dwars Archieven - barbarasevenstern.nl

Tag: dwars

  • Opvoeders gezocht!

    Opvoeders gezocht!

    Als er één onderwerp is waarbij je ongevraagd advies beter achterwege kan laten, dan is het wel opvoeden. Vele vriendschappen zijn gestrand of op z’n minst bekoeld door goedbedoelde tips rondom verantwoord ouderschap.

    Dit klinkt wellicht bizar als je kijkt naar de hoeveelheid websites, tijdschriften en boeken over opvoeden. En wie zelf kinderen heeft, weet als geen ander dat er momenten zijn waarbij inhoudelijke hulp van harte welkom is. Waarom voelt advies vanuit de omgeving dan toch snel als kritiek?

    In deze gezinnen waren de kinderen de baas

    Toen echtgenoot en ikzelf nog geen kinderen hadden, keken we vaak naar de Nanny (niet die hysterische Amerikaanse serie, maar de Engelse ‘that behaviour is unacceptable’ Jo Frost). We verwonderden ons over het onbeheerste gedrag van peuters en kleuters, maar vooral over de totale verslagenheid van hun ouders. In deze gezinnen waren de kinderen de baas, dat zou ons toch echt niet overkomen! Inmiddels drie eigen kinderen verder, weet ik dat het ideale gezin niet bestaat en dat er verschillende redenen zijn waarom je als ouders water bij de wijn doet.

    Over een andere boeg

    Zelf denk ik dat het hebben van een kind met ADHD en ODD mij gedwongen heeft nog meer over mijn eigen opvoedstijl na te denken. Immers, als de bekende regels niet werken, zal je het over een andere boeg moeten gooien. Wanneer je kind snel overprikkeld raakt en alles letterlijk neemt, dien je als ouders extreem helder te zijn in je communicatie. Wanneer hij bij het minst of geringste opstandig, dwars en driftig wordt, is het des te belangrijker om te weten welke confrontatie je als ouder wel aangaat en welke je laat voor wat hij is.

    Discussie met een twee-jarige

    Het moge duidelijk zijn dat ik nogal wat vind van de allesbepalende rol die ouders hebben in relatie tot het gedrag van hun kinderen. Gelukkig ben ik daarin niet de enige. Vorige maand mocht Filemon Wesselink aanschuiven bij RTL Late Night, hij had samen met zijn zus Clarinde Wesselink het kinderboek ‘Papa zegt ja’ geschreven. Over het ja zeggen van ouders, wanneer het eigenlijk nee moet zijn.

    Het gesprek aan tafel zette mij aan het denken, niet in het minst vanwege de YouTube filmpjes die werden getoond om aan te geven hoe feilloos ons ogenschijnlijk onschuldig nageslacht inspeelt op de wankele houding van ons, de ouders. Discussie met een tweejarige over wel of niet alleen gaan fietsen, eerst nee zeggen en dan toch ja zeggen over wel of niet op een schommel. Het zijn allemaal zaken waarvan we weten dat we ze niet zouden moeten doen, maar waar we ons – geef toe – allemaal wel eens schuldig aan hebben gemaakt. Terwijl we ook allemaal weten dat het leidt tot het creëren van monsters.

    Het kind of het filmpje

    Mij gaat het hier echter niet om de toegeeflijkheid van de ouders, maar om de filmpjes. Oké, ze zijn hilarisch, omdat ze herkenbaar zijn en omdat je weet wat er gaat gebeuren. Maar ik krijg er ook een ongemakkelijk gevoel van. In mijn ogen zijn deze ouders veel meer bezig met het maken van een leuk filmpje dan met hun kind.

    Wat als deze ouders hun camera’s hadden weggelegd en hun kind op ooghoogte hadden aangesproken of desnoods onder de arm meegenomen? Dan was er vast veel gekrijs geweest en zeker geen grappig filmpje. Maar er waren wel duidelijke grenzen gesteld. Misschien is dat iets om een volgend keer over na te denken, voordat we besluiten een discussie met ons kind aan te gaan voor een grappig filmpje op YouTube.

  • Waarom je niet met ruzie moet gaan slapen

    Waarom je niet met ruzie moet gaan slapen

    Gisteravond was het weer zo ver. De oudste mocht toch nog een filmpje extra kijken, maar daarna was het klaar-over-en-uit. Luid gapend lag hij tegenover mij op de bank naar zijn schermpje te staren; het was duidelijk dat hij al lang in bed had moeten liggen.

    Maar leg hem dat maar eens uit.

    Een onverwachte beweging deed mij opkijken. Op zijn scherm had het bewuste filmpje plaatsgemaakt voor een spelletje. Dat was niet de bedoeling!

    Maar leg hem dat maar eens uit.

    Tijdrekken (‘wat zeg je?’), de onschuld spelen (‘ik gá ook afsluiten’ en ondertussen doorgaan met spelen), de boel omdraaien (‘je hoeft niet boos te worden, ik doe toch helemaal niets?’) tot en met mij buiten spel zetten (‘papa zou mij naar bed brengen’), alles kwam weer eens voorbij. Ik zal je zeggen, ik had het totaal met hem gehad.

    En hij met mij, dat was duidelijk. Toen echtgenoot weer beneden kwam, de oudste veilig in bed, was de heldere boodschap dat ik niet meer naar boven hoefde te komen.
    ‘Maar ik geef altijd een kus voor het slapen,’ zei ik verontwaardigd.
    ‘Ik zou het nu maar niet doen, hij wil het niet.’
    ‘Dat kan me niet schelen, ik wil het wel en ik ga niet zo de dag afronden,’ was mijn koppige reactie.
    ‘Op je eigen risico,’ antwoordde echtgenoot berustend.

    Met een ietwat onbestemd gevoel (de angst voor afwijzing ligt altijd op de loer) liep ik de trap op naar boven. In zijn kamer lag de oudste op zijn rug met zijn ogen dicht te doen alsof hij sliep. Ik boog mij voorover en drukte een kus op zijn wang. ‘Lekker slapen, schat,’ zei ik op neutrale toon. ‘Zo te zien doe je dat al.’ Bewegingloos bleef hij liggen. ‘Slaap je?’ fluisterde ik, wetend wat het antwoord was, maar benieuwd of hij zou reageren. Een kort trekken van zijn mondhoeken was de enige reactie. ‘Ja, je was ook zo moe.’ Ik sprak het uit alsof hij drie is in plaats van bijna twaalf, omdat ik weet dat hij dat grappig vindt.
    ‘O mama!’ riep hij toch nog onverwacht uit. ‘Ik kan het gewoon niet volhouden, dat niet lachen.’

    Als ik beneden kom, kijkt echtgenoot mij vanaf de bank vragend aan. ‘En?’ Ik haal mijn schouders op. ‘Niets aan de hand,’ antwoord ik naar waarheid.


    Bovenstaand verhaaltje komt van de Facebookpagina levenmetadhd.net, waarin ik wekelijks mijn eigen ervaringsverhalen deel over het hebben van een kind met ADHD en ODD. Ik hoop hiermee andere ouders en verzorgers te inspireren of op z´n minst een hart onder de riem te steken.

  • Het breinmysterie

    Het breinmysterie

    Dinsdagavond was VU-hoogleraar neuropsychologie Jelle Jolles bij RTL Late Night. Hij heeft een boek geschreven over het pubertienerbrein. Ik zat direct rechtop, niet alleen omdat ik mijn oudste verdenk van beginnend puberaal gedrag, maar ook omdat de werking van ons brein mij mateloos intrigeert.

    Waarom werkt het bij mij anders dan bij echtgenoot of mijn kinderen? Of tussen jongens en meisjes? En zien de hersenen van iemand met een gedragsstoornis er anders uit dan die van iemand zonder?

    Het menselijke brein is hot

    Vragen waar het boek van Jolles wellicht antwoord op geeft, om nog maar te zwijgen over de vele andere, laagdrempelige brein-boeken die er de afgelopen jaren op de markt zijn gekomen. Ik noem hier Het maakbare brein van Margriet Sitskoorn, Wij zijn ons brein van Dick Swaab, De vrouwelijke hersenen van Louann Brizendine of Het puberende brein van Eveline Crone, het menselijk brein is onomstotelijk hot.

    Ik geef direct toe, veel van die boeken bereiken mijn boekenkast, maar worden meer als naslag gebruikt dan van voor naar achteren uitgelezen. Informatie over de prefrontale cortex is voor mij als leek gedurende een beperkte periode te volgen en wellicht sta jij nu ook op het punt af te haken bij deze blog.

    Dan maar snel door naar de reden van mijn fascinatie voor het menselijk brein: het simpele feit dat het ons handelen bepaalt. En wie het waarom weet, kan adequaat reageren of op zijn minst meer begrip opbrengen voor ongewenst gedrag.

    Hoe braaf zijn meisjes werkelijk?

    De meeste van ons weten dat meisjes over het algemeen communicatiever zijn dan jongens. Gezien het onderwerp van deze blog zal het je niet verbazen dat de oorzaak hiervan terug te vinden is in de hersenstructuur.

    Wist jij ook dat die afwijking in de hersenstructuur tussen jongens en meisjes ervoor zorgt dat meisjes veel beter verschillende nuances in een stem horen dan jongens? Daar waar jouw zoon constant dezelfde toonhoogte hoort, heeft jouw dochter al lang door dat je flink geïrriteerd begint te raken. Zij besluit eieren voor haar geld te kiezen en bindt in, terwijl hij rustig doorgaat met het gedrag wat zo op jouw zenuwen werkt. Dochterlief lijkt op zo’n moment veel braver dan die zoon, maar ze is het niet. Haar hersenen werken simpelweg anders, waardoor ze beter hoort.

    We moeten dingen leren en dat kost tijd

    Iedereen begrijpt dat een kind die je achter de piano zet, niet direct een sonate zal spelen (en als hij dat wel doet, er iets heel bijzonders aan de hand is). En een peuter eet niet direct met mes en vork. We moeten dingen leren en dat kost tijd. Het frappante is dat we bij kleine kinderen vaak veel meer geduld op kunnen brengen dan bij grotere kinderen. We vinden het logisch dat een peuter nog niet alles kan. En als hij boos begint te krijsen, zeggen we begripvol dat hij gefrustreerd is. Naarmate die peuter groter wordt, neemt ons begrip af, zeker wanneer het kind in kwestie een grote mond begint te krijgen.

    De meeste ruzies tussen ouders en kinderen gaan over plannen, organiseren en morele kaders en grenzen bepalen. Zeker in de pubertijd, en in het geval van kinderen met een gedragsstoornis als ADHD of ODD al veel eerder. Wat heeft dit nu met ons brein te maken? Heel veel!

    Zelfstandig werkende tieners? Vergeet het maar!

    De mate waarin wij in staat zijn genoemde activiteiten toe te passen, wordt namelijk geregeld voor in de hersenen, in de eerder genoemde prefrontale cortex, en die is bij pubers nog onrijp (sinds een paar jaar is bekend dat het brein pas is uitgerijpt als je 23 of 25 jaar bent). Hun hersenen kunnen simpelweg nog niet de genoemde taken uitvoeren op het volwassen niveau dat vaak van hen verwacht wordt.

    Betekent dit dat wij hen dan maar hun gang moeten laten gaan? Nee, natuurlijk niet. In tegenstelling tot wat hun opstandige reactie doet vermoeden, hebben zij onze begeleiding juist zeer nodig. Swaab roept in zijn boek Wij zijn ons brein dan ook terecht de vraag op hoe realistisch dat zelfstandig werken in een studiehuis is?

    Ook tieners hebben houvast nodig

    Kijk, daar kan ik wat mee. Net zoals met de waarschuwing van de eerder genoemde Jolles, dat scholen en ouders geneigd zijn bij de begeleiding van kinderen primair in te zetten op cognitieve ontwikkeling: taal, rekenen, zaakvakken et cetera. Daarbij wordt te makkelijk voorbij gegaan aan de sterktes en zwaktes van kinderen op het gebied van zelfinzicht, leren hoe je moet leren en naar elkaar te luisteren, zelfregulatie en planning (de zogenoemde executieve functies). Het gaat er bij Jolles om kinderen houvast te geven, precies wat Swaab ook al eerder schreef. Hoe je dat doet? Door met ze te praten, open vragen te stellen, structuur en duidelijkheid te bieden.

    De kracht van de lange adem

    Het klinkt allemaal heel logisch. En idealistisch. Want wie met een opstandig en dwars kind te maken heeft, weet dat alles van twee kanten moet komen, wil het werken. Dat vraagt om veel flexibiliteit, relativeringsvermogen en een lange adem.

    En toch geloof ik dat ondanks alle negatieve reacties er altijd wat tot die kinderhersenen doordringt, als is het maar dat je kind ziet dat jij niet schreeuwt en hem aankijkt als je tegen hem praat. En met dat in gedachte, tel ik tot tien, haal ik diep adem en vertel hem nogmaals vriendelijk dat hij nu zijn huiswerk moet gaan maken.

    Deze blog is ook gepubliceerd bij De Mama Company