prioriteit Archieven - barbarasevenstern.nl

Tag: prioriteit

  • De toewijding van de schrijver

    De toewijding van de schrijver

    Met drie kinderen in de basisschoolleeftijd is de zomervakantie – en in feite elke kindervakantie – mijn minst productieve periode als schrijver. Best frustrerend en de grote vraag die zich bij mij opdringt, is: ben ik wel toegewijd genoeg aan mijn boek?

    Er zijn schrijvers die om vijf uur ’s ochtends opstaan, zodat ze tegen achten al drie uur hebben geschreven. Ook zijn er die ’s nachts schrijven, wanneer iedereen op bed ligt. Of tussendoor, op elk moment dat ze tijd over hebben.

    Ik ben niet één van die mensen. 

    Afleiding

    ’s Ochtends vroeg ben ik überhaupt niet op mijn best en als ik ’s avonds opleef, richt mijn hernieuwde energie zich voornamelijk op samen met echtgenoot een serie kijken. Het liefst met een fles glas wijn en een schaal nootjes binnen handbereik. En die tussendoor momenten? Dan grijp ik naar mijn mobiele telefoon voor de laatste Achterklaproddels, social media berichten of stylingtips en foodporn op Pinterest.

    Focus

    Waarom? Omdat ik binnen die vijftien minuten die ik heb niet de focus op kan brengen om te schrijven. Een blog dient zich niet aan op het moment dat ik weet dat mijn tijd beperkt is en het herschrijven van mijn manuscript vraagt om een flow die zich überhaupt pas voordoet na enkele uren zwoegen op de tekst.

    Frustratie

    En ja, daar komt ook Frustratie om de hoek kijken. Frustratie uit zich niet alleen in chagrijn en ongeduld, ze is ook meesteres in ontkennen en uitstellen. Dat klinkt tegenstrijdig. Frustratie zou juist ten strijde moeten trekken tegen de barrières die mijn schrijfactiviteiten in de weg zitten. Frustratie zou met haar vuist op tafel moeten slaan en de kinderen vertellen dat het thuis geen hotel is en dat ze prima zichzelf een paar uur zelf kunnen vermaken, terwijl mama boven aan het werk is. Frustratie zou dapper genoeg moeten zijn om echtgenoot te vertellen dat schrijven nou eenmaal belangrijk voor haar is en dat hij daarom tijdens de vakantie twee dagen in de week op de kinderen moet passen en alleen naar Netflix zal moeten kijken. Maar Frustratie zwijgt in alle talen.

    Schuldgevoel

    Frustratie wordt namelijk bestreden door Schuldgevoel. En Schuldgevoel is veel sterker dan Frustratie. Schuldgevoel vindt dat ik een slechte moeder ben als ik de kinderen een paar uur alleen beneden laat, zeker als het betekent dat ze achter een schermpje kruipen. En aangezien echtgenoot hier voor het brood op tafel zorgt (zodat ik dat boek kan schrijven), is Schuldgevoel van mening dat ik op z’n minst die moedertaak op mij kan nemen in plaats van echtgenoot hiervoor in te schakelen. Schuldgevoel is daar heel duidelijk in: alleen als ik geld verdien met schrijven of aan een opdrachtgever verantwoording heb af te leggen, dan pas heb ik het recht om op mijn strepen te staan.

    Prioriteit

    Dit alles werd me maar weer eens duidelijk, toen ik enkele weken geleden voor een betaalde communicatieopdracht werd gevraagd. In de vakantieperiode, met alle kinderen thuis, heb ik bij echtgenoot werkdagen geclaimd in de agenda. Ik heb besprekingen gevoerd op locatie, ben ’s ochtends vroeg opgestaan om op zolder te gaan werken en heb de kinderen meegenomen naar de indoor in plaats van de dierentuin, zodat ik mij met een laptop kon terugtrekken. Het enige wat ik niet heb gedaan, is echtgenoot alleen Netflix laten kijken. Er zijn tenslotte grenzen.

    De vraag is of het erg is dat ik mijn schrijverschap nog steeds niet op hetzelfde niveau zet als een betaalde opdracht met een opdrachtgever en een deadline. Volgens Schuldgevoel uiteraard niet. Frustratie heeft hier onverwacht wat anders over te zeggen. Want waarom is ‘moeten leveren’ sterker dan ‘willen schrijven’?

    ‘Ho!’ roept Frustratie verontwaardigd uit. ‘Waren de kinderen ontroostbaar toen je een paar uur achter de computer kroop? En deed echtgenoot moeilijk over het extra opvangen van de kinderen?’ Ik zwijg, wetend wat het antwoord is. ‘Nou dan,’ zegt Frustratie, nu op meer begripvolle toon. ‘Waar wacht je nog op?’

  • Vervelende klusjes eerst?

    Vervelende klusjes eerst?

    Ik mag mij verheugen over een zeer flexibele echtgenoot, maar als ik hem ergens mee de kast op krijg, dan is het wel een slechte planning (oké, en dat vergeten hardgekookte ei in mijn tas). Echtgenoot is van het type ‘vervelende klusjes eerst’, wat in mijn ogen de kans op de leuke zaken in het leven angstvallig verminderd.

    Er is immers altijd wel een vervelend klusje te doen. Wat niet wil zeggen dat ik er onwelwillend tegenover sta, sommige dingen horen er nou eenmaal bij. Ik geloof alleen dat er voor alles een tijd en plaats is.

    Thuiswerken

    Mensen vragen mij vaak genoeg hoe ik thuis kan werken, wetende dat de wasmand overloopt of een kinderkamer zich in staat van ontploffing bevindt. Mijn antwoord is heel simpel: ik stoor mij er niet aan. Ik trek de deur van mijn werkkamer dicht en de rest kan mij gestolen worden. Een was die door echtgenoot ´s ochtends voor vertrek nog snel in de machine is gestopt, kan dus gerust drie uur in de trommel blijven zitten. Schrijftijd is schrijftijd.

    Efficiency

    Een ander ding is dat ik de tijdrovende, vervelende klusjes graag bundel. Een aantal in de ochtend in plaats van elke dag één. En omdat het uitgangspunt hiervan efficiency is, betekent dat een bezoek aan de schoenmaker beter combineert met een bezoek aan de daar in de buurt gelegen opticien dan met het opruimen van de zolder. Nog los van het feit dat die laatste klus minstens vraagt om een week in plaats van een ochtend.

    De noodzaak voor schoenmaker en opticien moet wel gelijktijdig vallen, anders kan ik weken rond blijven lopen met een afglijdende bril. Ik geef toe, dat is een makke in mijn planning, of in ieder geval de uitvoering ervan.

    Focus (of het gebrek er aan)

    Een ander aandachtspuntje is focus. Wellicht is het iets vrouwelijks, maar tijdens het uitvoeren van mijn vervelende klusjes word ik constant afgeleid door andere zaken. Dat begint al in de ochtend. Daar waar echtgenoot om kwart voor negen de boodschappen reeds heeft gedaan, zit ik nog met een cappuccino aan tafel door mijn social media te scrollen. In plaats van dat ik direct na het naar school brengen van de kinderen aan mijn klussen begin, gun ik mijzelf nog even dat momentje.

    Daar waar echtgenoot in de auto springt en gericht de diverse locaties afgaat waar zijn lijstje hem naar toe leidt, valt mijn oog bij het verlaten van locatie één op een nieuwe kledingwinkel waar mijn naam nog net niet op de voorgevel staat geschreven. Ik moet een kwartier wachten tot hij opent, dus dat is te overzien. Hoe vaak ben ik tenslotte in deze buurt? Precies, nooit. En was ik niet opzoek naar net zo’n jas als in de etalage?

    Prioriteit

    Natuurlijk ben ik mij bewust van het effect van die minder strakke planning op anderen. Zo kan ik het niet maken te laat op school te komen (kinderen ophalen), wil ik ook elke dag kunnen eten (boodschappen) en probeer ik niet pas te vertrekken op het tijdstip dat ik eigenlijk ergens had moeten zijn (afspraak met echtgenoot, veel van mijn vriendinnen zijn zelf notoire laatkomers). Uiteindelijk gaat het allemaal om prioriteit en keuzes (durven) maken.

    Vrijheid

    Het positieve van een minder strakke uitvoering van mijn takenlijstjes, naast een onverwachte nieuwe winterjas, is dat het mij een enorm gevoel van vrijheid geeft. Een meer gedisciplineerd persoon krijgt geheid stress of een gevoel van irritatie van mijn (in hun ogen) uitstelgedrag. Mij bieden de detours een adempauze, enerzijds uit mijn hoofd (door het winkelen) anderzijds uit het geren (door toch die cappuccino te drinken). Naast mijn schrijf-werkzaamheden zijn zulke momentjes voor en vooral ook met mijzelf, belangrijk in een week die voor een groot deel bestaat uit ervoor zorgen dat de Family Company soepel blijft draaien.

    En jij? Hoe zit het met jouw vervelende klusjes?

     

    Deze blog is ook gepubliceerd bij de Mama Company

  • Alle tijd van de wereld…of toch niet?

    Alle tijd van de wereld…of toch niet?

    ‘Zullen we nog met z’n allen afspreken voor de zomervakantie?’ Vriendin kijkt mij vragend aan.  Het lijkt mij een goed idee.  ‘Ergens in de komende vijf weken,’ zegt vriendin nu, ‘wij gaan die laatste schooldag al weg.’

    Vijf weken? Begint de zomervakantie werkelijk al over een dikke maand?
    Los van het weer, dat de afgelopen weken meer de associatie met herfst dan zomer oproept, heb ik het gevoel dat het schooljaar pas net gestart is. Zelfs mijn oudste verzucht ´s avonds in zijn bed dat ´dit jaar echt heel snel voorbij is gegaan.´

    Zorg

    Wat is hier mijn punt? Niet dat de tijd voorbij lijkt te vliegen. Ik maak me geen zorgen dat ik te weinig nieuwe dingen op zou pakken, waardoor mijn dagen te veel op elkaar gaan lijken (en mijn tijdsbesef minder wordt). Nee, mijn zorg ligt in het feit dat ik denk nog wel tijd te hebben.

    Zin en tunnelvisie

    Ik heb het over de stap voorafgaand aan het uitstelgedrag waar Jeske bij De Mama Company vorige week zo herkenbaar over schreef. Waarom stellen we dingen uit? Niet alleen omdat we er geen zin in hebben of omdat het even niet uitkomt. Ook het argument dat het blijkbaar niet belangrijk genoeg is, vind ik te makkelijk. In een leven van werk en gezin is één van de grootste valkuilen een zekere tunnelvisie op de hectiek van de dag. Dat zegt niets over de waarde die wij hechten aan de dingen daarbuiten.

    We stellen dingen ook uit omdat we denken dat we nog wel tijd hebben.
    Maar wat als die er niet blijkt te zijn?

    Te overzien

    In het geval van het opruimen van een kast of het schrijven van een blog is dit nog wel te overzien. De consequentie is hooguit een geïrriteerde omgeving en wat extra stress. En laten we wel zijn, als je zelf morgen het loodje legt, heb je daarna persoonlijk nergens last vast.

    Onmogelijk

    Anders is het, als dat wat je hebt uitgesteld niet meer mogelijk is. De inhoud van de kast is door een zwaarbeproefde huisgenoot met het grofvuil meegegeven. Je blogonderwerp blijkt door een collega-blogger opgepakt. Of degene met wie je af zou spreken, is niet meer in staat dit te doen.

    Opluchting versus verdriet

    In het meest positieve geval leidt dit tot opluchting. De hoofdreden van het uitstellen van de klus bleek dat je hem niet aankon. Ik durf te stellen dat dit maar een enkele keer zo is. In de meeste gevallen zul je op z’n minst balen van de gemiste kans en je eigen uitstelgedrag dat daar de oorzaak van is. En in het geval van de afspraak ben je ook nog eens verdrietig. Spullen, opdrachten en ideeën zijn vervangbaar. Mensen zijn dat niet.

    Tijd

    Mijn boodschap in deze? Weet wat je uitstelt.
    Jij hebt misschien wel de tijd, maar je omgeving heeft dat wellicht niet.

    Deze blog is ook gepubliceerd bij De Mama Company.

  • Hoe nuttig was jouw dag?

    Hoe nuttig was jouw dag?

    Natuurlijk ben ik zelf verantwoordelijk, dat nuttig bezig zijn. Het is immers mijn tijd. Of beter gesteld: mijn prioriteit.

    Had ik gisteravond maar één in plaats van twee afleveringen van House of Cards gekeken, dan was ik vandaag niet zo moe geweest. …
    Had ik meer zelfdiscipline, dan had ik de kinderen strak om half negen bij de (vakantie)opvang afgeleverd. En niet pas om tien uur.

    Dat gezegd hebbende…
    Was de wasmachine van de week niet kapot gegaan, dan had ik vanaf vanochtend vroeg bij Dudok in de stad zitten schrijven, omdat ik daar oorspronkelijk om half één een afspraak had (het idee hier is dat ik dan zeer gefocust bezig zou zijn geweest, in de wetenschap dat het er ‘s middags niet meer van zou komen). Nu moest ik de hele dag thuis zijn, omdat het nieuwe exemplaar ergens-op-de-dag geleverd zou worden. Uiteraard pas om vier uur. En met achterlaten van een levensgevaarlijk (want glad) spoor van water door het hele huis (’mevrouwtje, uw oude wasmachine lekt’).

    Had onze oudste niet bedacht dat hij vandaag de opvang toch echt niet zag zitten, dan had ik vanaf half elf tot vier uur door kunnen schrijven. Nu werd ik om half twaalf gebeld met de mededeling dat hijvannegen boos was weggelopen en niet meer voor rede vatbaar was. Ervaring leert, dus werd het een ritje naar de parkeerplaats, waar hij met een begeleidster stond te wachten. Dikke tranen en een gebakken ei van-hem-voor-mij om het goed te maken.

    Zo komt een mens toch niet in de schrijfflow?!
    Dan maar door mijn ongelezen e-mails, het merendeel door mijzelf, aan mijzelf gestuurd ter lering ende inspiratie. Een onhebbelijke gewoonte, want een uitpuilende email-box is nooit goed voor het gemoed. WordPress geopend en weer heel snel gesloten. Trap en gang gedweild na vertrek wasmachine-mannen. Kennisgemaakt met nieuwe wasmachine.

    Genoeg gemopper.
    Want uiteindelijk heb ik ook twee hele nuttige dingen gedaan.
    Ten eerste mijn inzending voor de korte verhalen wedstrijd van Heel Nederland Schrijft ingekort van 650 naar 400 woorden. Hierover een andere keer meer.
    Ten tweede mij ingeschreven voor een stilteweekend in een klooster in Gelderland later dit jaar (bucketlist, dank Jikke).

    En vanavond ga ik echt op tijd slapen.