schrijverschap Archieven - Pagina 6 van 7 - barbarasevenstern.nl

Categorie: schrijverschap

Over het schrijven van een eigen boek, bloggen en alles wat daar bij komt kijken.

  • De Tzum-prijs, oftewel de mooiste zin

    De Tzum-prijs, oftewel de mooiste zin

    Het regent op het moment niet alleen veel water, maar ook heel veel boek-prijzen.

    Daar kan ik erg enthousiast over worden, ondanks de confronterende waarheid dat ik veelal geen van de winnaars heb gelezen. Sommige titels staan al enige tijd op mijn te-lezen-lijstje, dat enkel maar langer wordt. Sommigen wil ik echt lezen, anderen moet ik van mijzelf lezen, ter lering als schrijver. Die laatste zijn de boeken die het langst ongelezen in de kast blijven staan, omdat ik er maar niet voor in de stemming kom. En heel veel titels halen het lijstje überhaupt niet, omdat ik al afhaak bij de omschrijving van het verhaal.

    De mooiste zin
    De lijst met prijzen is te specifiek om hier te noemen en ik laat de bespreking ervan dan ook graag over aan de vele literaire- en boekblogs die er al zijn. Eén prijs wil ik wel uitlichten, omdat ik niet wist dat-ie bestond en het echt een heerlijk fenomeen vind: de Tzum-prijs, oftewel de prijs voor de mooiste zin. Briljant!

    Persoonlijk kan ik namelijk heel blij worden van een mooi zin. Of ik hem nou zelf geschreven heb of iemand anders, een zin die goed loopt, die meer zegt dan je op het eerste oog denkt, die direct een beeld oproept, doet lachen, nadenken of een combinatie van dit alles, is prachtig. Vooral omdat het dwingt tot doorlezen; je wilt immers meer van dit fijns.

    Bijvoorbeeld deze, uit De Consequenties (2014) van Niña Weijers:

    Er volgde een uitwisseling van schouderklappen over en weer, een intrigerende omgangsvorm die voorbehouden was aan mannen onder elkaar en in heldere contouren de hele evolutie van aap naar mens blootlegde.

    Beeldend. Hilarisch. Mooi.

    Het kan ook kort en simpel. Zo word ik altijd nog heel gelukkig van de regel uit een oude cabaretvoorstelling van Diederik van Vleuten en Erik van Muiswinkel (let op het rijm):

    Dan jaag ik op een mammoet, omdat het van mijn stam moet.

    Legendarische film-quotes
    Films helpen ook om zinnen tot in de lengte van dagen in het geheugen te griffen.
    Wat dacht je van deze:

    Frankly, my dear, I don’t give a damn.

    Het zijn de beroemde laatste woorden van Rhett Butler aan Scarlett O’Hara uit de film Gone with the Wind (1939), waarbij scriptwriter Sidney Howard het woord ´Frankly´ toegevoegd heeft aan de originele zin uit het gelijknamige boek van Margaret Mitchell. Het maakt direct het verschil.

    Of deze:

    I’m gonna make him an offer he can’t refuse.

    Het is de meest bekende zin uit The Godfather, zowel het boek (1969) als alle drie de films, beiden geschreven door Mario Puzo.

    Uit Casablanca (1942) dringt zich de beroemde zin op van Humphrey Bogart aan het eind van de film:

    Louis, I think this is the beginning of a beautiful friendship.


    Het belang van openingszinnen
    Elk beginnend schrijver krijgt te horen dat zijn of haar boek valt of staat bij de openingszin. Het is deze zin die de potentiële lezer als eerste ziet, als hij het boek opent. Een slechte openingszin betekent dat de lezer het boek teruglegt. Bij een goede zin leest hij door, nieuwsgierig of op zijn minst geprikkeld, naar meer. En dat betekent een potentiele verkoop voor jou als schrijver.

    Wat maakt een zin nou tot een goede openingszin?

    Het kan de laconieke logica zijn, die je verder doet lezen, of je het er nou wel of juist niet mee eens bent, zoals die uit Jane Austen’s Pride and Prejudice (1813):

    It is a truth universally acknowledged, that a single man in possession of a good fortune, must be in want of a wife.

    De incorrectheid van iets dat anders niet zou zijn opgevallen uit George Orwell’s 1984 (1949):

    It was a bright cold day in April, and the clocks were striking thirteen.

    De veelomvattendheid, waarbij de tegenstellingen direct vragen oproepen uit Charles Dickens’ A Tale of Two Cities (1859):

    It was the best of times, it was the worst of times, it was the age of wisdom, it was the age of foolishness, it was the epoch of belief, it was the epoch of incredulity, it was the season of Light, it was the season of Darkness, it was the spring of hope, it was the winter of despair.

    Dat dit ook korter kan bewijst Vladimir Nabokov in zijn Lolita (1955):

    Lolita, light of my life, fire of my loins.

    En zo kan ik nog uren doorgaan.

    Tzum-prijs 2015
    De Tzum-prijs 2015 voor de mooiste zin gevonden in een boek uit 2014 gaat naar Dimitri Verhulst met de volgende zin uit Kaddisj voor een kut:

    Jouw kapsel, voor zover dat nog een kapsel mocht worden genoemd, had veel weg van zo’n in die dagen in zwang rakende ecologische tuin, waarin elke menselijke ingreep als een misdaad tegen de natuur werd beschouwd.

    Verhulst krijgt 36 euro, één euro voor elk woord, een beker en de eer natuurlijk.

    En jij? Welke zin uit een boek, film of lied is jou bijgebleven? Inspireer me en deel het via de comments hieronder.


     

    Meer lezen (klik op tekst):

  • Heel Nederland schrijft, maar één Nederlander wint

    Heel Nederland schrijft, maar één Nederlander wint

    Weet je het nog, de schrijfwedstrijd van Heel Nederland Schrijft (HNS)?
    Ik deed er aan mee met mijn inzending ZIJ.
    Het thema was je mooiste herinnering, die overigens ook fictief mocht zijn.

    Gisteravond was de prijsuitreiking in de Verkadefabriek in Den Bosch.
    En ik ging er heen.
    Niet omdat ik mij enige illusie maakte dat ik zou winnen, hoewel het een opsteker zou zijn voor het zelfvertrouwen om bij de eerste vijftig (van de 377 inzendingen) te horen.
    Nee, ik ging er heen uit nieuwsgierigheid. Nieuwsgierig naar wie er naar zo’n evenement gaat, wat er vertelt wordt en wat ik ervan kan leren.

    Vooroordeel
    Eigenlijk is het helemaal niets voor mij, zo’n bijeenkomst van aspirant schrijvers. En de naam Heel Nederland Schrijft roept toch sterke associaties op van truttige huismoeders, stoffige vijftigplussers en o-wat-ben-ik-verheven-bezig vrijgezellen types. Die dan dus allemaal heel erg schrijven.

    Dat is natuurlijk een enorm vooroordeel.

    Net als de angst om als enige in de zaal te zitten. Goed voor mijn zichtbaarheid, maar het heeft ook iets beschamends; zowel voor de organisatie, als voor mijzelf.

    Diverse pluimage
    De Verkadefabriek  is 10 minuten lopen vanaf het centraal station van Den Bosch. Om half acht loop ik de foyer van de afgehuurde ruimte in, waar gratis koffie en thee klaar staat. Mijn eerdere vooroordelen moet ik direct bijstellen: het publiek is van diverse pluimage. De vijftig plussers en vrouwen zijn zeker goed vertegenwoordigd, maar ik zie ook mijn eigen type (40+, maar van mening nog best jong te zijn, of in ieder geval zeker niet oud) en ook twintigers en dertigers. Het is zoals ze zeggen: heel Nederland schrijft.

    Om tien over half acht schuifelen we achter elkaar de zaal binnen, waar we direct overvallen worden door het typetje ‘werkster’. Ze doet wat lolligs met een kruimeldief en wenst ons veel succes. Haar toegevoegde waarde ontgaat me.

    Spanning
    Dan begint het lange wachten en ik betrap mijzelf erop dat ik toch wel wat nerveus ben, alsof ik degene ben die straks een presentatie moet houden. Dat is wat een theaterzaal met mij doet.

    Mensen druppelen binnen, de organisatie direct herkenbaar aan de formele blik en de stapel papieren onder de arm. Een echtpaar komt de zaal in en even denk ik dat ze bij de werkster-act horen. Ze nemen echter plaats op de voorste rij.

    We wachten inmiddels zo’n kwartier en ik vraag mij af of ik iets gemist heb over ‘om acht uur beginnen’.  Om mij heen zijn de spontane gesprekken met onbekende buren losgekomen. Dat is wat wachten met mensen doet. Ik heb mij strategisch tussen twee lege stoelen geplaatst, en staar naar het podium waar een grote bank en leeststoel in combinatie met een staande lamp en vloerkleed de suggestie van een zitkamer oproepen. Op een scherm op de achterwand wordt het logo van de wedstrijd, een groot hoofd met tekst, geprojecteerd. Onverwacht verschijnt daar nog meer tekst overheen:´new version of dvx software is available’.

    Dan is het tien over acht en komt het werkster typetje het podium opgelopen. Ze stelt zich voor als Mientje en geeft aan dat ze Linda de Mol vervangt, omdat die vanavond helaas niet kan presenteren. Dit kan nog een lange zit worden. Het licht gaat uit en Gijs Wanders (oud NOS presentator) verschijnt op het projectiescherm. Hij leest een verhaal voor en ik ben verward. Ging Gijs Wanders niet het winnende verhaal voorlezen? Daar zouden ze toch niet direct al mee beginnen, zonder enige vorm van aankondiging? Het verhaal is uit en de schrijver blijkt niet aanwezig. Gelukkig maar, want wat als hij dezelfde gedachte had als ik? Dat had tot gênante vertoningen kunnen leiden.

    Natte dromen en meer
    Mientje neemt het weer over en ondervraagt het publiek over hun inzendingen. De belangrijke vraag daarbij is ´welke boodschap wil je met je verhaal vertellen?’.
    Ik schrik op, over een boodschap heb ik helemaal niet nagedacht, ik heb gewoon geschreven. Gelukkig zit ik hoog genoeg om niet in de ondervragingsronde terecht te komen.

    De thema’s zijn zeer uiteenlopend; er komen jeugdherinneringen voorbij, herinneringen aan vakanties, afscheid nemen, muziek en er is zelfs iemand die over een natte droom in relatie tot de Heilige Familie heeft geschreven. Mientje reageert gepast en ik stel mijn eerste indruk over haar bij.

    Primaire levensbehoefte
    Dan neemt Ric Hofmans het woord. Hij is één van de initiatiefnemers van Heel Nederland Schrijft en degene die alle 377 inzendingen ook daadwerkelijk heeft gelezen. Ik neem aan dat hij dus ook de voorselectie van 50 beste verhalen voor de vakjury heeft gedaan. Ric geeft aan dat hij het vertellen van verhalen beschouwt als een primair menselijke behoefte, zoals eten en drinken, en dat hij vanuit deze gedachte samen met de afwezige Carin Wormsbecher het Heel Nederland Schrijft platform is gestart. Zodat iedereen die een verhaal wil vertellen dat kan delen. Ik vraag mij serieus af of de presentatrice-werkster Mientje deze Carin Wormsbecher is; haar kennis over de ingezonden verhalen is duidelijk van incrowd niveau. Ook houdt ze er lekker de vaart in en verwoordt ze menig gedachte als ze Peter van Loon, met Wonderful tonight (230 Facebook likes) als winnaar van de publieksprijs, aankondigt. ´Of je hebt heel veel vrienden, een grote familie en mensen omgekocht, of een echt goed verhaal.´ Ook Peter zit niet in de zaal om zijn waardebon van 150 euro voor het realiseren van zijn boek bij Drukkerij Wedding in ontvangst te nemen en zo zal het helaas met alle auteurs van de voorgelezen verhalen zijn.

    Ric Hofman leest één van zijn favoriete inzendingen voor, Dierennamenverzinner van Lucien Roosen. Wat hem aanspreekt is dat het is geschreven vanuit de insteek van een kind.
    ‘Há,’ denk ik, ‘dat is die van mij ook.’
    Ik luister naar het verhaal. Bloemrijk, schiet door mijn hoofd als ik de draad begin kwijt te raken.
    ‘Bloemrijk,’ is ook wat Ric verzucht, als hij klaar is met lezen. ‘Je merkt meteen dat het is geschreven door een Vlaming, die kunnen dat zo veel beter dan Nederlanders.’
    Daar gaat definitief mijn hoop op een plaatsje bij de beste 50.

    And the winner is…
    De vakjury wordt voorgesteld, bestaande uit Jan Dijkgraaf (publicist, hoofdredacteur), Maaike Gerritsen (romanschrijfster en docent bij de Schrijversacademie) en Diederik van Leeuwen (oud-directeur BNL en expert op gebied van lezen en publiceren). Ze zijn blij dat ze zich alleen over de voorselectie van de 50 beste inzendingen hoefden te buigen, want ´er zaten vast ook hele slechte verhalen tussen´.  Mientje gaat daar wijselijk niet op in. We krijgen te horen dat er meer inzendingen van vrouwen dan van mannen zijn ontvangen, wat niemand verbaast. De flauwe opmerking van Jan Dijkgraaf dat vrouwen meer tijd hebben, wordt afgewezen en hij corrigeert zichzelf door te stellen dat vrouwen meer talig zijn (ik versta in eerste instantie meer tanig), en mannen sneller voor de bèta-kant kiezen. Dit leidt tot de onvermijdelijke vraag of schrijvers als Saskia Noort en Esther Verhoef wel of niet onder het kopje literatuur vallen en ik kan mij niet aan de indruk onttrekken dat de jury meer van de Literatuur met de hoofdletter L is.

    Dan is het tijd voor de winnaar van de avond. Eigenlijk moet ik schrijven winnaars, met een ´s´ erachter, want er is een eerste en tweede prijs. Toch gaat het er in de laatst tien minuten echt om wie er met de hoofdprijs van door gaat. De strijd, die overigens al lang en unaniem door de jury beslist is, wordt gestreden door twee heren, Gert-Jan van den Bemd met Ex en Hein van der Sloot met Kus. Beide heren worden verzocht het podium te betreden en mogen hun eigen verhaal voorlezen. Ik heb met ze te doen, één van hen wordt nummer twee. Een hele prestatie, maar toch ongemakkelijk met die nummer één zo vlak naast je.
    Twee verhalen, allebei over de eindigheid van een relatie. Het is uiteindelijk Gert-Jan die met de opleiding van de Schrijversacademie naar huis gaat. Hij had wel een vermoeden, want de organisatie had hem laten weten dat het wel de moeite waard was om vanavond aanwezig te zijn. Zijn reactie is ingetogen, hij hoopt dat de roman die hij heeft geschreven nu wellicht wel gepubliceerd gaat worden. Hein wint een waardecheque van Euro 500 voor het publiceren van zijn eigen boek bij Drukkerij Wedding.

    Om half tien is de presentatie afgelopen en kan er met een drankje nog nagepraat worden in de foyer. Dit is natuurlijk het moment om mij onder de mede-aspirant schrijvers te begeven en mijn visitekaartjes in de handen van de organisatie en jury te drukken. Ik werp een blik op de aanwezigen en besluit lafhartig dat ik liever mijn trein naar Den Haag pak. Ik netwerk wel virtueel via deze blog.

    Wat heb ik geleerd?
    In de trein haal ik het boekje van de vijftig beste verhalen uit de ontvangen goodybag en begin te lezen. Mooiste herinneringen beslaan veel gebieden, maar de thema’s liefde (beginnende, eindigende, ongewenste, eeuwigdurende, bloederige) en vrijheid zijn toch wel favoriet. Sommige verhalen spreken mij aan, bij anderen haak ik al snel af. Ik ben niet zo van de metaforen en over bloemrijke omschrijvingen heb ik het al gehad. De vraag waarom mijn inzending het niet tot die vijftig heeft gehaald wordt door het lezen ervan niet beantwoord. Misschien gebeurde er te weinig? Ik realiseer mij in ieder geval dat ik meer zal moeten nadenken over de boodschap achter mijn verhaal. En nog meer oefenen in het beeldend schrijven, wat iets anders is dan bloemrijk.

    De stem van de conducteur schalt door de luidsprekers: ‘Goedenavond dames en heren, voor wie net in Utrecht is ingestapt heet ik u namens het personeel van de NS hartelijk welkom. Met deze trein brengen wij u, via Gouda, naar de residentie Duh Haag.’
    ‘Goed verhaal’, zegt de jongen naast me.
    En zo is het maar net!


    Ook lezen?

    Op de website van Heel Nederland Leest kun je de fysieke exemplaren aanschaffen:

     

  • Deadline

    Deadline

    Eigenlijk wilde ik deze post ‘de week van het schrijven’ noemen; een terugblik op mijn activiteiten voor mijn eerste boek Familiegeluk. Dat klonk echter een stuk productiever dan de werkelijkheid.

    Zoals John Lennon ooit al zei:

    life is what happens to you while you’re busy making other plans

    Hoe gaat het met je boek?
    Dus loopt mijn schrijfplanning van Familiegeluk alweer een week achter. In plaats van dat mijn personage Eline een zeer heftige periode in haar leven meemaakte, zat ik namelijk heerlijk te dineren in een exclusief pop-up restaurant op Ibiza. Tja, een mens moet prioriteiten stellen. Ik schreef er een blog over, dat dan weer wel.

    De deadline die ik mijzelf gesteld heb voor mijn manuscript komt akelig snel dichtbij. Eén scène per dag schrijven, zijn er inmiddels twee geworden. Waarom die deadline niet verschuiven, zou je kunnen denken. Het moet toch ook leuk blijven? En haalbaar?
    Dat is waar, maar is dat ook iets wat je tegen een baas of opdrachtgever zegt?
    ‘Sorry, er kwam onverwacht iets tussen, dus dat rapport, evenement of die campagne komt een weekje later.’
    Ik denk het niet.

    Behapbare stukjes
    Een deadline is een stok achter de deur om iets af te maken. In ieder geval voor mij. Om het schrijven van Familiegeluk even serieus uit te voeren als een betaalde baan. Want er is altijd wel een reden om er niet aan te werken, terwijl het geheim van de creatieve flow er ook in zit te blijven schrijven. Elke dag.

    Geen reeële deadline zonder planning natuurlijk. Bij Familiegeluk zijn het scènes per dag, maar je kunt ook aantal woorden of pagina’s of wat dan ook nemen. Als het maar voor jou werkt. Waar het uiteindelijk om gaat is dat je je grotere ambitie opbreekt in kleinere, behapbare stukjes. Het geeft ook voldoening, want de output van mijn schrijven wordt er tastbaar door. Ik heb niet zo maar aan mijn boek gewerkt, nee, ik heb een scène geschreven. En ik weet ook hoeveel ik er nog te gaan heb.

    Benoem het. Concreet.
    Wat ik ook heb geleerd is duidelijk te maken wat ik op die deadline oplever. Niet mijn boek, maar het manuscript van mijn boek. Dat betekent dat er nog alles kan en ook zal wijzigen aan het verhaal, maar het verhaal zelf is er. In z’n totaliteit. Op papier. Het is niet meer een verhaallijn of een synopsis. Het is een eerste versie van mijn boek.

    En dat, kan ik je vertellen, voelt als een serieuze overwinning.
    Als het zover is.

  • Efficiency: het zo doeltreffend mogelijk inzetten van middelen

    Efficiency: het zo doeltreffend mogelijk inzetten van middelen

    uur
    06.30     dochter naast het bed met de vraag of ze naar beneden mag; dat mag niet

    06:40     wekker, snooze periode één breekt aan

    06:45     snooze periode doorbroken door echtgenoot

    06:50     wekker, snooze periode twee breekt aan

    07:00     shit, in slaap gevallen, moet nu echt opstaan

    07:05     ontbijt en lunchpakketten verzorgen, terwijl echtgenoot de kinderen aankleedt

    07:20     kinderen beneden, televisie gaat aan

    07:25     kinderen op lekker gezond ontbijt wijzen, dat verloren op tafel staat

    07:30     dreigen met uitzetten televisie, zodat aandacht naar ontbijt gaat

    07:32     zelf douchen en aankleden

    07:50     koffie!!

    07:53     strakke spijkerbroek omwisselen voor losser exemplaar

    07:55     what’s app afstemming met een moeder over speelafpraak oudste

    07:58     dochter verzoeken door te eten, ontbijtboel opruimen

    08:01     kinderen verzoeken schoenen aan te trekken, zoektocht naar schoenen

    08:05     kinderen verzoeken jassen aan te trekken en tassen te pakken

    08:07     kinderen nogmaals verzoeken jassen aan te trekken en tassen te pakken

    08:10     zoektocht naar fietssleutels

    08:12     kinderen verzoeken van elkaar af te blijven

    08:14     kinderen verzoeken in de auto te gaan zitten wegens onvindbare sleutel van middelste

    08:16     terug huis in, voor vergeten gymtas van oudste

    08:18     aansluiten in Vinexwijk-file richting school-wijk

    08:20     kinderen verzoeken hun mond te houden als ze niets aardigs weten te zeggen

    08:21     omleiding wegens bouwwerkzaamheden op de weg naar school

    08:22     middelste negeren als hij zegt dat met de fiets naar school veel sneller was geweest

    08:25     parkeerplek gevonden, kinderen uit de auto jagen

    08:36     einde marathon rondje kinderen-afleveren over drie klassen

    08:40     van auto terug naar school lopen met vergeten gymtas van oudste

    08:46     aansluiten in de Vinexwijk-file de school-wijk uit

    09:15     thuis

    09:17     koffie

    09:20     in werkkamer achter bureau, mail checken

    09:30     schrijfprogramma openen

    09:32     social media checken

    09:55     afgeleid door eigen blog-idee

    10:15     blog posten

    10:20     nu echt beginnen met schrijven

    10:30     eerst koffie

  • To blog or not to blog?

    To blog or not to blog?

    Dat heb ik mij serieus afgevraagd.
    Niet een paar dagen, maar enkele maanden.

    Tijd is kostbaar
    Ik een blog?
    Roept diezelfde ik niet constant dat ze te weinig tijd heeft voor het schrijven van haar boek?
    En hoe zit het met die fotoalbums en plakboeken van de kinderen?
    Heeft die ik niet haar lesje geleerd, toen ze dacht naast het boek-schrijven ook een tweedehandskleding winkeltje te kunnen runnen? (De gedachte hierachter was dat ik dan een nuttig gevoel zou hebben over de uren dat ik niet in de schrijfflow kwam. Ik kan er een aparte blog over schrijven, maar laat ik het er voor nu op houden dat ik geen handelstype ben en Marktplaats zeker niet mijn verkoopplein.)

    En toch.
    Het bleef kriebelen.
    Zijn mijn berichten op de Facebookpagina van mijn boek-in-wording niet wat lang voor het platform?
    In hoeverre ga ik af en toe niet erg off-topic?
    Om nog maar te zwijgen over mijn niet-virtuele notities en ideeën waar ik in mijn hoofd al hele blogs over heb geschreven.
    Of mijn Pinterest en Instagram accounts die ook wel wat meer volgers verdienen.
    En ook: wat zijn er veel slecht geschreven blogs.

    To blog-or-not-to-blog?
    Er moest iets gebeuren. En de zomervakantie was de ideale periode om eens gericht de pro´s en cons van een blog naast elkaar te leggen.
    Terwijl de kinderen zich vermaakten in het zwembad, op de iPad of met een pakje oud-Hollandse kaarten, manlief op het terras zijn jaarlijkse lees-quotum ophaalde, zat ik met mijn neus op mijn iPhone geplakt. Tientallen websites (blogs!) heb ik doorgespit om antwoord te krijgen op de meest cruciale vraag:

    wat is de toegevoegde waarde van het hebben van een eigen blog voor mijzelf?

    Nee, ik vroeg mij niet af of er mensen op mijn blog zitten te wachten. Ik wilde simpelweg weten of ik bereid zou zijn het bloggen vol te houden. Want beginnen is één, doorgaan is iets totaal anders.

    Uiteindelijk was het antwoord op de vraag heel simpel:

    mijn blog is een platform om mijn schrijven te oefenen en te etaleren.

    Het uitgangspunt is (mijn) schrijven, met alles wat daarbij komt. Dus ook de gewenste en ongewenste afleiding. Het effect van drie kinderen onder de tien jaar. De noodzaak van goede koffie en lekker eten, maar ook van brood op de plank. Het belang van tijd voor jezelf en een goede handtas, maar ook van een deadline.

    En het belang van jou, als lezer van deze blog. Ik nodig je graag uit mij te volgen via Facebook of af en toe, geheel vrijblijvend, een kijkje te nemen op deze blog.

    Enjoy!

     

  • Schrijfwedstrijd: wel of niet meedoen?

    Schrijfwedstrijd: wel of niet meedoen?

    Eén van de tips die je als beginnend schrijver vaak hoort is mee te doen aan schrijfwedstrijden.

    Ik heb een hekel aan schrijfwedstrijden.

    Oké, er zijn mooie schrijfprijzen te winnen. En ja, het een goede oefening om gericht te schrijven (überhaupt te schrijven). En soms, met veel talent en een beetje geluk, kom je op een long list of val je zelfs in de prijzen, wat weer fijn staat op je schrijf-C.V.

    Wat als dit alles niet gebeurt?
    Dan blijf ik achter met het gevoel vooral veel tijd te hebben verloren. Wat natuurlijk zeer kinderachtig is, maar met het uitblijven van een positieve bevestiging op mijn stuk daalt mijn schrijfvertrouwen tot het vriespunt.

    Niet eens de long list gehaald!!

    Het kan dagen duren voordat ik deze uitkomst weet te relativeren, laat staan voordat ik open sta voor een objectieve blik op het winnende verhaal.

    En nu komt de catch, want uiteindelijk haal ik enorm veel uit een deelname:

    • ik heb iets afgeschreven, want er was een deadline;
    • ik heb geschrapt, want het mocht maar 400 woorden zijn;
    • ik heb kritisch naar spelfouten gekeken, want het moest ingeleverd worden;
    • ik heb het lef gehad iets met anderen te delen;
    • doordat de winnende inzending dezelfde randvoorwaarden heeft als mijn verhaal, kan ik ze goed met elkaar vergelijken, waardoor ik in creatief opzicht weer leer.

    Mijn mooiste herinnering
    Dus heb ik meegedaan aan de korte verhalen schrijfwedstrijd van Heel Nederland Schrijft.
    Samen met nog meer dan 300 andere Nederlands.
    Dus….
    Je kunt mijn inzending lezen op hun website, daarvoor klik je HIER.

    Nu begint het grote wachten…

    Tot en met 31 augustus kun je mij ook nog helpen door het verhaal te liken via Facebook (daarvoor dien je je aan te melden bij heelnederlandschrijft, dat heeft tot nog toe niemand uit mijn netwerk aangedurfd ;-)). Delen mag uiteraard ook. Evenals mij laten weten wat je er van vindt.

    Enjoy!

  • Wat voor boek schrijf je?

    Wat voor boek schrijf je?

    De nominaties voor de Hebban Thriller Debuutprijs 2015 zijn bekend en dat deed me nadenken over het genre van mijn eigen boek-in-wording.

    Wat voor boek schrijf ik?
    Het wordt mij vaak genoeg gevraagd.
    En ik vind het lastig om te beantwoorden.

    Vermaak
    In het begin zei ik een roman, omdat het lekker neutraal klonk. Toch voelde dit na enige tijd niet goed. Bij een roman verwacht ik iets groots en meeslepends of op z’n minst diepgaand, en  mijn boek valt toch eerder in de meer-luchtig-vermaak categorie . Wat overigens iets anders is dan trash.

    Marathon
    Een thriller dan? Er is tenslotte sprake van een moord. Op enig moment. En dat maakt het direct lastig om het in deze misdaad categorie te plaatsen. Misdaad suggereert het constante gevoel van achterna gezeten worden. Dat broeierige sfeertje dat altijd op de achtergrond aanwezig is, omdat de hoofdpersoon zich op plekken bevindt waar hij of zij beter niet kan zijn. Of dingen doet die gevaar met zich meebrengen. Het lezen van zo’n boek voelt voor mij als een marathon, je rent van het éne hoofdstuk naar het andere om achter de dader te komen. En zelfs als je even uit kan hijgen, weet je dat je op de volgende bladzijde weer zal gaan sprinten. Zeker die Noordelijke schrijvers laten mij uitgeput achter.

    Focus
    Een psychologische thriller? Dat genre waar de Saskia Noord’s en Esther Verhoef’en van deze wereld de afgelopen jaren zo succesvol mee zijn. De vergelijking roept verwachtingen op die ik direct de kop in wil drukken. Het genoemde genre kenmerkt zich in mijn ogen door het klein-houden van het verhaal. Een beperkt aantal spelers, waarbij de hoofdrolspeler zich door een fout verleden, foute beslissing, foute man of een combinatie van die drie in de problemen werkt. Uitzonderingen daargelaten, dat is waar het verhaal over gaat. Al te bloemrijke omschrijvingen van locaties of personages zal je er niet in aantreffen. Niets mis mee, ik lees het in één ruk uit.

    Whudunnit-met-beleving
    Mijn verhaal Familiegeluk heeft twee hoofdpersonen en kent 36 personages. Dat klinkt zeer ontmoedigend, zelfs voor mij, dus laat ik daar direct aan toevoegen dat ze niet allemaal een even grote rol spelen.
    Ook speelt het zich af in twee tijdvakken: het begin van de zestiger jaren en het heden. So much for het klein houden.
    Daar komt nog eens bij dat ik dol ben op beeldende verhalen, zolang de omschrijving een doel dient anders dan de auteur zijn liefde voor het onderwerp. Ik probeer dit zelf ook toe te passen in mijn boek, zodat je als lezer niet alleen het gevoel hebt naast de betreffende personage in de kamer te staan, maar ook de koffie kan ruiken en de appeltaart kan proeven (wees gerust, een redacteur zal hier op een later tijdstip genadeloos over heen gaan).

    Laten we het er maar op houden dat mijn verhaal in het whudunnit-genre valt, want uiteindelijk zal de moord wel opgelost moeten worden. En dan maakt het ook kans op een nominatie van de Hebban Thriller Debuutprijs 2016.

    Lezen en meestemmen voor dit jaar?
    Wie de vijf genomineerden van dit jaar zijn lees je op de website van Hebban.
    Nummer zes op de shortlist wordt gekozen door de lezers van Hebban, uit een voorselectie van vijf debutanten. Als je bereid bent een account aan te maken, kun je stemmen via een stemformulier (tot 31 augustus).

     

     

  • Open tijdens de verbouwing

    Open tijdens de verbouwing

    Welkom!
    Je hebt me gevonden op het WereldWijdeWeb.
    Zichtbaar én in-wording.
    Dat is zoiets als ‘open tijdens de verbouwing’.
    Spannend.
    Ik hoop dat je door de steigers heen kunt kijken.
    Een mens moet toch ergens beginnen.
    En in hoeverre is een blog of eigen website ooit echt af?

    Een blog opzetten is geen sinecure, maar met een aantal goede handleidingen en (gratis) software kom je een heel eind.
    Ook mijn HTML-ervaring viert weer eens hoogtij, al stamt-ie uit de oertijd.
    De komende dagen zal ik druk bezig zijn met het optimaliseren van de huidige opzet en het vullen van de pagina’s.

    Vanaf september kun je hier elke week minimaal één bericht op terug vinden.
    Over inspiratie voor mijn schrijven, stoorzenders en het belang van een deadline en comfort.

    Ik zie je graag terug!

    P.S.
    Geïnteresseerd in een eigen blog?  De volgende artikelen helpen mij op weg:

  • Zij (inzending schrijfwedstrijd)

    Zij (inzending schrijfwedstrijd)

    De ruimte was te klein geworden, één van ons zou moeten vertrekken. Op korte termijn. Ik zag niet uit naar dat moment. Zolang ik me kon herinneren waren we bij elkaar geweest: zij en ik, een onafscheidelijk duo. Ik kon me een leven zonder haar simpelweg niet voorstellen.

    Ik bewoog en hoorde iets knappen.
    Ze keek op. ‘Wat is dat?’
    ‘Ik denk dat ik iets kapot heb gemaakt.’
    Haar gezicht kreeg een verschrikte uitdrukking.
    ‘Wat is er?’ vroeg ik.
    Ze wees naar beneden. Mijn blik volgde haar hand en nu zag ik het ook. Een gevoel van paniek bekroop mij. Tegelijkertijd ging mijn verstand in rationele overlevingsmodus.
    ‘We wisten dat dit zou gebeuren,’ zei ik rustig. ‘Nu weten we ook wie van ons vertrekt.’
    Ze kon mij alleen maar angstig aankijken. Ik wilde haar geruststellen, zeggen dat ik er altijd voor haar zou zijn, maar de woorden kwamen niet uit mijn mond. Want wat wist ik er van? Met een laatste blik op alles wat mij vertrouwd en dierbaar was, draaide ik mij om en begon de tocht naar het onbekende.

    Het gat dat ik had gemaakt, was groot genoeg om mij er doorheen te wurmen. Daarna werd het lastiger. De doorgang was nauw en hoe meer ik bewoog, hoe vaster ik kwam te zitten. Op mijn netvlies stond het laatste beeld van haar gebrand, en mijn hart kromp ineen bij de gedachte nooit meer samen te zijn. ‘Nu niet opgeven,’ sprak ik mijzelf streng toe en met alle kracht die ik in mij had, duwde ik mijzelf de lange smalle tunnel door.

    Een zee van helder licht overspoelde mij.
    ‘Jullie hebben een gezonde dochter,’ klonk een lage stem.
    Ik werd tegen iemand aangelegd en opende voorzichtig mijn ogen. Ik zag een onbekend gezicht en een onbeschrijfelijk gevoel van eenzaamheid overviel mij.

    Een man kwam aanlopen met een kleine bundel in zijn armen.
    ‘Ontmoet je tweelingzus,’ zei hij.
    Het enige wat ik kon doen was staren. Een vertrouwd paar ogen keek mij vreugdevol aan en ik voelde hoe mijn hart een sprong maakte. Later zou ik wel van haar horen waarom ze ook ons veilig onderkomen had verlaten. Het belangrijkste was nu dat ze er was. Hier. Bij mij.

    De man legde ons naast elkaar.
    ‘Kijk, ze passen precies,’ zei hij.
    Dat had ik hem ook kunnen vertellen.


    Dit is mijn inzending voor de korte verhalen wedstrijd 2015 van Heel Nederland Schrijft met als thema ´mijn mooiste herinnering´.

    Naar aanleiding van mijn deelname aan deze wedstrijd schreef ik ook de blog Schrijfwedstrijd, wel of niet meedoen? en Heel Nederland Schrijft, maar één Nederlander wint.

  • Hoe nuttig was jouw dag?

    Hoe nuttig was jouw dag?

    Natuurlijk ben ik zelf verantwoordelijk, dat nuttig bezig zijn. Het is immers mijn tijd. Of beter gesteld: mijn prioriteit.

    Had ik gisteravond maar één in plaats van twee afleveringen van House of Cards gekeken, dan was ik vandaag niet zo moe geweest. …
    Had ik meer zelfdiscipline, dan had ik de kinderen strak om half negen bij de (vakantie)opvang afgeleverd. En niet pas om tien uur.

    Dat gezegd hebbende…
    Was de wasmachine van de week niet kapot gegaan, dan had ik vanaf vanochtend vroeg bij Dudok in de stad zitten schrijven, omdat ik daar oorspronkelijk om half één een afspraak had (het idee hier is dat ik dan zeer gefocust bezig zou zijn geweest, in de wetenschap dat het er ‘s middags niet meer van zou komen). Nu moest ik de hele dag thuis zijn, omdat het nieuwe exemplaar ergens-op-de-dag geleverd zou worden. Uiteraard pas om vier uur. En met achterlaten van een levensgevaarlijk (want glad) spoor van water door het hele huis (’mevrouwtje, uw oude wasmachine lekt’).

    Had onze oudste niet bedacht dat hij vandaag de opvang toch echt niet zag zitten, dan had ik vanaf half elf tot vier uur door kunnen schrijven. Nu werd ik om half twaalf gebeld met de mededeling dat hijvannegen boos was weggelopen en niet meer voor rede vatbaar was. Ervaring leert, dus werd het een ritje naar de parkeerplaats, waar hij met een begeleidster stond te wachten. Dikke tranen en een gebakken ei van-hem-voor-mij om het goed te maken.

    Zo komt een mens toch niet in de schrijfflow?!
    Dan maar door mijn ongelezen e-mails, het merendeel door mijzelf, aan mijzelf gestuurd ter lering ende inspiratie. Een onhebbelijke gewoonte, want een uitpuilende email-box is nooit goed voor het gemoed. WordPress geopend en weer heel snel gesloten. Trap en gang gedweild na vertrek wasmachine-mannen. Kennisgemaakt met nieuwe wasmachine.

    Genoeg gemopper.
    Want uiteindelijk heb ik ook twee hele nuttige dingen gedaan.
    Ten eerste mijn inzending voor de korte verhalen wedstrijd van Heel Nederland Schrijft ingekort van 650 naar 400 woorden. Hierover een andere keer meer.
    Ten tweede mij ingeschreven voor een stilteweekend in een klooster in Gelderland later dit jaar (bucketlist, dank Jikke).

    En vanavond ga ik echt op tijd slapen.