meelezers Archieven - barbarasevenstern.nl

Tag: meelezers

  • Proeflezers, wat is het nut ervan?

    Proeflezers, wat is het nut ervan?

    Het moest er een keer van komen, mijn schrijverskind uit handen geven, dus dat is wat ik enkele weken geleden deed. Drie proeflezers lazen gedurende de zomervakantie het manuscript van Familiegeluk.  Inmiddels heb ik hun feedback ontvangen, de vraag is of ik er ook iets mee kan?

    Laat ik direct beginnen met te stellen dat het leuke van proeflezers is dat je direct bewondering oogst.

    ‘Je hebt gewoon een boek geschreven!’

    ‘Nou ja, boek, boek, het is een manuscript,’ antwoord ik dan snel.

    ‘Het heeft een begin, midden en eind,’ is het antwoord, ‘hoe super is dat!’

    En ze hebben gelijk, hoe super is dat? De afgelopen periode ben ik vooral bezig geweest met het comprimeren van mijn 550 pagina´s naar de 475 die het momenteel zijn. Het is makkelijk te vergeten dat het traject om zover te komen ook een hele prestatie is.

    ‘Het leest als een trein!’

    ‘Het is een echte pageturner!’

    Ik neem de complimenten in ontvangst. Het is goed ze te horen, maar nu wil ik weten wat er beter kan.

    Eigenaardigheden

    Want dat dit het geval is, weet ik zeker. Zoals ik eerder schreef ben je als schrijver op een gegeven moment blind voor de lacunes in je verhaal. Daarnaast heb je ook je eigenaardigheden. Zo blijk ik een onverwachte voorliefde voor eikenhouten tafels te hebben. En alle meelezers zijn het er over eens dat er te veel cappuccino’s en wijn gedronken wordt. Terwijl het op z´n minst opvallend is dat niemand rookt, zelfs niet begin jaren zestig, waarin een deel van mijn verhaal zich afspeelt.

    Taalgebruik

    Frappant is ook mijn soms archaïsch taalgebruik, waarschijnlijk een overblijfsel uit de tijd dat ik diep in de oudere meisjesboeken zat. Mensen zetten zich neer en deuren openen zich. Terwijl de uitdrukking dat iets je niet boeit weer ongepast is in 1963.

    Tijdens mijn eigen redactie betrapte ik mijzelf op een te veelvuldig gebruik van bijwoorden en hoewel ik daar sindsdien meer alert op ben, zijn mensen alsnog vertwijfeld of wanhopig als ze het even niet meer weten. Datzelfde geldt voor woorden en uitdrukkingen die ongemerkt in mijn hoofd zijn blijven hangen; zo opent de hoofdrolspeelster op één pagina twee keer haar mond om iets te zeggen en zijn staalblauwe ogen een te groot cliché.

    Taal Tikfouten

    Proeflezers kijken naar je verhaal. Loopt het lekker? Is het geloofwaardig? Grammatica en taalfouten (of zoals één van hen troostend zei ’tikfouten’) zijn in principe van latere zorg. Toch is het prettig als iemand ze al voor je aanstreept, want ondanks alle eigen checks blijkt ‘die versus dat’ of  ‘ij versus ei’ niet altijd even makkelijk. En zelfs de beginnersfout ‘ik wordt’ komt ook in mijn manuscript meerdere keren terug. Ik troost mij met de gedachte dat dictee nooit mijn sterkste punt is geweest en dat je simpelweg over je eigen fouten heen leest. Ik weet natuurlijk ook wel dat een bardame niet haar glazen met haar geblondeerde haren poetst.

    Meningen

    Kun je over taal nog het Groene Boekje erbij halen of de heerlijke Schrijfwijzer van Jan Renkema, voor de inhoud geldt: zoveel monniken, zoveel kappen. Ook mijn proeflezers hadden totaal verschillende meningen over een aantal gebeurtenissen in mijn verhaal. Wat de één niet meer dan een logisch gevolg vond, ging voor de ander veel te snel. Van geen van hen heb ik overigens gehoord dat de seks-scenes eruit moesten.

    Overeenkomsten waren vooral te vinden in de motivatie van personages. Zo vindt mijn hoofdpersonage Lisette een kistje met documentatie van haar overleden moeder. Een moeder met wie ze geen goede band had. Waarom wil ze dan toch de betekenis van de documentatie achterhalen? En waarom neemt de ‘slechterik’ zoveel risico?

    De feedback van de meelezers bevestigt ook dat door het verwijderen en samenvoegen van personages en scènes, relevante informatie is weggevallen. Dit zijn o zo belangrijke punten, die je als schrijver vaak niet meer opmerkt, omdat je teveel in het verhaal zit.

    Hoe nu verder?

    Het mag duidelijk zijn: er is weer werk aan de winkel. Met alle feedback in mijn achterhoofd ga ik nu zelf mijn manuscript in boekvorm doorlezen. Ik verwacht dat ik op deze manier vanzelf merk wat ik wel en wat ik niet aan moet passen. Het zou nog wel eens tot een verrassende wending kunnen leiden.

  • Schrijven tijdens de vakantie

    Schrijven tijdens de vakantie

    Als thuis-schrijver met kinderen op de basisschool is de zomervakantie wat betreft schrijven een weinig productieve periode. Niets zo naïef dan te denken dat je tot meer komt dan een enkele blog en wat berichten op social media.

    Door ervaring wijs geworden, had ik dan ook mijn schrijfactiviteiten de afgelopen zes weken op een zeer laag pitje gezet. Aan mijn debuutroman Familiegeluk werd niet geschreven.

    Deadline

    Toch stond het boek-in-wording proces niet stil. Regeren is voorruit zien en dus had ik mijzelf al eerder een deadline gesteld. Met mijn mensenkinderen thuis was de zomervakantie bij uitstek de periode om mijn schrijfkindje uit handen te geven aan de meelezers en daarvoor diende de tweede versie van mijn manuscript af te zijn.

    Proefexemplaar

    Een deadline doet wonderen en begin juli had ik versie twee van mijn manuscript afgerond. Hoofdstukken en personages waren geschrapt, gefuseerd en een enkele keer weer teruggeschreven, omdat ze toch onmisbaar bleken. Van de oorspronkelijke 181.000 woorden bleven er 113.000 over, zodat het verhaal meer focus en vaart kreeg. Na een eerste print-out van de copyshop, kreeg ik van een bevriende uitgever de tip via mijnbestseller.nl een proefexemplaar van mijn verhaal te bestellen, zodat in ieder geval twee van de drie meelezers niet meer een multomap, maar een heus boek in handen zouden krijgen. Nog steeds een manuscript (draft) versie, maar wel met een heel andere leeservaring.

    Meelezers

    Die meelezers heb ik uit mijn naaste omgeving gekozen, allemaal vrouw en leesliefhebber. Daarnaast hebben ze nog wat: de eerste schrijft zelf al jaren in mijn ogen zeer verdienstelijke stukken en is zeer kritisch op wat wel en niet goed schrijfwerk is. De tweede leest zowel thrillers als de betere chicklits en romans, wat haar spot-on in mijn beoogde doelgroep plaatst. De derde is journaliste van beroep en het wachten is alleen nog maar op haar eigen boek. Dat ze mij kennen, maakt objectief beoordelen wellicht lastiger, maar zoals één van hen naar aanleiding van het meelezen zei, ´loslaten dat jij het had geschreven, ging eigenlijk heel snel´.

    Daarnaast heb ik ook een vragenlijst opgesteld. De open ‘wat vond je van het boek’-vraag (waarop ‘leuk’ geen antwoord is), dient als eerste beantwoord te worden. Pas daarna komen de meer gerichte vragen aan bod, zodat ze het antwoord van vraag één niet kunnen beïnvloeden. De vragenlijst is een leidraad, ik verwacht niet per se een volledig ingevuld formulier terug. De komende twee weken heb ik met elk van hen een afspraak om hun mening over mijn verhaal te bespreken. Wat moet zeker blijven en wat kan er beter?

    Verbeterpunten

    Want dat er dingen beter kunnen, is één ding dat zeker is. Als schrijver ben je op een gegeven moment blind voor de lacunes in je verhaal. Eigen redactie, zeker in de vorm van het verwijderen van hele hoofdstukken, brengt het risico met zich mee dat gebeurtenissen of personages die de redactieslag wel hebben overleefd te veel op zichzelf komen te staan. En wat voor mij als schrijver vanzelfsprekend is (verweven als ik ben met mijn verhaal), kan bij de lezer juist vraagtekens oproepen.

    Ben ik bang voor de feedback? Nee, totaal niet. Ik heb er juist heel veel zin in!