geluiden binnenkomen en hoezeer hij zich daar vervolgens aan ergert. Met alle gevolgen van dien.

    Oudste heeft zich inmiddels weer bij de anderen in het zwembad gevoegd. Deze keer met medicatie. ‘Wie doet er mee met Marco Polo?’ De rest stemt in met het spel. Oudste is de tikker en nu is er geen gezeur. Hij zoekt de interactie, is redelijk wanneer iemand het niet met hem eens is en als hij ziet dat de tuindeur openstaat, snelt hij tussendoor het bad uit om te voorkomen dat de zitkamer straks vol met vliegen zit. Voor het moment hoeven we geen politieagent te spelen, hem uit het water te halen, omdat hij de boel terroriseert met z’n gedrag.

    Dat is ook een kant van hem die er mag zijn.


    * Oudste is elf jaar, 158 lang en weegt 45 kilo. Hij is twee jaar geleden begonnen met 10 mg en slikt inmiddels 20 gram Equasym, een langdurig methylfenidaat speciaal ontwikkeld om de schoolperiode te overbruggen. Op dagen dat hij ’s middags school heeft, neemt hij sinds begin dit jaar tijdens zijn lunch 10 mg kortdurend methylfenidaat extra.

  • ADHD, was het maar zo simpel!

    ADHD, was het maar zo simpel!

    Afgelopen week kwam er op Facebook een filmpje voorbij met de titel ´Boy overcomes ADHD with dance´. Medicatie was niet meer nodig en volgens zijn moeder was hij een ‘ander kind’.

    Dit soort berichten zetten mijn haren direct overeind.

    Verwijt
    Wat natuurlijk veel meer over mij zegt dan over het filmpje.
    Als moeder van een zoon met de diagnose ADHD/ODD denk ik direct ‘was het maar zo simpel’ en voel ik onmiddellijk de neiging om op de barricade voor medicatie te springen. De titel leest voor mij namelijk als een verwijt. Alsof ik, door mijn zoon medicatie te geven, voor de makkelijkste weg kies. Alsof ik met andere woorden, voor mijzelf kies in plaats van voor mijn kind.

    Nieuwsgierigheid bracht mij ertoe het filmpje toch te bekijken, wat de titel gelukkig nuanceerde.
    Wat was de context van deze jongen:

    • hij reageerde slecht op medicatie;
    • als hij ergens niet blij om was, begon hij met zijn voeten te schuifelen;
    • zijn ADHD ontwrichtte het gezin;
    • zijn ouders gingen opzoek naar een manier waarop hij zijn energie op een productieve wijze toe kon passen;
    • de jongen in kwestie ging er in mee.

    Iedereen is anders
    Wat vertelt mij dat? Dat er geen one-size-fits-all oplossing bestaat voor ADHD. Voor deze jongen is het dansen een positieve uitlaatklep voor zijn (teveel aan) energie, voor een ander wellicht niet. Ook erkent het de impact van een kind met ADHD op het gezin. En dat wordt nogal eens ondermijnd.

    Goed in je vel
    Onze oudste zoon is een gezellige, sociaal vaardige jongen. Als hij goed in zijn vel zit.
    ‘Stuur hem maar een weekend naar ons toe,’ krijg ik wel eens te horen na een relaxte middag samenzijn met vrienden. ‘Dan is hij er zo vanaf.´ Op zo’n moment ben ik blij en trots dat hij zich heeft weten te handhaven in de andere omgeving dan thuis. Tegelijkertijd hoor ik als ouder direct weer dat, veelal onbedoelde, onderliggende verwijt: dat het aan mij ligt of dat ik op z´n minst de situatie wel wat overdrijf.

    Hij was de hele dag toch gezellig?

    Ja, dat was hij. Omdat hij in de basis een hele leuke jongen is. En omdat het onbekende terrein een veilige plek bleek, er lekker eten en drinken werd aangevoerd en hij mocht doen wat hij leuk vond. Ik zal je zeggen, dan ben ik ook vreselijk gezellig.

    Werkelijkheid
    Maar er is ook nog zoiets als de werkelijkheid. Ieder kind heeft verplichtingen (zoals school, huiswerk, slapen, groente en fruit eten) en wil dingen die zijn ouders nou juist net niet willen (zoals langer opblijven, op de iPad, meer patat eten). En elk kind voert daar een gezonde strijd over. Wat doe je echter als die strijd omslaat in weglopen van school of agressie naar zijn omgeving? Als hij rollend over de grond alleen maar weet uit te brengen dat hij televisie wil kijken? Wat doe je als hij dood wil?

    Dan kan je maar twee dingen doen.
    Zeggen dat je vreselijk veel van hem houdt.
    En professionele hulp zoeken.

    Van diagnose tot coaching en medicatie
    Een orthopedagoog en kinderpsychiater kunnen op basis van uitgebreid onderzoek een diagnose stellen en zowel jou als je kind handvatten bieden hoe met het afwijkende gedrag om te gaan. In het geval van een stoornis zoals ADHD kan dat betekenen dat het kind naast coaching ook medicatie voorgeschreven krijgt.

    Medicatie is geen oplossing, maar slechts één van de hulpmiddelen om een gedragsstoornis als ADHD hanteerbaar te maken. Zowel voor het kind als voor zijn omgeving.

    Mis?
    Als je als ouder je kind voldoende regelmaat, gezonde voeding, (bewegings)ruimte en liefde biedt, wat is er dan mis met het geven van medicatie als je ziet dat de onrust in zijn hoofd afneemt? Als je merkt dat hij zijn broer en zus weer ruimte geeft en weer meekomt in de klas en in het voetbalteam? Als hij weer redelijk kan reageren in plaats van alleen maar negatief? Als je merkt dat hij weer blij is?

    Ik vraag me oprecht af, wat is daar mis mee?


    De afkorting ADHD staat voor Attention Deficit/Hyperactivity Disorder. In het Nederlands: aandachtstekortstoornis met hyperactiviteit. Kinderen met ADHD hebben vaker en sterker dan de meeste andere kinderen problemen met aandacht en concentratie, hyperactiviteit, impulsiviteit en regelfuncties. Meer informatie is te vinden op de website van Steunpunt ADHD.

    ODD is een psychiatrische aandoening die is ingedeeld bij de ontwikkelingsstoornissen. Kinderen met ODD zijn moeilijk in de opvoeding, ongehoorzaam en in verzet, maken ruzie, zijn driftig en houden zich vaak niet aan de regels, maar feitelijk gewelddadig gedrag is niet aan de orde. Ze hebben vaak problemen in de sociale omgang, vooral met volwassenen maar ook met leeftijdgenoten. Niet zelden gaat de aandoening samen met andere stoornissen, bijvoorbeeld ADHD of  autisme, waardoor de diagnose niet eenvoudig te stellen is. Meer informatie over ODD is te vinden op de website van Balans Digitaal.

     

    Deze blog is ook gepubliceerd bij De Mama Company, de afbeelding is van Suzanne Tucker/Shutterstock.